Verrassende dingen voor een prima prijs en wat U2

Sing Sing kan niet zo goed kiezen. Het is een gezellig bruin café, met een mooie houten bar, ouderwetse barkrukken en Gispen(achtige) stoelen. Maar het is ook een moderne Aziaat met ordinaire zwarte hoogglanslak en dito verlichting. Met tegenover de Gispen stoelen zilverkleurige banken. Het restaurant heeft een riant terras, maar daar hebben we de komende maanden niet veel meer aan. Drijfnatte regenpakken worden met een glimlach aangenomen.

We zijn vroeg, dus drinken aan de bar een glaasje prosecco en bestellen vast een barhapje: rendang-bitterballen met mosterd-chili-mayo (6 stuks 6,50) en oesters met sesamvinaigrette en wakame (4 stuks 7,50). Die oesters zijn te gek – de sesam en wakame goed gedoseerd. Ook de rendang-bitterballetjes zijn originele snacks. Klein van stuk, knapperig korstje, veel zacht draadjesvlees met een milde rendangsmaak. We horen de Red Hot Chili Peppers en Radiohead.

Ook op kaart kan Sing Sing niet zo goed kiezen. Er staan Thaise gerechten op, Indonesische en Chinese, maar ook gewoon steak frites van entrecote. We noemen het Asian-fusion. De voorgerechten zien er een stuk interessanter uit dan de hoofdgerechten, dus bestellen we veel voorgerechten (waaronder natuurlijk de pekingeend van Spijkerman) en een hoofdgerecht, en verdelen die eigenhandig over drie gangen. Allemaal geen enkel probleem. Ondertussen wordt Shania Twain afgelost door de Blues Brothers.

De gemarineerde zalm met citrus en Thaise basilicum (9,50) is fijn. Rauwe zalm, niet te koud geserveerd, lekker zuurtje. Alleen de mozzarella-venkel-bitterbal moet direct verbannen worden. Venkel is lekker bij vis, maar deze kleffe hap gefrituurde kaas verpest een anderszins delicaat gerechtje. Coquilles met paddenstoelen, avocado en truffelmayonaise (11,50) is ook een mooie combinatie. Ik vind de truffel te overheersend, maar daar denkt mijn tafelgenoot anders over. De dikke coquilles zijn goed gebakken: mooi glazig rauw van binnen, maar wel warm.

De tom ka kai (6,50) is pittig, goed op smaak, maar niet zo diep en rijk als bij de Thai. De Thaise mosselen (het hoofdgerecht, 17,50) komen met gepaneerde frietjes van zoete aardappel en chili-mosterdmayo. Moules frites op z’n Aziatisch. Zo smaakt het ook een beetje, als Zeeuwse mosselen met een schep groene currypasta. Gelukkig hebben The Black Crows de Remedy en zit er heerlijke komkommeratjar bij.

Dan het vlees. De dikke plakken Thai beef (9,50) zijn kort gebakken, lekker gemarineerd in nam jim (Thaise dip met chili, vissaus en in dit geval pinda) en mals genoeg om er makkelijk doorheen te bijten. Een heel erg lekker gerecht, als ze de mierzoete mangopuree achterwege hadden gelaten. De dungesneden pekingeend smaakt prima, maar de Chinese flensjes zijn koud en droog, in ieder geval niet à la minute gestoomd. De steak tartaar ‘Asian style’ (10,50) met sojamayonaise en koriander wordt geserveerd met een verrassende paddenstoelentapenade. De wijnen per glas (tot 5,-) houden zich goed staande tussen de pittige en exotische smaken. Vooral de droge rokerige Zuid-Afrikaanse chardonnay (3,90) doet het goed bij al dat oosters geweld. De toetjes – passievrucht-cheesecake met lemon curd en de warme spekkoek met palmsuikersiroop (beide 5,50) – zijn fijn.

Tom ka kai is altijd beter bij de Thai. En voor een echte pekingeend moet je op de Zeedijk zijn. Maar dan zit je in het tl-licht. Sing Sing is een gezellige tent. De bediening is vriendelijk, goed en snel. In de keuken vliegen ze hier en daar uit de bocht, maar ze proberen verrassende dingen te doen. Er wordt leuk gekookt voor een prima prijs. Dan stroomt er een groep borrelaars binnen en opeens luisteren we naar disco-klassiekers als Streetlife en zelfs Barry Manilow. Nu is het weer een café. Maakt niet uit; wie U2 draait onder het eten, verdient punten. Althans bij mij.

Elke week test onze recensent Joël Broekaert het favoriete Amsterdamse restaurant van ’n bekende Nederlander.