Vertrouwenscrisis verlamt economie EU

Het is een paar maanden redelijk rustig geweest in de eurozone. Sommigen hoopten zelfs dat de crisis eindelijk voorbij was. Maar ineens waren ze daar weer, de krantenkoppen. Grote banken wacht een ‘dag des oordeels’, omdat ze geld hadden verdiend door rentestanden te manipuleren. Sommige Europese banken blijken bovendien nog vol ‘giftige’ bezittingen te zitten. De Europese Centrale Bank moet komend jaar bepalen hoeveel. Als regeringen geen geld achter de hand houden, is een ‘meltdown’ nog altijd niet uitgesloten. Om ‘besmetting’ of ‘kettingreacties’ te voorkomen, waarbij de euro kan ‘exploderen’, moeten regeringen het probleem ‘indammen’.

Dit zijn zomaar wat woorden, die afgelopen week in Europese kranten opdoken om aan te geven dat euroland nog vol risico’s zit. En wat voor risico’s: die woorden zijn soms regelrecht uit de nucleaire sector geplukt.

Dit is natuurlijk deels overdrijving. Journalisten die het lekenpubliek willen uitleggen dat het zich zorgen moet maken over rentestanden of schuldenniveaus, hebben ontdekt dat een vleugje sensatie en wat dierlijke instincten (de markten zijn ‘nerveus’) mensen opgewonden kunnen doen raken over de meest gortdroge tabellen. Politici als Marine Le Pen, van het Franse Front National, weten dit allang: zij heeft voorspeld dat de monetaire crisis „een mondiaal armageddon” zal veroorzaken.

Maar overdrijving is maar een deel van de verklaring. Zo legde een vrouw die voor een Europese multinational pensioengeld belegt laatst uit dat wij anders met risico’s omgaan dan vroeger. Door de globalisering zijn problemen internationaal geworden – klimaatverandering, terrorisme, immigratie. Alleen als landen gezamenlijk in actie komen, kan daar iets aan gedaan worden. Dat geeft burgers, toch al angstig dat ze hun baan kwijtraken of geen huis kunnen kopen, een extra machteloos gevoel. Daarbij, zei ze, Europa vergrijst. „Oudere mensen nemen minder risico’s. Ze willen méér veiligheid dan vroeger. Maar door de eurocrisis en de malaise bij de banken is veilig beleggen juist moeilijker geworden.”

Die mismatch maakt velen extra onzeker. Er is niets dat deze onzekerheid in financieel turbulente tijden zo rauw blootlegt als de nucleaire parallel. Burgers hebben financiële en atoomzaken in handen van specialisten gelegd. Die hebben er verstand van. Als deze specialisten hun werk goed doen, kunnen burgers rustig slapen. Daarom heeft het zoveel impact als dat vertrouwen wordt geschonden.

Als het fout gaat, tot wie wend je je dan? Door de kernramp in Japan schafte Duitsland in één klap de kernenergie af. De crises die Europa afgelopen jaren over zich heen heeft gekregen – financieel, monetair, economisch, sociaal, politiek – hebben een vergelijkbaar effect. Het financiële werk is zo complex dat zelfs bankdirecteuren niet meer begrijpen wat er op hun handelsvloeren gebeurt. We zijn overgeleverd aan specialisten. Maar bij hen bleek ons geld niet veilig. En mensen hebben geen flauw idee bij wie het dan wél veilig is.

Dit is vooral een vertrouwenscrisis. Iedereen zit op zijn geld. Niemand durft te investeren. Alles wordt hierdoor geremd of zelfs verlamd. Daarom kwam de Europese Commissie deze week opnieuw met tegenvallende economische voorspellingen. Er is maar één manier om hieruit te komen: schoon schip maken, zorgen dat burgers weer vertrouwen krijgen in specialisten. Zolang dit niet gebeurt, of maar deels, zullen de nucleaire krantenkoppen blijven. En het wantrouwen ook.

Caroline de Gruyter schrijft op deze plek elke zaterdag over Europa en politiek.