Kunt u schrijven dat ik op zoek ben naar kapitein Sherwin?

Op het vliegveld van Cebu kruisen vluchtelingen en hulpverleners elkaar De een wil zo snel mogelijk weg, de ander probeert te helpen De overledenen waren voorbereid op wind, niet op golven

foto AP

Correspondent Zuidoost-Azië

De nachtmerrie die de een net verlaten heeft, is de bestemming waar de ander naar snakt. De een wil weg van de lijken, de gewonden, de plunderaars, de stank en de kaalslag. De ander wil zoeken naar vader, moeder, oma of opa, op de been gehouden door dat ene krakende telefoontje van tien seconden dat dient als teken van leven. Op het vliegveld van Cebu, aan de rand van het gebied dat verwoest is door tyfoon Haiyan, wil iedereen ergens anders zijn.

Janice Cobacha (25) zit te beven op een plastic stoeltje voor de vertrekhal. Ze wil, nee moet, naar de verwoeste stad Tacloban op het zwaar getroffen eiland Leyte. ,,Mijn vader leeft nog, maar meer weet ik ook niet. Ik wil mijn familie in Tacloban helpen want het is er gevaarlijk. Iedereen steelt van elkaar om in leven te blijven. En er zijn gevangenen ontsnapt”, zegt Cobacha, in het Amerikaanse accent dat ze geleerd heeft in het callcenter waar ze werkt. Cobacha toont een beduimeld schrift waar ze telefoonnummers in gekrabbeld heeft van mensen die haar misschien verder kunnen helpen.

Maar het rampgebied is zeer geïsoleerd. Mondjesmaat arriveren militaire C130 Herculestoestellen op het vliegveld van Tacloban om noodvoorzieningen te leveren en slachtoffers te evacueren. Cobacha wacht al drie dagen op een plekje in een vliegtuig, tot nu toe zonder succes. Cobacha: ,,Ik heb een neef in Florida die in de Amerikaanse marine zit. Kunt u schrijven dat ik op zoek ben naar kapitein Sherwin Claros Separa? Als hij dat hoort, zal hij mij komen helpen.”

Een tekort aan alles

De Filippijnen zijn een eilandenrijk, met als gevolg dat er een enorme flessenhals is ontstaan. Iedereen - journalisten, reddingswerkers, militairen, politie, ramptoeristen - moet middels één van de twee beschikbare routes Leyte bereiken: of via een van de schaarse vluchten of met de boot vanaf Cebu. Het gevolg is dat op Leyte en het eiland Samar, waar tweeduizend mensen worden vermist, er een tekort is aan alles. Er is niet genoeg eten, drinken, benzine, medicijnen, lijkzaken en informatie over slachtoffers. Tegelijkertijd staan de kisten met waterflessen en honderden zakken rijst onaangeroerd opgestapeld op de luchtmachtbasis in Cebu. Het Herculesvliegtuig staat er naast, met de motoren uit. Niet iedereen kan tegelijk vliegen.

Dexter Julio (23) heeft eigenlijk geen tijd om te praten. Hij rent van balie naar balie op zoek naar betaalbare vliegtickets om maar zo snel zo ver mogelijk van het rampgebied vandaan te komen. Hij was in Tacloban toen het water rees. ,,Eerst trok de zee helemaal weg, alsof het eb was. En toen kwamen enorme golven die zo hoog waren als huizen. Het water steeg binnen een minuut met drie meter. De golven waren ook snel weer weg. Misschien heeft het in totaal niet langer dan dertig minuten geduurd”, zegt Julio. Die dertig minuten waren dodelijk.

Bewoners waren voorbereid op harde tyfoonwinden en hadden zich diep weggestopt. Toen hun huizen onderliepen door de vloedgolven, zaten ze vast. ,,Wij leven nog omdat wij in een huis van drie verdiepingen woonden'', zegt Julio. Volgens het stadsbestuur kan het dodental in Tacloban oplopen tot boven de tienduizend.

Julio en zijn familie stonden voor een moeilijke keuze. Moesten ze nu vluchten en de paar kostbare spullen die ze nog bezaten achterlaten in de wetenschap dat hun huis geplunderd zou worden? Of moesten ze blijven en hun overgebleven familiebezit verdedigen? Julio: ,,Uiteindelijk moesten we vluchten. Het was te gevaarlijk in Tacloban. Er wordt geschoten. Mensen zijn wanhopig op zoek naar eten en drinken.” Geruchten doen de ronde over reddingswerkers die beroofd worden van medicijnen en journalisten die hun dure apparatuur moeten afstaan.

Eén ziekenhuis met 250 bedden

De Filippijnse overheid probeert orde te handhaven. Cruciale goederen mogen niet tegen woekerprijzen worden verkocht. En het Filippijnse leger en politie proberen zo snel mogelijk versterking naar de getroffen eilanden te sturen. Ziekenhuizen op Leyte melden dat patiënten naar huis gestuurd worden. De doktoren en verpleegkundigen zijn net als iedereen slachtoffer. Volgens de laatste berichten is er in Tacloban één ziekenhuis met 250 bedden in bedrijf. De Wereldgezondheidsorganisatie probeert samen met Nieuw-Zeeland en Australië drie noodhospitalen in te richten, maar de doktoren en spullen zijn nog onderweg. Vanuit de hele wereld wordt geld en steun toegezegd.

Voor de aankomsthal van het vliegveld in Cebu staat Mark Pontila (30) met een grote koffer voor zijn voeten. ,,Dertig kilo vol pijnstillers, antibiotica en ontsmettingsmiddelen”, zegt hij. Pontila is samen met een vriend op eigen gelegenheid vanuit Melbourne afgereisd naar de Filippijnen, om te helpen en om eens in een rampgebied te zijn. Pontila: ,,Het lijkt mij spannend. Het is de eerste keer voor mij.” Toch gaat het niet om hem, zegt hij. ,,Duizenden mensen zijn verstoken van hulp. Iedereen heeft het nu over Tacloban, maar er zijn gebieden waar nog niemand is geweest en die wellicht nog veel erger zijn getroffen. Ik hoop dat ik hen kan bereiken, als is het maar om een klein verschil te maken.”