Nieuwe gebouwen wennen kennelijk snel

In vier decennia is Amsterdam op veel plekken ingrijpend veranderd. Luchtfoto’s van toen en nu laten dat prachtig zien in een nieuw fotoboek. De zoon trad in de voetsporen van zijn vader.

Het recept voor het vandaag verschenen fotoboek Amsterdam – hetzelfde maar anders, in 134 luchtfoto’s is verbluffend eenvoudig en in drie voorschriften samen te vatten. Eén: toon de stad vanuit de lucht, steeds met twee foto’s. Twee: maak die opnamen steeds vanuit hetzelfde gezichtspunt, op dezelfde hoogte en, als het kan, met dezelfde bezonning. En drie: laat tussen de twee opnamen steeds een periode van zo’n veertig jaar passeren.

Het is een recept dat enig geduld vereist maar gegarandeerd succes oplevert. De 134 luchtfoto’s in Amsterdam – hetzelfde maar anders maken op slag duidelijk hoe ingrijpend de stad de afgelopen vier decennia is veranderd. De gevolgen van de metroaanleg, de herstructurering van het Oostelijk Havengebied, de nieuwbouw langs de IJ-oevers, de bedrijvigheid aan de Zuidas, de hoogbouw in de Bijlmer, de vernieuwing rond het Centraal Station – het vogelperspectief en de veertig jaar tijdsverschil tussen de opnamen maken je bewust van wijzigingen waar je zelfs als inwoner van de stad nauwelijks bij stilstaat. Nieuwe gebouwen wennen kennelijk snel. Na een paar jaar lijkt het alsof ze er al heel lang staan.

Amsterdam – hetzelfde maar anders is een idee van Marco van Middelkoop. Hij nam het luchtfotografiebedrijf Aerophoto Schiphol van zijn ouders over, toen zijn vader Ger in 1993 overleed. Toen de zoon bezig was met het digitaliseren van het archief van zijn vader, kreeg hij een idee om een selectie uit diens oude luchtfoto’s van Amsterdam zo exact mogelijk over te doen. Marco van Middelkoop: „Je kunt natuurlijk het zoveelste boek met luchtfotografie maken. Maar ik wilde een boek maken dat ergens over gaat.”

De opnamen van zijn vader herhalen (de oudste foto’s zijn nog in zwart-wit), het bleek niet zo heel moeilijk, zegt de zoon. „Mijn vader fotografeerde altijd met hetzelfde brandpunt; hij had maar één camera en één standaardlens.” Bepalen op welk tijdstip de zon weer net zo staat als op zijn vaders opnamen, was evenmin een puzzel. „Daarvoor heb je een app, Suncalc.net. Je tikt wat gegevens in, en je weet precies hoe laat je ergens overheen moet vliegen.”

De regels voor luchtfotografie zijn in veertig jaar ook niet echt veranderd en net als zijn vader vliegt Marco van Middelkoop over de stad met een Cessna 172, een vliegtuig met één propellor. Achter de stuurknuppel een piloot, zodat de fotograaf zich volledig op zijn werk kan concentreren. Hij hoeft overigens niet door een ruit te fotograferen, zegt Van Middelkoop. Een Cessna heeft klapramen, vergelijkbaar met de ramen in een Deux Chevaux: door een gat van dertig bij dertig centimeter kan hij de lens op zijn onderwerp richten.

Het boek van vader en zoon Van Middelkoop laat van 67 plekken in Amsterdam de veranderingen zien. Als het aan de zoon had gelegen, had het boek een vollediger beeld van de stad gegeven. „Het Rembrandtplein en het Rijksmuseum heeft mijn vader wel tien keer gefotografeerd. Veel andere plekken helaas nooit.”

Niet alleen Amsterdam is veranderd, ook de Amsterdammers. Dat merkte Marco van Middelkoop toen hij een „waanzinnig goede” maar ook tamelijk illegale opname van de Raadhuisstraat wilde overmaken. „Voor een goede foto vloog mijn vader soms flink lager dan duizend voet, de driehonderd meter die voor luchtfotografie wettelijk is voorgeschreven. Veertig jaar geleden zwaaiden mensen dan vrolijk naar hem. Nu bellen ze meteen de politie.”