‘Er zijn geen geheimen meer, leert Snowden’

Data zijn al lang het wapen in de machtsstrijd van staten en bedrijven, legt spionage-expert Aldrich uit. „We zullen in een nudistenkolonie wonen.”

De onthullingen over internationale spionagepraktijken blijven doorgaan. Een gesprek met spionagedeskundige Richard J. Aldrich, die twee jaar geleden de biografie GCHQ, The Uncensored Story of Britain’s Most Secret Intelligence Agency schreef.

Bent u verbaasd over wat er via klokkenluider Edward Snowden naar buiten komt?

„Niet echt. De verhalen zijn niet anders dan toen ik met mensen over GCHQ sprak. Het grootste verschil is dat de doelwitten anders zijn: in de jaren tachtig ging het nog om Chinese raketten en Russische onderzeeërs. Nu om terroristen, drugssmokkelaars, mensensmokkelaars, grensoverschrijdende criminelen. Dat is de reden dat ‘Snowden’ controversieel is. Het gaat nu om mensen die zich onder ons begeven. Als je me vraagt ‘is Snowden een held of een boef’, dan is mijn antwoord ook ‘beide’. Je kan geen serieus debat meer hebben over inbreuk van inlichtingendiensten op onze burgerrechten, zonder technieken weg te geven en daarmee de slechteriken te helpen. Dat brengt ons in het nauw.

„Het andere is dat jij en ik, als we rondlopen, elektronische bits en bliebjes achterlaten – en voortdurend worden gevolgd door bewakingscamera’s. Het spoor is groter. Toen ik mijn boek schreef, was het nog zo dat inlichtingendiensten achterliepen bij de snelheid waarmee technologische ontwikkelingen plaatsvonden. We hoefden ons geen zorgen te maken want er waren gewoon te veel data. Wat we nu van Snowden leren, is dat GCHQ en anderen de achterstand hebben ingehaald.”

Waarom is er onder Britten weinig ophef?

„Dat heeft allereerst met leeftijd te maken. De meeste van mijn studenten maken zich geen enkele zorgen. Ze hebben een heel ander idee van privacy. Ze denken niet na over de data die ze via Facebook versturen, of via online aankopen, en dat die nooit verdwijnen. Eerlijk gezegd: ze voelen geen enkele schaamte. Het is maar deels een demografisch verschil, het is ook een klassenverschil: verhitte discussies vinden vooral plaats onder de intelligentsia, onder Guardian-lezers en BBC World-luisteraars. Niet onder Mirror-publiek, dat zegt ‘als je er nu eenmaal criminelen mee pakt’. Wanneer je accepteert dat landen inlichtingendiensten nodig hebben, kun je als belastingbetaler nu alleen maar tevreden zijn: GCHQ is duidelijk aanzienlijk effectiever dan we dachten.”

Politici, vooral buiten het Verenigd Koninkrijk, lijken wel verbaasd.

„Dat zijn deels krokodillentranen. Maar je moet je ook realiseren dat de meerderheid van de politici niet genoeg begrijpt van wat inlichtingendiensten doen. Men denkt ook dat UKUSA (Five Eyes) een gezellige club is, een soort Angelsaksische gentlemen’s club. Dat is niet zo, je moet eerder denken aan een speelplein, waar de jongens een ruw spelletje spelen en de grootste de anderen elke vijf jaar buiten de club zet.

„Dat gebeurde met de Canadezen in 1991, toen ze weigerden een marinefregat naar de Golf te sturen. De Amerikanen sneden hen van de stroom informatie af, de schermen gingen op zwart. Tot Canada instemde. In de jaren zeventig overkwam het de Britten toen [premier] Edward Heath volgens de Amerikaanse minister Kissinger té nauw overlegde met zijn Europese collega’s in plaats van met [president] Nixon. De stok was UKUSA. De Britten namen wraak door de Amerikanen tijdens de Yom Kippoer-oorlog niet van Britse bases gebruik te laten maken.”

