Kromowidjojo: met nieuwe coach meer lol aan de badrand

Ranomi Kromowidjojo koos vorige maand voor een nieuwe coach, Christiaan Sloof. ‘Met hem vaar ik op mijn intuïtie.’

Helemaal onbegrijpelijk is het niet, voor iemand die twee keer per dag traint en nog precies duizend dagen te gaan heeft tot aan de openingsceremonie van de Olympische Spelen in Rio de Janeiro (2016): Ranomi Kromowidjojo wil „elke dag met een lach” naar het zwembad.

Voor de drievoudig olympisch kampioene was het vorige maand de voornaamste overweging de samenwerking met haar coach, Marcel Wouda, te verbreken. Na een radiostilte gaf Kromowidjojo (23) vrijdagochtend, aan de rand van haar trainingsbad in Eindhoven, uitleg over haar opmerkelijke overstap naar de onervaren coach Christiaan Sloof, tot voor kort assistent van Wouda. „Het klikt met Christiaan”, sprak Kromowidjojo. „Hij houdt van een lolletje, een muziekje, een biertje op zijn tijd.”

Na de Spelen van Londen (2012), waar ze zichzelf met twee gouden medailles had gekroond tot onbetwiste koningin van de sprint, maakte Kromowidjojo haar persoonlijke balans op. Zwemmen vond ze nog leuk genoeg, maar de jarenlange trainingen eisen wel hun tol. „Ik merkte dat ik manieren moet zoeken om de motivatie te houden, om plezier te houden. Je hoeft niet elke dag moppen te vertellen, maar je moet jezelf kunnen zijn.”

En daarin, zo voelt ze, is Kromowidjojo beter af bij Sloof dan bij Wouda, met wie ze precies een jaar trainde. „De programma’s en de coaching verschillen niet, hun karakters wel. Marcel is wat serieuzer, Christiaan is meer in voor een lolletje. Natuurlijk train je serieus, maar er moet ook ruimte zijn voor een grapje. Dat is voor mij heel belangrijk, wil ik het nog drie jaar volhouden richting Rio.”

Kromowidjojo liep al enkele weken rond met twijfels over haar zwemtoekomst bij Wouda. Dat proces kwam in een stroomversnelling toen haar oude coach Jacco Verhaeren onlangs bekendmaakte bondscoach te worden van Australië. „Jacco is een goede vriend, hij speelde op de achtergrond een rol als adviseur van coaches en zwemmers, een soort klankbord. Met zijn zeer snelle vertrek dacht ik: nu moet ik ook knopen doorhakken.”

Dat haar nieuwe coach pas 26 jaar oud is, geen verleden heeft als topzwemmer en lang niet over de ervaring beschikt van Wouda of Verhaeren, zegt haar weinig. „Vijfentwintig jaar geleden was er ook een onbekende jongen, die Jacco Verhaeren heette. Ik ken Christiaan al een jaar of tien. We hebben een klik met elkaar. Met hem vaar ik op mijn intuïtie. Ik heb er vertrouwen in dat het heel goed uitpakt.”

Voor Sloof, die voor zijn komst naar Eindhoven (2012) jarenlang jeugdtrainer was bij zwemclub De Waterkip in Barneveld, ging een jongensdroom in vervulling toen Kromowidjojo hem twee weken geleden vroeg haar nieuwe coach te worden. „Natuurlijk was ik trots, werken met een olympisch kampioen is de kans van je leven.”

Sloof zegt niet te lijden onder het gewicht van de nalatenschap van zijn voorgangers: Wouda, als zwemmer wereldkampioen en als coach verantwoordelijk voor het goud van openwaterzwemmer Maarten van der Weijden (Beijing, 2008), en Verhaeren, de man achter tien maal olympisch goud. „Ik laat me niet verlammen door het verleden. Zo zit ik niet in elkaar.”

Wouda gaat in Eindhoven verder met zijn eigen groep zwemmers, onder wie Femke Heemskerk en de talentvolle openwaterzwemmer Ferry Weertman. Wouda vindt de beslissing van Kromowidjojo om bij hem te vertrekken nog steeds „moedig”, zegt hij. „Ik neem het haar zeker niet kwalijk.”

Maar teleurgesteld was hij wel. „Ik zag het niet aankomen. Mijn eerste reactie was: eigenlijk wil ik dit niet meer, ik ben er helemaal klaar mee. Maar na een dag was dat gevoel al weg. Dit is mijn droombaan, hier in Eindhoven. Natuurlijk heb ik heb me afgevraagd of ik iets verkeerd heb gedaan. Ik sta volledig achter mijn trainingsprogramma’s. En ik ben wie ik ben. Ik ben geen tweede Jacco, ik ben geen Christiaan. Ik ben Marcel.”