Hij is de Messi van het schaken. Maar dan hotter

Morgen begint het WK schaken, tussen een 43-jarige Indiër en deze 22-jarige Noor Carlsen is een briljante schaker en meisjesidool Hij is waarop de schaaksport zat te wachten: een superster

De Noor Magnus Carlsen tijdens een partij op het Tata Steel schaaktoernooi in Wijk aan Zee. Hij speelde tegen de Nederlander Anish Giri. Foto ANP

Verslaggever

Misschien ken je hem van de billboards, die van G-Star. Of uit de lijst met de top-100 van de meest invloedrijke mensen ter wereld van het Amerikaanse blad Time. Anders misschien uit de Britse Cosmopolitan, die hem op nummer vier zette in de lijst van meest sexy mannen: „Check this hottie out!

Magnus Carlsen is een donkerblonde Noorse held. Hij is 22 jaar en stuurt de gevestigde orde van de schaakwereld met pensioen. Al ruim twee jaar voert hij onafgebroken de wereldranglijst aan, met de hoogste rating ooit. Alleen de wereldtitel ontbreekt nog. Maar niet lang meer, denkt hij zelf.

Carlsen is een jongen met zelfvertrouwen. Je kunt jezelf beter overschatten dan onderschatten, vindt hij. En je moet niet opkijken tegen je tegenstander – geroutineerde grootmeester of niet – anders ben je laf op het cruciale moment.

Met die instelling stoof Carlsen de wereldtop in. Eigenlijk voetbalde en skiede hij liever. Maar op zijn achtste kreeg zijn vader, ingenieur bij een oliebedrijf, hem aan het schaken. Dat lag hem beter. Hij won bijna alles. Carlsen begon in z’n eentje, zonder leraar, zonder boek. Bij de honderden schaakboeken die hij later las, had hij geen bord nodig. Carlsen onthield alles. Een Noorse grootmeester nam hem onder zijn hoede. En na een rijtje topuitslagen in Wijk aan Zee, Moskou en Dubai was Carlsen grootmeester. Als dertienjarige.

Sindsdien is hij 200 dagen per jaar op reis. Van toernooi naar toernooi. Het is de kunst om fit te blijven, zegt hij vlak voor een toernooi in Londen tegen een journalist van de Financial Times. „Als je moe bent is je intuïtie minder. Stellingen analyseren kan wel accuratere zetten opleveren, maar het is een hoop werk. Ik doe meestal wat mijn intuïtie zegt. De rest van de tijd ben ik aan het dubbelchecken.”

Morgen begint het WK schaken in India, waarbij Carlsen de strijd aangaat tegen wereldkampioen Vishy Anand. Carlsen versloeg Anand al eerder in een partij in Bilbao. De Noor verbaasde alle kenners door plots zijn paard aan de rand van het bord te zetten. De op het eerste gezicht onverklaarbare manoeuvre bracht Anand een paar zetten later in onoverkomelijke problemen. De Indiër gaf op. Voor zo’n zet heb je intuïtie nodig, zegt Carlsen. Het onderscheidt hem van de rest.

En van de steeds sterkere schaakcomputers, die de ene na de andere grootmeester mat zetten. Carlsen houdt er niet van: „Ik kan ze niet verslaan. Ze hebben complete informatie, je kunt toch niet verwachten dat je dan wint? Ik zie computers niet als tegenstanders. Mensen verslaan is veel interessanter.”

Carlsen is waarop de schaaksport zat te wachten: een superster. De sport had er maar twee: de Rus Garry Kasparov en de Amerikaan Bobby Fischer, die glorieerden in de jaren zeventig en tachtig van de vorige eeuw. Carlsen wordt gezien als de derde superster in het schaken. De foto’s van hem en Hollywoodactrice Liv Tyler in jeans van G-Star hangen in bushokjes over de hele wereld. Pas sloeg hij een kleine rol af in de meest recente Star Trek-film. En in India, waar hij zich voorbereidt op de tweekamp met Anand, juichten tweeduizend meisjes hem toe.

Time publiceerde deze week foto’s van Carlsens voorbereiding: op de golfbaan tussen de wereldpers en met sixpack op het volleybalveld.

De Noorse tv zendt de twaalf partijen tegen Anand integraal uit op televisie, ook als die partijen zes of zeven uur duren. De Noren denken dat hij gaat winnen. De kenners ook. Carlsen is de Messi van het schaken. Maar dan nog hotter.