‘Nog niets gehoord van broers en hun kinderen’

Imelda Oudakker-Insico woont al 25 jaar in Nederland. Ze zoekt contact met haar familie die in het rampgebied woont.

Imelda Oudakker-Insico (48) was twee weken geleden nog bij haar familie in het stadje Giporlos, op het Filippijnse eiland Samar – hemelsbreed niet meer dan 50 kilometer ten westen van Tacloban, net iets boven de baan die de tyfoon Haiyan heeft gevolgd. En nu vraagt de Rotterdamse zich vertwijfeld af hoe het gaat met haar vier broers en hun kinderen.

Sinds de storm heeft ze nog geen contact met ze gehad. De enige informatie kwam zondag van een dochter van haar broer, die in Manila woont. Zij wist heel even tot Giporlos door te dringen en ze kon vertellen dat niemand van de naaste familie op de dodenlijst staat die in de stad rondgaat.

Normaal verloopt de communicatie moeiteloos, vertelt Imelda’s echtgenoot Jacques Oudakker in een telefoongesprek. „We kunnen als het nodig is tegenwoordig binnen een uur geld overmaken, voor een dokter bijvoorbeeld.” Maar nu lukt het niet. Het laatste contact was van voor de storm. Toen heeft Imelda haar broer, die in een houten huis woont met een rieten dak, dringend gevraagd om naar familie te gaan met een steviger huis. Andere familieleden konden terecht in het huisje dat Imelda en Jacques, die inmiddels 25 jaar getrouwd zijn, in Giporlos hebben laten bouwen – al weten ze niet zeker of dat er nog wel staat.

„We hebben daar wel wat opgebouwd”, vertelt Jacques Oudakker (55), die vrij nam om zijn vrouw bij te staan. „Maar er zal wel niet meer veel van over zijn. Op Youtube staat een filmpje waarop de burgemeester vertelt dat 90 tot 95 procent van Giporlos kapot is. Daarop zie je ook foto’s van de straten, die we ondanks de verwoestingen herkennen. Alles is weg.”

„Humanitaire hulp is nu het belangrijkste”, zegt Oudakker. „Maar de kustroute is helemaal weggeslagen. Daar kun je alleen nog met een crossmotor overheen. Gelukkig hebben ze op de Filippijnen veel helikopters, juist voor dit soort situaties. Nu is dat de enige manier om hulp te brengen.”

Imelda Oudakker heeft voortdurend contact met familie buiten het rampgebied. „We willen een delegatie van de familie met eerste levensbehoeften naar Giporlos sturen. Maar dan moeten eerst de wegen weer begaanbaar zijn. Het schijnt dat de San Juanicobrug, de enige toegang tot het gebied, al weer enigszins hersteld is. Maar Tacloban is een warzone.”

Toen zijn vrouw twee weken geleden terugkwam, vertelde ze Jacques dat het klimaat anders is geworden. Zoveel warmte in deze tijd van het jaar, dat had ze nog nooit meegemaakt. „Ze zijn wel wat gewend op de Filippijnen”, zegt Oudakker. „Maar dit was extreem. Het gaat jaren duren voordat Giporlos weer is opgebouwd.”