Jaren Sovjetterreur – en nog geen daders

Van de Goelag worden in Rusland alleen slachtoffers herdacht. Daders blijven ongenoemd, Stalin wordt gevierd, zegt Arseni Roginski.

Illustratie Nerilicon

Rusland heeft in de twintigste eeuw een nationale ramp doorstaan, die zeventig jaar heeft geduurd. Zelfs als je je beperkt tot de terreur van 1918 tot 1953 dan is dat nog altijd drie keer zo lang als de heerschappij van het nationaal-socialisme in Duitsland. Tientallen miljoenen mensen zijn door de Goelag gespoeld. Alleen al op (verzonnen) politieke beschuldigingen zijn vijf miljoen mensen gearresteerd; meer dan een miljoen zijn geëxecuteerd, de rest is naar kampen gestuurd. Zes miljoen belandden in dwangarbeidersdorpen. Zes miljoen boeren kwamen om bij de kunstmatig gecreëerde hongersnood van 1932-33. Het is moeilijk te zeggen wat destructiever is geweest voor het nationale zelfbewustzijn: de repressie van bevolkingsgroepen of de dagelijkse ‘vangst’ van individuen. De terreur heeft een onuitwisbaar spoor getrokken in het leven van de Rus. Het belangrijkste is de angst van de nietige mens voor het almachtige staatsapparaat. Eén ding weten wij Russen zeker: de overheid kan met jou doen wat haar goeddunkt. Een ander gevolg is de atomisering van de samenleving: isolement, wantrouwen, uitroeiing van elk gevoel van solidariteit. De totale verstatelijking van de samenleving was een van de belangrijkste doelen van Stalins social engineering. Dan is er de xenofobie en de afwijzing van alles wat afwijkt van de norm. De officiële hypocrisie leidde tot cynisme en relativering van morele waarden. In de jaren zestig en zeventig hoopten wij dat er een collectief geheugen zou ontstaan, zodra over de terreur mocht worden gesproken. Tijdens de perestrojka publiceerden de media duizenden memoires van slachtoffers. Maar tot analyses kwam het niet. Men kwam niet verder dan de verbijsterde vraag: waarom? De verwerking van het verleden bleek moeilijker dan we dachten. De oorzaken liggen in de stereotypen in ons bewustzijn, en in het overheidsbeleid ten opzichte van de geschiedenis. Er is consensus dat de slachtoffers herdacht moeten worden. Maar over de daders bestaat geen consensus. Om te begrijpen wie zij zijn, heeft de Rus geen houvast. Er is geen enkel juridisch document waarin de staatsterreur een misdaad wordt genoemd. Ook in postcommunistisch Rusland is er geen enkel proces geweest tegen onderzoeksrechters, kampleiders of partijfunctionarissen. Het is voor ons dus niet makkelijk slachtoffers te onderscheiden van beulen. Het simpelste is om de terreur te reconstrueren rondom de begrippen ‘wij’ en ‘de anderen’. Wij zijn slachtoffer, de anderen zijn de beulen. Zo lossen de vroegere Sovjetrepublieken het probleem op. ‘Zij’ (de Russen) hebben ons veroverd, bezet en verkracht. ‘Wij’ waren de slachtoffers. Maar wij, burgers van Rusland, kunnen niet zeggen dat een vreemde mogendheid ons heeft bezet. Wij hebben onze eigen mensen gedood. Dat is moeilijk te accepteren. Het moeilijkst ligt dat bij de oorlog. Wij hebben enorme verliezen geleden, het Kwaad overwonnen, andere volkeren vrijheid gebracht. Dat is onze grootste trots en de basis van onze identiteit. Nu maakt men ons wijs dat onze staat misdadig was. Zijn we erfgenamen van overwinnaars of van een misdadig regime? Als staatsterreur een misdaad was, wie is dan de dader? Stalin? Maar de USSR heeft de oorlog gewonnen onder zijn leiding! Die twee visies op het verleden kunnen niet samengaan. Dus moet er één wijken: de herinnering aan de terreur vervaagt.

Poetin kwam aan de macht op een golf van afkeer van de perestrojka. Snel zijn burgerlijke vrijheden ingeperkt. Dat valt niet alleen op zijn conto te schrijven: het komt door de degradatie van de Russische democratie en werd toegejuicht door een groot deel van de bevolking. De inperking van vrijheid vereiste rehabilitatie van het Sovjetverleden. De overheid herschept het verleden. De Sovjethymne werd, met aangepaste tekst, in ere hersteld. Er wordt eindeloos gedebatteerd over één geschiedenisboek voor scholen, bedoeld om kinderen op te voeden ‘in de geest van patriottisme en optimisme’. Poetin noemde de ineenstorting van de Sovjet-Unie ‘de grootste catastrofe van de twintigste eeuw’. Allemaal formules voor de constructie van een nationaal geheugen. In 2005 werd triomfantelijker dan ooit het zestigjarig jubileum van de Overwinning gevierd. Geen woord over de fouten van de overheid, de nederlagen, de militaire verliezen, de miljoenen Russische krijgsgevangenen. De tragische herinnering aan de oorlog werd gereduceerd tot één gelukzalige Dag van de Overwinning. ‘Rusland is het land van de grote overwinningen’, is de formule van Poetins historiografische beleid. Maar hoe valt dat te rijmen met de herinnering aan de terreur?In Rusland bestaat geen nationaal monument voor de slachtoffers en geen herdenkingsmuseum. Nooit wordt op herdenkingsborden voor ereburgers vermeld dat zij omkwamen in Sovjetkampen. Sinds vorige week is er in Moskou één uitzondering: een gevelbord voor de schrijver Varlam Sjalamov, waarop staat dat hij ‘hier woonde tussen de arrestaties in’.

In 1991 werd 30 oktober bestempeld tot herdenkingsdag voor slachtoffers van de terreur. Daar komen veel mensen op af, maar geen enkele regionale of nationale leider komt erheen om zijn oordeel te geven over het verleden. Lang niet alle massagraven zijn blootgelegd. Duizenden kampkerkhoven zijn niet gelokaliseerd. Veel nabestaanden weten niet waar hun familie ligt. De financiële compensatie van kampslachtoffers is schokkend: zij krijgen 75 roebel (minder dan twee euro) voor elke maand dat ze vast zaten. In de schoolboeken wordt de terreur opgevoerd als een noodzakelijk instrument voor de verwezenlijking van staatsdoeleinden of als ‘exces’ van de modernisering. Dit laat wel ruimte voor medelijden met de slachtoffers, maar zet geen vraagtekens bij de verantwoordelijkheid voor deze misdaad. Het regime is boven iedere kritiek verheven. Het is geen wonder dat Stalin is uitgeroepen tot de meest uitmuntende mens uit de Russische geschiedenis. Poetin was er niet blij mee. Maar het is zijn geschiedenispolitiek die dit heeft veroorzaakt.