Chinees leren is heel hard blokken

Op het vwo is Chinees vanaf 2015 een examenvak. „Met een uur huiswerk maken ben je er niet. Dit is voor doorzetters.”

Wie straks eindexamen Chinees heeft gedaan, kan in Beijing de weg vragen naar het Plein van de Hemelse Vrede, een kort stripverhaal lezen en een bedankbriefje schrijven in karakterschrift. Daarvoor moet een leerling dan wel hard blokken, want Chinees is geen makkelijke taal.

Staatssecretaris Sander Dekker (Onderwijs, VVD) maakte gisteren bekend dat Chinese taal en cultuur vanaf 2015 een examenvak wordt op het vwo. Dekker neemt met zijn besluit het advies over van het Nationaal expertisecentrum leerplanontwikkeling SLO, dat sinds 2010 op negen scholen een pilot met het vak Chinees (Mandarijn) heeft uitgevoerd.

Daniela Fasoglio van SLO was verantwoordelijk voor het opzetten en begeleiden van die proef. Ze is tevreden over de resultaten. „Ruim vijftig leerlingen zijn begonnen, van wie er veertig het examen hebben gedaan en gehaald. De leerlingen die het vak hebben laten vallen, deden dat voornamelijk vanwege roosterproblemen. Niet omdat ze het niet leuk vonden.”

Om het vak Chinees op het gewenste niveau te kunnen aanbieden, moet een school er evenveel lesuren aan besteden als aan Frans en Duits: drie per week. Van leerlingen wordt een flinke inspanning verwacht, zegt Fasoglio. „Met een uurtje huiswerk maken per week ben je er niet. Omdat het Chinees met zijn duizenden karakters geen enkel raakvlak heeft met andere talen, moeten leerlingen flink oefenen om het onder de knie te krijgen. Dit is echt iets voor doorzetters.”

Het examen Chinees kent dezelfde onderdelen als andere talen: leesvaardigheid, luistervaardigheid, gespreksvaardigheid, schrijfvaardigheid en literatuur. Die worden allemaal met een schoolexamen getoetst. Er is voorlopig nog geen door het Cito ontwikkeld centraal eindexamen. Fasoglio: „Leerlingen hoeven in de zesde klas natuurlijk niet de boeken van Nobelprijswinnaar Mo Yan in het Chinees te lezen. Dat mag in vertaling. Het gaat erom dat ze kennis maken met de literaire cultuur van het land.”

De invoering van Chinees als eindexamenvak past goed bij mondiale ontwikkelingen, zegt Fasoglio. „Ik denk dat de wereld steeds meer behoefte heeft aan interculturele bemiddelaars. China wil graag in contact komen met het Westen. Het land heeft zijn deuren opengezet. Je kan er natuurlijk met Engels terecht, maar als je een land écht wil leren kennen, dan kan dat het beste via de taal.”

Om straks aan de vraag naar docenten te kunnen voldoen, is tegelijk met de pilot een lerarenopleiding van start gegaan. De Universiteit Leiden, de enige universiteit in Nederland waar Chinees wordt aangeboden, heeft inmiddels meer dan twintig bevoegde docenten afgeleverd. „We hebben ons bij de ontwikkeling van de toetsen voor de examens in klas 6 ook laten adviseren door universiteiten in het buitenland”, zegt Fasoglio. „Ik denk dat er nog niet eerder zo’n grondige pilot is gedaan voor de invoering van een nieuwe schooltaal, ook niet indertijd voor Spaans, Turks en Russisch.”

Fasoglio, die Engels en Duits studeerde, heeft zich de afgelopen jaren ook zelf in het Chinees verdiept. Ze is zeer gecharmeerd van de taal. „Het woord veiligheid wordt gevormd door de karakters voor moeder, kind en huis. Dat is toch prachtig?”