‘We kijken steeds minder ver vooruit’

Architecten

Laila Ghait

(50) en

Koos Kok

(53) raakten in de crisis beiden hun werknemers en kantoor kwijt. Nu geven ze les in yoga en tai-chi, in een opgeknapt pand in hartje Rotterdam. „De krant is opgezegd, de auto staat in de stalling.”

Koos Kok: „We hebben nu beiden zo’n vijftig cursisten, dat moet verdubbelen om eraan te verdienen.”

‘Tai-chilessen in de huiskamer’

Laila: „We hebben beiden ons eigen architectenbureau, zonder werknemers en met nauwelijks opdrachten. Op de top had ik vijf mensen in dienst. Met de crisis moesten ze één voor één vertrekken, tot in december vorig jaar ook het kantoor te duur werd. Het was even slikken, in een leeg pand: dit is dus alles wat ik heb opgebouwd.”

Koos: „Ik had veertien werknemers, het ging in een glijvlucht naar beneden. We hebben beiden veel meegedaan aan selecties voor opdrachten: veel geven, weinig resultaat. Architecten krijgen kwaliteitsvragen gesteld, maar de beslissingen vallen in deze tijd puur op basis van kosten. In zo’n cultuur wil ik eigenlijk niet werken, hoe mooi het vak ook is.”

Laila: „Middenin de neergang bedacht ik dat ik weer eens wat langer weg wilde om yoga te doen. Ik doe al meer dan dertig jaar aan yoga en en ga er in de zomer vaak één of twee weken voor naar het buitenland. Zo ontstond het plan om structureel yogales te geven.”

Koos: „Ik had hetzelfde met tai-chi, een Chinese krijgskunst die ik al 27 jaar beoefen. Vrienden gaven er les in, meer als hobby dan om geld mee te verdienen. Ik dacht: eigenlijk is deze crisis ook een gouden kans voor een switch. Het begon met vier man in onze huiskamer. Een kwestie van lef.”

‘Sterke spirituele betekenis’

Laila: „Sinds april geven we onze lessen in het oude gebouw van de toenmalige Keuringsdienst van Waren, in hartje Rotterdam. We zijn twee maanden bezig geweest met opknappen. ”

Koos: „We hebben beiden zo’n vijftig cursisten, dat moet verdubbelen om eraan te verdienen. Het is een gehannes dit financieel op de rit te krijgen, maar het voelt goed. Tai-chi en yoga hebben een sterke spirituele betekenis. Het is zo rijk en groots, ik kan hier tot in lengte van jaren mee bezig zijn.”

Laila: „Toch blijven we los van elkaar ook bezig met architectuur. Ik zou mijn vak te veel missen. Iets maken is een elementaire behoefte. De afgelopen maanden heb ik van het hout van ons oude kantoorinterieur nieuwe meubels gemaakt voor onze studio. Heerlijk om daar weer tijd voor te hebben.”

Koos: „En toen ik stond te klussen in ons pand kwamen er opeens projecten naar me toe. Terwijl ik net had besloten te stoppen met acquisitie. Nu heb ik twee bedrijven op één locatie. We doen alles nog zelf, van schoonmaken tot boekhouding.”

‘Even een pilsje na de les’

Laila: „We geven ’s avonds beurtelings les in dezelfde zaal. Dat betekent dat we doordeweeks nooit samen eten.”

Koos: „We zouden volkomen langs elkaar heen kunnen leven. Nu is de lunch ons moment samen, anders zien we elkaar pas zaterdagavond weer. Onze dagen zijn opnieuw gearrangeerd. ’s Ochtends boodschappen doen, dat blijft apart.”

Laila: „Ik moet mezelf dwingen overdag even vrij te nemen. Maar als ik niets doe, heb ik het gevoel dat ik ben vastgeroest. Ik begin elke dag met meditatie en een stukje lezen. Meestal iets filosofisch, of een gedicht. Dat ritueel doe ik al jaren – in mijn eentje.”

Koos: „Ik geniet ook van het ontbijt alleen. Eerst tai-chi, dan een goed kopje espresso bij de digitale krant. Ook ’s avonds neem ik mijn moment. Na de lessen ben ik nog helemaal energiek en moet ik ontladen. Dan drink ik even een pilsje voor ik naar huis fiets.”

Laila: „Werk en vrije tijd mogen in elkaar overlopen, dat kan ook niet anders. Ik zorg wel dat ik mijn architectenwerk in een andere kamer doe dan waar ik ’s ochtends lees. Niet superstrikt, maar het helpt.”

Koos: „Het is heel diffuus. We moeten plannen als we eens een dagje willen wandelen, of naar een concert.”

Laila: „Zaterdagavond is écht voor samen, maar soms loopt dat mis. Dan hebben we zoveel opgespaard dat we nog tegen elkaar moesten zeggen, dat het wel een vergadering lijkt.”

Koos: „We mailen veel heen-en-weer. Daar word je ook gallisch van.”

‘Ver onder het modale inkomen’

Laila: „We verdienden zeker twee keer modaal, nu zitten we onder het modale inkomen.”

Koos: „Ver eronder. We zijn op alles aan het besparen. Zoiets begint met het opzeggen van de krant.”

Laila: „En intussen staat de auto in de stalling. Met de fiets en Greenwheels komen we ook overal. Nu is het huis aan de beurt, gezien de hoge lasten. We wilden eerst een bed and breakfast beginnen, maar gaan nu verhuren: een kamer, een etage of het hele huis.”

Koos: „Het is een kwestie van het probleem recht aankijken. Er zijn financiële overzichten die je in eerste instantie liever niet ziet.”

Laila: „Daar heb ik geen last van.”

Koos: „Het is af en toe erg zorgwekkend. We teren in rap tempo in op ons vermogen, terwijl ik net was begonnen een pensioen op te bouwen. Met de permanente onzekerheid kijken we steeds minder ver vooruit. Dat is belastend, maar het went.”

Laila: „Ik heb ook nachten wakker gelegen, maar piekeren heeft geen zin. We moeten nu goed overleggen wat we wel en niet doen. Ik ben erg voor persoonlijke vrijheid in financiën, maar we zitten nu samen in dit schuitje.”

In Spitsuur vertellen stellen en singles hoe zij werk en privé combineren. Meedoen? Mail naar werk@nrc.nl