Henk en Connie en Le Pen

Wat zouden Henk en Connie eigenlijk vinden van de komst van Marine Le Pen? Henk en Connie Louer, hogedrukspuiter en schoonmaakvoorvrouw, tevens PVV-stemmers uit Tilburg-Oost. Deze zomer zocht ik hen thuis op. Henk en Connie zetten zich nu al maanden met overgave in voor de Afghaanse asielzoeker Sharif Salihi.

Vijf jaar geleden, op zijn veertiende, kwam Sharif hier in zijn eentje aan. Deze zomer dreigde hij plotseling het land te worden uitgezet. Henk en Connie hadden Sharif leren kennen als een „betrouwbare, goudeerlijke” harde werker bij Autosloperij Smulders, het bedrijf van Henks neef. Ze stuurden drie protestbrieven per aangetekende post: één aan de koning, één aan de koningin, en eentje aan staatssecretaris Teeven. Ze schakelden familie en vrienden en de lokale media in, zamelden geld in voor Sharif en openden een Facebook-pagina.

En nu?

Sharif werkt nog steeds bij Autosloperij Smulders, logeert bij een Afghaanse vriend in Tilburg en staat intussen ingeschreven bij een asielzoekerscentrum in Limburg, zei Connie aan de telefoon – Henk was aan het werk. Zijn oude AZC in Oisterwijk was te vol. Maar hij heeft weer een voorlopige verblijfsvergunning, tot eind volgend jaar. Defense for Children „en iedereen” bemoeit zich nu dankzij Henk en Connie met de zaak, die opnieuw door de IND wordt bekeken. Het ziet er hoopvol uit.

Sharif moet voorlopig iedere donderdag naar het AZC in Limburg om een stempel te halen. En iedere donderdag rijdt iemand van Autosloperij Smulders hem daar trouw naartoe. Maar Willem-Alexander, Máxima en „die Teeven”? De koning stuurde een standaardbriefje van ontvangst en van Teeven hebben ze nooit meer iets gehoord. Zo, zei Connie, blijf je dus vanzelf wel voor Wilders. Al moest ze toegeven dat ook die geen poot had uitgestoken. „Dat is het dubbele”, zegt Connie vaak bij zulke tegenstrijdigheden.

Maar goed. Wilders en Marine Le Pen dus, zei ik.

„Wat is er eigenlijk met die mevrouw?” vroeg Connie.

„Ze zijn allebei tegen Europa.”

„Nou já”, zei Connie. „Waarom?”

„Te anders? Te duur?”

„Alles is duur”, zei Connie. „Dat is normaal.”

„Le Pens partij is nogal geliefd bij extreemrechts”, zei ik.

Connie: „Wat is dat?”

Ik: „Dat zit wel tegen de Jodenhaat aan. Daar zijn ze van beschuldigd.”

Connie: „En Wilders gaat haar ontmoeten? Nou. Wel een beetje dubbel.”

Connie pauzeerde. „Dan weet ik eigenlijk niet of ik nog op Wilders stem. Daar houden wij helemáál niet van.”

Henks vader zat bij de ondergrondse, vertelde Connie. Die smokkelde Joden in de onderduik via het ‘Bels Lijntje’, genoemd naar de spoorlijn Tilburg-Turnhout. Beider ouders stemden later PvdA. Maar toen er steeds meer immigranten in Tilburg kwamen wonen, en het maar niet lukte om die te leren kennen, toen werden ze „echt het type vol is vol”. Ze gingen Fortuyn stemmen, en daarna dus Wilders.

„En nu hebben we het opeens over Le Pen en het Bels Lijntje”, zei ik.

„Ja, hè”, zei Connie. „Dat is wel het dubbele.”

Margriet Oostveen (m.oostveen@nrc.nl) schrijft op deze plek een wisselcolumn met Arjen van Veelen (a.v.veelen@nrc.nl)