Column

Simone Epic fail

Je moet wel heel hard vallen voordat je vermanend ‘Foei!’ tegen jezelf zegt. Gisteravond stond Diederik Stapel op de kansel in de Singelkerk. Hij hield de preek van de loser – wat natuurlijk vooral een biecht werd – en strafte zichzelf zodra hij in de gebiedende wijs sprak, want: „Van fouten kun je leren, maar van foutenmakers krijgen we liever geen les.”

De voormalig hoogleraar/foutenmaker is tegenwoordig zzp’er en organiseert onder meer ‘zinritten’. Hij chauffeert je van A naar B en gaat gedurende de rit diepgravend met je in gesprek. Ook doet hij aan DilemmaDuiding en ReceptuurAnalyse, en vind je op zijn website een verzameling prijzende recensies van zijn boek Ontsporing.

Als het aan de Libanees-Amerikaanse denker Nassim Taleb ligt, kunnen we Stapel niet genoeg fêteren: ‘We should be extremely favorable to those who fail. It’s not an individual experience, it’s for collective benefit.

In Antifragiel. Dingen die baat hebben bij wanorde laat Taleb zien waarom falen een eerste stap naar verbetering is. De meeste dingen, zo wijst de biologie uit, ontwikkelen zich aan de hand van trial-and-error. Soms laat een misstap vooral zien wat niet werkt, soms sterkt een tik ons, zoals botweefsel steviger wordt na een breuk of fractuur.

Stapel wilde de ‘error’ uit zijn werk bannen. Hij bekende dat hij, gericht op succes, de wereld door een vergrootglas zag. „Alles wordt groter, gedetailleerder en is uiteindelijk onherkenbaar.”

Probeer maar eens een rondje door het huis met twee vergrootglazen op je neus: je ziet heel weinig goed. Blauwe schenen gegarandeerd. Of in het geval van Stapel: ‘Boem. Klats. Epic fail.’

Willen we collectief wat van Stapel opsteken dan is het noodzakelijk zelf ook de verwijtende vergrootglazenbril af te nemen. Het is verleidelijk om in hem de ultieme psychopaat te zien, maar in de ruime Singelkerk stond hij prima nietig op zijn plek. Uiteengespat lijkt een opgeblazen halfgod heel erg op een hoopje mens. Tot normale proporties gekrompen is hij echter enger dan als monster. Want hoe grotesker het falen van publieke figuren, hoe minder we onze eigen mislukkingen hoeven te zien.

En dat terwijl het juist de kleine mislukkingen zijn die ons wat leren. Toen Taleb vorige maand in Nederland was, gaf hij een simpel voorbeeld: „Als we altijd en alleen volgens vaststaand recept zouden koken, ontstaan er nooit nieuwe gerechten en smaken. Ik kom uit Libanon, dus ik maak graag hummus. Met trial-and-error probeer ik mijn hummus te verbeteren, een beetje meer van dit, een snufje minder van dat. En ach, wanneer het dan toch mislukt, geef ik mijn brouwsel gewoon aan mijn nietsvermoedende buren.”

We should be extremely favorable to those who fail. Mooi. Maar wel lastig wanneer ze hun mislukking aan anderen uitserveren.