Met 6.000 kilo instrumenten naar Moskou

Niet alleen de koning is dit weekend in Sint-Petersburg Het jarige Concertgebouworkest geeft twee concerten Een enorme operatie

redacteur muziek

Dinsdag was de laatste repetitie ‘thuis’. Nog één ochtend konden chef-dirigent Mariss Jansons en de musici van het 125-jarige Concertgebouworkest schaven aan de tourneeprogramma’s. Gisterochtend zijn de 140 musici en circa veertig man ondersteunend personeel vertrokken voor een reis van vier weken die van Sint-Petersburg via Moskou, China en Japan voert naar Australië.

De instrumenten zijn al in Rusland, vervoerd met eigen grensdocumenten. „De Russische douane is extreem streng”, zegt orkestbode Johan van Maaren. Alle items die dinsdag in strakke choreografie (laadtijd: één uur) in de truck zijn geladen, zijn minutieus opgevoerd in de grenspapieren. „548 items, 6.000 kilo aan muziekinstrumenten. Van alle strijkstokken en violen moesten we voor de inklaring foto’s van de voor-, zij- en achterkant overleggen.”

De instrumenten maakten een omweg. Eerst naar Stockholm, daar op de ferry naar Helsinki, dan met de truck door naar Sint-Petersburg. „Polen en Letland hebben wachttijdrisico’s aan de douane”, verklaart Wencke Klunder, manager orkestlogistiek van De Gruijter & Co, de vaste transportpartner van het orkest. „Door een stukje reis per ferry te doen, konden onze truckchauffeurs even rusten. En we kwamen nu direct vanuit een EU-land Rusland binnen, wat douanetechnisch gemakkelijker is. Of je nou instrumenten verplaatst of een Rembrandt – de voorzieningen zijn hetzelfde. Maar hier staat alles onder tijdsdruk. Dit is kunsttransport in de hoogste versnelling.”

Het instrumententransport is waar orkestdirecteur Jan Raes zich het meeste zorgen over maakt. „Voor het traject Sint-Petersburg-Moskou is politie-escorte geregeld. En het weer is mild, dus ik verwacht echt wel dat alles goed gaat. Maar dan nog. Voor die 800 kilometer dwars door Rusland staat één nacht. En marge is er niet.”

Ze zijn op rampen voorbereid

„Als de wagen onderweg is, kijk ik regelmatig op mijn iPhone om hem te traceren”, zegt bode Johan Van Maaren. Horrorscenario’s? Vooruit; er is één keer een truck gekanteld. Maar ook zo’n calamiteit werd, met hulp van een snel geregelde wagen van de Berliner Philharmoniker, snel opgelost.

„Ons werk is bedenken wat er fout kan gaan, zorgen dat dat niet gebeurt, en als wel alles zo snel mogelijk oplossen.” Op zijn laptop kan Van Maaren zelfs de temperaturen in de orkestkisten op afstand uitlezen. Temperatuurovergangen van min 10 (Rusland) naar plus 30 (Australië) kunnen funest zijn voor violen van 300 jaar oud, dus klimaatbeheersing is vereist. „Onlangs heb ik thermojasjes voor de violen ontwikkeld. Een bedrijf gespecialiseerd in verpakkingsmateriaal voor kankermedicatie kon ze maken.”

Tourneemanager Else Broekman kwam al twee dagen geleden aan in Sint-Petersburg. Om te checken of de hotelkamers écht gereed zijn, de zalen écht klaar voor hun komst. „Sommige dingen verliepen sovjetachtig bureaucratisch. Zo waren er dertien hotelkamers minder beschikbaar en kon het zakgeld voor de musici uiteindelijk toch niet cash worden klaargelegd. De organisator is een staatsbedrijf, dan mag dat niet.”

De heimwee maakt ’t zwaar

Ook zij beleefde tijdens de voorbereidingen menige „zeer korte nacht”. Maar, zegt ze, het is bijzonder dat dit kan. Voor de meeste andere orkesten zijn overzeese tournees een schaarse luxe geworden.

Inmiddels is alles wat geregeld kon worden, gedaan. Omdat de reis zo lang is, reist voor het eerst de bedrijfsarts mee. En vijftien extra strijkers, om de werkdruk te verminderen. En als musici eenzaam worden, of hun kinderen missen? „Je weet zeker dat dat gebeurt”, zegt Broekman. „Dus zijn we er extra alert op. Het zal zwaar worden. Maar ook onvergetelijk.”