Van Beek (21) zal straks in Sotsji nog beter zijn

Lotte van Beek verraste in Calgary met winst op de 1.500 meter en een tweede plaats op de 1.000 meter. „Hoe meer wedstrijden ik rijd, des te beter ik word.”

Sven Kramer reed in Calgary de tweede tijd ooit, op de 5.000 meter. Foto AP

Sven Kramer die ‘gewoon’ de tweede tijd ooit rijdt (6.04,46) en de vijf kilometer wint. Racebeest Shani Davis killt op de duizend meter als vanouds in de laatste meters Kjeld Nuis. En in een olympisch jaar zijn Amerikanen en Zuid-Koreanen traditioneel sterk. Geen nieuws bij de eerste wereldbeker van dit seizoen in Calgary? Toch wel. Koen Verweij – na winst op de 1.500 meter ook vijfde op de 1.000 meter en de vijf kilometer – blijft zichzelf maar verbeteren. En daar is Lotte van Beek, 21 jaar jong, met goud op de 1.500 en zilver plus een Nederlands record op de 1.000 meter.

„Stiekem droom je hiervan”, vertelde de middenafstandspecialiste uit de Corendonploeg van coach Jan van Veen zaterdag na haar verbluffende zege op de schaatsmijl bij de NOS. Haar eerste zege in een wereldbekerwedstrijd, met een toptijd van 1.52,95 bovendien. Staat zo vroeg in het seizoen een potentiële olympisch kampioen op? Slechts Cindy Klassen (1.51,79), Ireen Wüst (1.52,38) en Christine Nesbitt (1.52,75) waren ooit sneller dan Van Beek. En juist Nesbitt kreeg hier in een rechtstreeks duel een dreun, die wellicht tot op de Spelen in Sotsji voelbaar zal zijn.

Twee keer won de 28-jarige Canadese het eindklassement om de wereldbeker op de 1.500 meter, ze haalde al goud bij de WK afstanden (2012) en zilver op de Spelen van Vancouver. Na snelle tijden in het voorseizoen leek ze ook op de 25-jarige Olympic Oval favoriet. Maar Van Beek gaf haar breed geschouderde opponent vanaf de eerste ronde (27,6!) schaatsles. Met lange, rake klappen reed ze meter voor meter weg. Nesbitt zag slechts haar rug, finishte gedesillusioneerd in 1.55,18 (zevende), en stak met een zenuwachtig lachje nog wel sportief de duim op naar de superieure Van Beek. Zelfs olympisch en wereldkampioen Wüst kwam in de laatste rit niet in de buurt: tweede in 1.53,30.

„Eigenlijk ging het niet eens zo heel goed”, sprak Van Beek monter. „Vooral de bochten kunnen nog wel beter.” Toch imiteerde ze na de finish niet voor niets een vliegtuig. En op de 1.000 meter bewees ze gisteren dat haar zege op de schaatsmijl geen toeval was. Vlak achter wereldkampioen sprint Heather Richardson (winst in 1.13,23) eindigde Van Beek als tweede. Haar startsnelheid was weliswaar iets minder dan die van de Amerikaanse specialiste, maar de twee volle rondjes waren in 27,0 en 28,0 ongeëvenaard. Met 1.13,36 verbeterde ze het nationaal record van Wüst met bijna een halve seconde.

Juist Wüst was afgelopen zomer een bron van motivatie geweest om nog harder te trainen, vertelde Van Beek op Schaatsen.nl. Natuurlijk was de wereldkampioen junioren van 2010 vorig seizoen blij met tweede plaatsen in de wereldbekerfinale en bij de WK afstanden. Haar doorbraak bij de senioren. Maar drie seconden achterstand op winnaar Wüst? „Dat was de trigger van je bent er nog niet.” Ze trainde harder, vergrootte haar basisconditie. Vorig seizoen zag ze Wüst steeds verder weg rijden. Dit seizoen moet het anders. „Lotte heeft een grote stap gemaakt”, vertelde coach Van Veen in oktober in Inzell. En Van Beek zelf verbaasde zich niet over de winst op Wüst. Bij de NK afstanden was ze ook al sneller.

Wüst maakt zich na haar nederlaag op de 1.500 meter en een zevende plaats op de 1.000 meter (1.14,46) geen zorgen. In de loop van het seizoen zal ze net als eerdere jaren verbeteren, is haar vaste overtuiging. „Ik moet er pas staan in februari.” Haar puzzel is moeilijk, omdat ze in Sotsji wil strijden van 1.000 tot en met 5.000 meter. In Calgary bleken stayers als Martiná Sáblíková en Claudia Pechstein (snelste laatste ronde op de mijl in 30,0) geduchte tegenstanders. Net als de Amerikaanse sprinters Richardson en Brittany Bowe, die in de B-groep op de 1.500 meter ‘stiekem’ de derde en vierde tijd reden.

Ook bij de mannen vielen de Amerikanen op. Sprinter Tucker Fredericks won gisteren in 34,46 de tweede 500 meter. En naast Davis reed op de middenafstanden ook Brian Hansen sterk, met 1.43,32 op de 1.500 meter in de B-groep en brons op de 1.000 meter (1.07,74). Zelfs Trevor Marsicano lijkt na een zomer trainen bij Peter Mueller ondanks aanhoudend blessureleed op de weg terug. Zijn 1.43,86 (b-groep) was de zesde tijd op de 1.500 meter. En ineens is daar ook weer de Koreaan Lee Seung-hoon, in Vancouver zo verrassend winnaar op de tien kilometer. Drie jaar nauwelijks gezien, een nieuw olympisch jaar en hij zet op de vijf kilometer een razendsnelle 6.07,05 op de klok. Brons. Zoals ook de andere olympisch kampioenen uit Zuid-Korea in vorm zijn. Lee Sang-hwa verbeterde op de 500 meter haar eigen wereldrecord tot 36,74.

Het tweede wereldrecord in Calgary viel niet op de vijf kilometer, die Kramer won met tweeënhalve seconde voorsprong op Jorrit Bergsma – maar op de ploegachtervolging. De Nederlandse ploeg met Kramer, Verweij en Jan Blokhuijsen kwam tot 3.37,17, versloeg de Amerikanen en verbeterde de oude toptijd van Kramer, Erben Wennemars en Carl Verheijen uit 2007 (3.37,80). Ook bij de vrouwen won Nederland, met een ploeg die bestond uit Wüst, Linda de Vries en invalster Van Beek. Of uitblinker Van Beek niet te vroeg in vorm is? Nou nee. „Hoe meer wedstrijden ik rijd, des te beter ik word. Ik denk dat er nog veel meer in zit.”