Wonderboy met een fenomenaal geheugen

De jonge Noor is de beste schaker van de wereld. Alleen de wereldtitel ontbreekt nog. Tenzij hij in een tweekamp de Indiër Anand verslaat. Carlsen schat dat er zo’n 2.000 partijen in zijn hoofd rondzweven.

Foto Geir Olsen

‘Wat ik cool vind, is dat Magnus altijd zijn eigen weg is gegaan. Het maakte niet uit wie hem wat adviseerde, uiteindelijk bepaalde hij zelf hoe hij het wilde doen. En hij had altijd gelijk, want hij bleef maar winnen.” Simen Agdestein, de eerste trainer van Magnus Carlsen, zegt het met voelbare trots. Dat eigenzinnige van zijn vroegere pupil heeft hij altijd bewonderd en hij vindt het nog steeds geweldig.

Agdestein zag al vroeg hoe bijzonder de kleine Magnus was en liet hem vooral zijn gang gaan. Dat was een natuurlijke beslissing, want ook zelf week hij in zijn beste jaren als jonge grootmeester af van de gangbare paden, omdat hij als Noors voetbalinternational nooit genoeg tijd had om te studeren. Toch wil Agdestein zijn rol niet al te veel belang toedichten: „Daar is Magnus veel te bijzonder voor. Die hoefde je niet te ontdekken.”

Een mooi voorbeeld van Carlsens ontluikende eigengereidheid is te zien in de eerste film die over hem werd gemaakt, The Prince of Chess uit 2005. Hij is net op zijn dertiende grootmeester geworden en ziet er eigenlijk nog jonger uit. De interviewer vraagt hem wat hij ervan vindt dat er gezegd wordt dat schaken kunst is. Niet bijster geïnteresseerd antwoordt hij dat daar wel iets in zit, om er met een twinkeling in zijn ogen aan toe te voegen: „Maar er is tegenwoordig wel meer wat kunst genoemd wordt.”

De vrije opvoeding van Carlsen begon thuis. Vanaf het moment dat hij op zijn achtste in de ban van het schaken raakte, vonden zijn ouders het prima dat hij aan zijn eigen tafeltje, zo’n drie meter van de rest, met zijn schaakspel at.

Die flexibiliteit was er ook toen hij in 2003 en 2004 een jaar lang met zijn ouders en drie zusjes door Europa trok. Magnus speelde in zo veel mogelijk toernooien, maar er moest ook huiswerk worden gemaakt en ’s avonds was er een uur voorlezen voor iedereen. Verplicht, maar er waren uitzonderingen. Toen Magnus in Moskou een nieuw deel kreeg van Kasparovs reeks over wereldkampioenen, mocht hij het voorlezen overslaan en in een hoek van de hotelkamer van zijn boek genieten. De volgende dag gebruikte hij een oud idee dat hij was tegengekomen om een Russische grootmeester te verslaan.

Zoeken naar ideeën en erover nadenken is nog steeds een wezenlijk onderdeel van zijn stijl. Waar andere schakers eindeloos diep openingsvarianten bestuderen, ligt bij hem de nadruk veel meer op concepten en mogelijkheden. Hij streeft er niet naar voordeel te behalen in de opening, maar hoopt een stelling te bereiken waarin hij kan laten zien dat hij de beste speler is.

Daarbij leunt hij op zijn fenomenale geheugen. Zelf schat hij dat hij zo’n tweeduizend partijen in zijn hoofd heeft rondzweven die hij integraal kan reproduceren. Laat hem een stelling zien en de kans is groot dat hij de namen van de spelers geeft en weet waar en wanneer die partij gespeeld werd. Dat geheugen had hij al van jongs af aan. Toen hij vijf was, kende hij van alle vierhonderd Noorse gemeenten het aantal inwoners, de oppervlakte in vierkante kilometers en de vlag uit zijn hoofd.

Garry Kasparov had al snel door dat hij met Carlsen op het hoogste niveau van gedachten kon wisselen. Bij hun eerste kennismaking, in 2005 in Oslo, leek hij de jonge Magnus te overvallen toen hij hem tijdens een etentje ineens vroeg naar zijn favoriete partijen van Aljechin. Na een poosje zwijgen kwam Carlsen op de vraag terug. Hij vertelde welke partijen hij het beste vond en wees op enkele fouten in de analyses van die partijen in Kasparovs boeken.

Kasparov nodigde hem uit om naar Moskou te komen, waar hij hem voorstelde een team om hem heen te bouwen volgens beproefd Russische recept. Over dat voorstel hoefde Carlsen niet lang na te denken. Hij was tevreden over zijn eigen aanpak en wilde het graag zo houden. In 2009 kwam het alsnog tot een samenwerking, maar nu alleen met Kasparov, die inmiddels zelf niet meer actief was als speler. Carlsen genoot en binnen een jaar schoot hij omhoog naar de eerste plaats op de wereldranglijst. Maar het was een genot met een houdbaarheidsdatum. Hoe enthousiaster Kasparov werd, hoe meer hij ook probeerde de koers te bepalen. Dat was een keurslijf dat Carlsen meer en meer benauwde.

De samenwerking spatte uiteen tijdens het toernooi in Wijk aan Zee in 2010. Vlak voor zijn partij tegen Kramnik werd Carlsen door Kasparov gebeld met de mededeling dat hij de variant die ze hadden voorbereid niet moest spelen. In de haast weigerde hij te zeggen waarom dat was. Bij het begin van de partij zat Carlsen minutenlang met zijn ogen dicht. Kramnik grapte achteraf dat hij bang was dat hij in slaap was gevallen, maar dat was niet het geval. Het enige waar hij aan kon denken, was waar dan het lek zat in de variant die ze hadden voorbereid. Het was een slecht begin voor een belangrijke partij en Carlsen verloor.

Ondanks die pijnlijke scheiding bleef de verstandhouding met Kasparov goed. Toch is het onwaarschijnlijk dat Carlsen tijdens de match in India gebruik zal maken van diens aanbod om op afstand beschikbaar te zijn. In de tussenliggende jaren heeft hij laten zien dat hij het allemaal goed af kan op zijn eigen manier. Voor iedere schaker is hij de toetssteen geworden zoals ooit Kasparov dat was en ook buiten het schaakcircuit is hij een ster. Als model voor G-Star Raw werkte hij met fotograaf Anton Corbijn en filmster Liv Tyler, hij komt bij beroemdheden als George Soros over de vloer, en Time koos hem dit jaar in de tophonderd van invloedrijke mensen.

In Chennai zal Carlsen vooral worden omringd door familie en vrienden. De spil van zijn technische team, via Skype vanuit Noorwegen, is Jon Ludvig Hammer. Uiteraard omdat hij een sterke grootmeester is, maar meer nog omdat ze al sinds hun jeugd bevriend zijn. Ter plekke zullen zijn vader en zijn manager regelen dat hij zo veel mogelijk zijn eigen leven kan leiden. Met datzelfde doel heeft hij een bodyguard bij zich, een eigen kok en een dokter. Die dokter, ooit ook een leerling van Simen Agdestein, is geen onverdienstelijke schaker.

Agdestein zelf gaat de laatste week naar India, als een van de vrienden die Carlsen uitnodigde. Hij weet dat er alle reden is om vol vertrouwen te zijn, maar voelt zich onzeker. „Dat heb ik altijd gehad. Omdat het met zijn eigen aanpak altijd een wonder is als Magnus het goed doet. Dat kan toch niet altijd maar doorgaan? Het zou opnieuw een wonder zijn als Magnus wint. Maar ja, we zien al dertien jaar wonderen.”