Trouwen op huwelijkse voorwaarden

Wie niets regelt, trouwt automatisch in gemeenschap van goederen. Daarmee gooien echtparen automatisch al hun bezit op één hoop. De wet moet moderner worden, vinden D66, PvdA en VVD. Ze schreven een initiatiefwetsvoorstel om het automatisch trouwen in gemeenschap van goederen aan te passen.

Wat houdt het wetsvoorstel in?

Komt het wetsvoorstel erdoor, dan hoeven mensen na een scheiding niet langer mee te betalen aan het aflossen van de studieschuld van hun ex. En de spaarrekening die je voor je huwelijk opbouwde, blijft na een scheiding alleen van jou. Net als de erfenissen en schenkingen die je voor of tijdens het huwelijk kreeg.

Een modern huwelijk, zegt Kamerlid Jeroen Récourt (PvdA), één van de initiatiefnemers, is een verbond tussen twee partijen met elk een eigen vermogen. „Gaan ze uit elkaar, dan nemen ze hun eigen verleden mee.”

Waarom is er nu pas een wetsvoorstel?

Eerdere pogingen om de gemeenschap van goederen te beperken, strandden op de weerstand van de christelijke partijen. Toch neemt het aantal ‘koude huwelijkse voorwaarden’ toe, blijkt uit onderzoek van Freek Schols, hoogleraar notarieel recht en verbonden aan het Nijmeegse Centrum voor Notarieel Recht. ‘Koud trouwen’ betekent: niks delen.

De meest voorkomende variant is die waarbij alleen de inboedel (deels) gedeeld wordt, en waarbij alleen bij overlijden de overgebleven partner geld en/of bezittingen nagelaten wordt. Koos in 2004 nog 24,5 procent van de echtparen hiervoor, vijf jaar later was dat al 34,3 procent.

Drie jaar geleden hield staatssecretaris Fred Teeven (VVD), toen net in een kabinet met het CDA, een vergelijkbaar voorstel tegen van D66. Te veel gedoe en te veel extra kosten, meende hij. Of hij daarover intussen van gedachten is veranderd, wil Teevens woordvoerder niet zeggen.

Hoe is het in andere landen geregeld?

Vergeleken met landen met vergelijkbare stelsels is het Nederlandse trouwen in gemeenschap van goederen redelijk uitzonderlijk. Zo kent Duitsland sinds 1957 de Zugewinngemeinschaft. Alleen het bezit en vermogen dat het echtpaar tijdens het huwelijk vergaart, is van hen samen. Eindigt het huwelijk in een scheiding, dan is het ‘aanvangsvermogen’ (waaronder ook erfenissen en schenkingen vallen die later verkregen zijn) onaantastbaar. In Frankrijk, Italië en België geldt een vergelijkbaar principe.

De Italianen en Belgen hebben bovendien vastgelegd dat spullen die worden gekocht van het vermogen dat een van beide partners vóór het huwelijk had, of tijdens het huwelijk via een erfenis of schenking kreeg, ook onder het privévermogen vallen.

In Groot-Brittannië beslist de rechter bij een echtscheiding of en hoe er geld en bezit wordt verdeeld. De Denen en Zweden wijken niet veel af van hoe het nu in Nederland geregeld is.

Zijn er gevolgen voor het pensioen?

Nee. Pensioen kent zijn eigen wetten en staat dus los van het huwelijksvermogen. Er is wettelijk vastgelegd dat alleen pensioen dat is opgebouwd tijdens het huwelijk – tenzij anders vastgelegd in de huwelijkse voorwaarden – na echtscheiding gedeeld wordt.

Maar bij overlijden van een van beide partners ligt dat anders. Dan heet het nabestaandenpensioen en krijgt de ex-echtgenoot wél het pensioen dat voor het huwelijk is opgebouwd. „Een beetje hapsnap allemaal”, zegt hoogleraar notarieel recht Freek Schols. „Als je deze wet consequent wilt doorvoeren, moet je ook het voor het huwelijk opgebouwde nabestaandenpensioen buiten de scheiding houden.”

Worden huwelijkse voorwaarden onnodig?

Als deze wet erdoor komt, trouwen mensen nog steeds in gemeenschap van goederen. Het pakket is alleen wat kleiner. Er zijn dan ook nog steeds redenen om toch op huwelijkse voorwaarden te trouwen. Bijvoorbeeld als je een eigen onderneming hebt en je partner wilt beschermen tegen eventuele zakelijke schulden. Of als je het risico wilt vermijden dat je na een scheiding de helft van je bedrijf moet afstaan.