Minister van Buitenlandse Zaken William Hague zei deze zomer dat alles wat GCHQ doet binnen de wet valt. Bent u het daarmee eens?

„Ik vertrouw erop dat GCHQ binnen de Britse wet heeft geopereerd, al is het misschien op de grens van het toelaatbare. Het probleem met internationale wetten is dat ze vager zijn. De belangrijkste werknemers van GCHQ waren de afgelopen jaren waarschijnlijk de juristen. Zij zagen er niet alleen op toe dat alles binnen de wet viel, maar ook dat nieuwe wetten op zo’n manier werden geformuleerd dat GCHQ kon doorgaan met wat het wilde. Ik denk dat ze daardoor vrijer kunnen opereren dan de Amerikanen. De afgelopen week bleek ook dat ze andere Europese diensten op dit gebied hebben geholpen.”

Moeten we ons zorgen maken over de onthullingen?

„Snowdens verhaal wordt volgens mij verkeerd begrepen. Het gaat niet om gebrek aan privacy, om de 1984-samenleving die The Guardian vreest. Het gaat om het einde van geheimhouding. Dáár maakt men zich in Washington en in Whitehall zorgen over. Want morgen kan er weer een Manning of een Snowden zijn, of drie of vier die informatie doorspelen aan The Guardian. Dit betekent dat er geen geheimen zijn, dat alles transparant is. Bedrijven zullen geen belasting kunnen ontduiken, regeringen zullen geen geheime gevangenissen kunnen bouwen. We zullen in een nudistenkolonie wonen.”

Kunnen we in een wereld leven zonder geheimen?

„Ik denk dat de wereld denkt dat geheimen nodig zijn. Het zal een radicale verandering zijn. Hoewel... de drijvende kracht achter het vergaren van informatie zijn niet, wat veel mensen denken, inlichtingendiensten. Het zijn winkels, sociale media. De belangrijkste informatie die wordt verzameld, is niet de inhoud van je e-mails. Ik denk dat [supermarkt] Tesco het meeste over mij weet door mijn bonuskaart. Als je daar algoritmen op loslaat, weet je wat ik stem.”

Het klinkt alsof u geen probleem heeft met het verzamelen van inlichtingen

„Wat men zich niet afvraagt, is wat er over tien jaar met de data gebeurt. Een collega vertelde laatst dat De Beers, het diamantenbedrijf, geen afvalproducten weggooit omdat ze niet weten of er over een paar jaar nieuwe methoden zijn om daaruit diamanten te halen. Zo werkt het ook met inlichtingendiensten. Ik ben optimistisch: een samenleving die voortdurend wordt bewaakt, is ook een samenleving waar dat toezicht ten goede kan worden gebruikt. Ik weet niet hoe ik denk over een wereld waarin we naakt zijn, maar het kan leuk worden.”

Kunnen inlichtingendiensten dit nog tegenhouden?

„Nee, er is weinig wat ze kunnen doen. Ik was onlangs in het Pentagon, waar een staatssecretaris generaals voorhield: doe niets verkeerds. Allereerst omdat het verkeerd is, ten tweede omdat iemand er altijd achter komt. Er zijn geen geheimen. Dat is wat Snowden duidelijk wil maken.”

Hebben wij als burgers ons vergist in wat spionnen deden? Hadden we te lang een James Bond-idee?

„Nou, de laatste James Bondfilm ging over cyberterreur. Als je dat nog niet wist, ben je toen aan de haren deze eeuw ingetrokken. Wat we ons nog niet realiseren, en wat Snowden niet heeft belicht, is dat de organisaties die er in al onze landen voor moeten zorgen dat we elektronisch weerbaar zijn, en dat onze systemen veilig zijn, dezelfde organisaties zijn die inlichtingen moeten verzamelen. En die dus willen dat systemen zwak en poreus zijn. Hier deelt de CESG, de Communications Electronics Security Group, het gebouw met GCHQ. Het is een tweehoofdig dier.”