Je fiets dicht bij de ingang kan niet meer

De VVD wil de boetes voor fout geparkeerde fietsen verhogen. Maar waar moet je hem dan kwijt? Een stuk verderop – eerder van huis dus.

Handhavers van de stadsdelen zijn onverbiddelijk: slot doorknippen en weghalen maar. foto ANP

Iedereen weet dat het eigenlijk niet mag, en toch gebeurt het. Even gauw je fiets voor de ingang van een winkel stallen, hem proppen in een rek dat al vol zit, of buiten een fietsvak plaatsen. Verleidelijk, zeker als je haast hebt. Maar handhavers van de stadsdelen zijn onverbiddelijk: slot doorknippen en weghalen maar.

Het staat niet alleen slordig als er overal maar fietsen worden neergezet, het hindert ook de doorgang en kan gevaarlijk zijn, redeneert de gemeente. Dat betekent niet dat handhavers mensen geen kans geven om hun fiets zelf weg te halen. Fietsen die ergens langs worden geplaatst krijgen een waarschuwingslabel. Op het Leidseplein mag je fiets maximaal 7 dagen staan, bij het Centraal Station 14 dagen. Daarna wordt hij weggehaald.

Wie dit overkomt, moet zijn rijwiel ophalen in het fietsdepot in het Westelijk Havengebied. „Het is een eind weg.” Martin Klepper, assistent-bedrijfsleider van het fietsdepot, geeft het toe. „Ik had ook liever op de Dam willen zitten, maar dat past niet. En dan nog zouden mensen boos zijn dat hun fiets door de handhavers is weggehaald.”

15.000 fietsen staan er in het depot. En elke dag komen daar 250 stuks bij. De fietsen worden maximaal drie maanden bewaard. Zo lang hebben mensen dus de tijd om hun bezit op te halen. Kosten: een tientje. Thuis laten bezorgen kan ook, dat kost 20 euro. Maar als het aan de Amsterdamse VVD ligt, worden die bedragen verhoogd naar respectievelijk 25 en 35 euro. Dat kondigde de partij deze week aan.

Een foutgeparkeerde fiets kost de gemeente gemiddeld 62 euro, zegt VVD-duoraadslid Stefan de Bruijn. „De gemeente legt dus per fiets veel geld toe. Dat moet minder worden. Maar niet te veel, anders vinden mensen het de moeite niet waard om hun fiets op te halen.” Nu al haalt het gros van de Amsterdammers – 60 procent – zijn fiets niet op uit het depot. Overgebleven fietsen worden onder meer verkocht aan studenten en minima.

Wie zijn fiets wel graag terug wil, is Jan-Willem Weijers. „Dit is gewoon burgertje pesten”, zegt hij in de receptie van het fietsendepot. Al een paar uur wacht hij op zijn fiets, die vanmorgen op het Leidseplein vermoedelijk door handhavers werd weggehaald. Zijn fiets stond buiten een fietsvak. „Ik weet dat het niet mag, dus ze staan in hun recht. Maar er zijn zó weinig parkeerplekken. Waar moet ik ’m dan laten?”

Er moeten inderdaad meer fietsparkeerplekken bijkomen, zegt een woordvoerder van wethouder Eric Wiebes (Verkeer en Vervoer, VVD). Het fietsgebruik is de afgelopen twintig jaar met 40 procent toegenomen. Voor 2020 wil de gemeente ruim 40.000 extra parkeerplekken realiseren. „Binnen enkele maanden komen er 1.000 à 1.500 plekken bij het Centraal Station door extra, dubbellaagse rekken te plaatsen. De rekken zijn al besteld.”

Plannen voor ondergrondse fietsenstallingen in de stad zijn er ook, maar die hebben meer tijd nodig. Zo is er een plan voor een grote fietsenkelder onder het Centraal Station met 7.000 plekken. Maar de bouw daarvan kan pas beginnen als de werkzaamheden voor de Noord/Zuidlijn daar klaar zijn. In totaal komen er 17.000 extra plekken bij rond het Centraal Station.

De extra fietsparkeerplekken zijn niet bedoeld voor fietswrakken, benadrukt een woordvoerder van de gemeentelijke Dienst Infrastructuur Verkeer en Vervoer (DIVV). „Die worden vaak in rekken achtergelaten, terwijl die via het grofvuil moeten worden aangeboden.” Ook stadsdeel Centrum vindt dat Amsterdammers de fiets niet als „wegwerpproduct” moeten beschouwen. Amsterdammers moetenanders gaan denken over het parkeren van hun fiets, zegt de woordvoerder van DIVV. „Je fiets zo dicht mogelijk bij een ingang neerzetten, dat kan niet meer. Dat moet honderd meter verderop. En dat betekent: eerder van huis.”

De fiets is de nieuwe auto.