Column

Het offline comité

Afgelopen donderdag bezocht ik de borrel van ‘het comité ter bevordering van het offline leven’ in Café Ludwig op de Amsterdamse Reguliersdwarsstraat. Een offline event waar deelnemers gewoon met hun smartphone zaten te spelen.

Ik kreeg een persoonlijke uitnodiging van medeorganisator Chris Dingler van communicatiebureau Youngworks via Twitter, omdat ik vorige week op deze plek een stukje had geschreven over offliners: de hipsters van 2014. Offline zijn is een statussymbool aan het worden. Nog even en er zijn restaurants die je smartphone aannemen bij binnenkomst.

De Offline Leven Borrel was „in het leven geroepen om zonder wifi en 3G, maar met goed gezelschap een avond door te brengen”, had ik vooraf gelezen op de Facebookpagina. „Sluit aan en neem je meest interessante vrienden mee. Want zonder wifi en 3G moeten de gesprekken wel boeiend genoeg zijn.”

Ik had wel behoefte aan een boeiend gesprek met een offline biertje en besloot te gaan.

Ik kwam veel te vroeg. Gelukkig was er voldoende 3G-ontvangst in Café Ludwig, drie van de vier streepjes. De twee mannen die ik bij binnenkomst zag spelen met hun smartphones bleken deelnemers aan de offlineborrel. Ik ging bij ze zitten. De smartphones gingen in de broekzak.

Ik had offline zijn veel te letterlijk genomen, legden Roeland Reinders en Mohan Ramani uit. Beiden waren als ‘business developer’ en directeur van een softwarebedrijf feitelijk continu online. Een complete offline borrelavond, dat kon je niet van iemand vragen.

Ik hoefde mijn telefoon niet in te leveren, al durfde ik er de hele avond niet naar te kijken uit angst een rondje te moeten betalen. Eén van de organisatoren had namelijk voorgesteld dit als straf in te voeren, hoorde ik van de twee mannen. Het plan was nog in beraad.

Online ben je standaard, voor offline zijn moet je tijd maken leerde ik. Mohan deed zijn telefoon uit als hij met zijn zoontje speelde. Netwerken, het feitelijke idee achter het comité, was ook nog één van die weinige dingen die je beter offline kon doen.

„Offline is de toon die de muziek maakt”, zei Roeland. Hij vloog in de tijd dat hij nog in de VS werkte tussen New York en Memphis op en neer, alleen om mensen te kunnen zien. „Dan keken ze me met grote ogen aan. Kom je speciaal voor mij?! Ik ken je helemaal niet!” Mohan knikte. „Zaken doe je offline.”

„Online is natuurlijk hartstikke gaaf, maar offline gebeuren er ook leuke dingen”, vertelde Roeland.

Gelukkig maar, dacht ik.

Stijn Bronzwaer (@nextstijn) schrijft op deze plek elke week over (nieuwe) media