Innovatie komt heus niet uit een oude garage

Google en Apple danken hun succes aan overheden die het onderzoek financierden waarmee zij konden innoveren.

Een aantal jaren geleden reed ik door Silicon Valley. Er was iets dat me bevreemdde: midden in de steden stonden nog overal telefoonpalen met veel draden. Dat zou je niet verwachten in dit mekka van de innovatie. Het illustreert de grote paradox van het Amerikaans ontwikkelingsmodel: private rijkdom en publieke armoede. Het verhaal wordt nog schrijnender als je beseft dat die private rijkdom ook nog publiek gefinancierd is. Dat is in essentie het verhaal van Mariana Mazzucato’s The Entrepreneurial State. Keer op keer waren het overheden die het risicovolle onderzoek financierden dat uiteindelijk leidde tot het commerciële succes van ondernemingen zoals Apple, Google, GE en First Solar. Als stank voor dank proberen deze bedrijven vervolgens via ingewikkelde constructies in belastingparadijzen zo weinig mogelijk belasting te betalen. Innovatie komt helemaal niet uit garages, zo toont Mazzucato aan. Die garages en de ermee verbonden venture capitalists komen er ten vroegste twintig jaar later aan te pas, wanneer de risicovolle investeringen van de overheid in nieuwe wetenschappelijke paradigma’s en technologieën uiteindelijk vrucht beginnen te dragen. Met name het belang van venture capital bij innovatie is een mythe geworden die nergens op slaat, want dit soort financiering is vooral uit op snelle winst.

Mazzucato illustreert dit verhaal met vele voorbeelden uit de farmaceutica, ict, nanotechnologie en meest recent de milieutechnologie. Het meest uitgebreid diept ze het thema uit aan de hand van Apple. Ze wijdt een heel hoofdstuk aan de twaalf technologiegebieden die Apple succesvol wist te combineren bij de ontwikkeling van de iPod, iPhone en iPad. Die kwamen tot stand via grote publiek-private programma’s. Dat maakt de prestatie van Apple er niet minder om, want Apples concurrenten hadden in principe de beschikking over dezelfde technologieën. Maar rechtvaardigt deze prestatie dat de negen belangrijkste managers van het bedrijf in 2011-2012 samen niet minder dan 850 miljoen dollar mee naar huis mochten nemen?

Risico’s nemen

Complexe innovatie is minder dan ooit het werk van één onderneming alleen. Daar is een veelvoud van partijen voor nodig. Dat is de symbiotische kant van het grote systeem waaruit geregeld belangrijke innovaties tevoorschijn zijn gekomen. Zoals het nu werkt, is dat systeem evenwel ook parasitair, aldus Mazzucato. Zoals bij de oplossing van de bankencrisis worden de kosten hoofdzakelijk door de overheid – de belastingsbetalers dus – betaald, terwijl de meeste opbrengsten bij een kleine groep in het bedrijfsleven terecht komen. Die laatste wekken graag de indruk alsof zij beloond worden voor de risico’s die ze genomen hebben, terwijl die risico’s grotendeels bij de overheid lagen. Heel schrijnend vindt Mazzucato de situatie in de Amerikaanse gezondheidszorg, waar veel mensen de geneesmiddelen niet kunnen betalen die ze voor een groot stuk mee hielpen te financieren.

Publiek goed

Eigenlijk is dit verhaal niet nieuw. Sterker, ook de meest traditionele liberale economen zijn het ermee eens dat de overheid een rol te spelen heeft bij ‘precompetitief’ wetenschappelijk-technologisch onderzoek, omdat dit een ‘publiek goed’ is. Omdat de daarmee verbonden onzekerheden zo groot zijn en mogelijke successen ervan in de regel niet door één onderneming kunnen worden toegeëigend, dreigen private ondernemingen te weinig in dergelijk onderzoek te investeren. Zeker bij het meer fundamenteel onderzoek wordt het leeuwendeel dan ook door overheden gefinancierd. Maar het is dan inderdaad niet correct tezelfdertijd de garagemythes te blijven verspreiden, samen met de verhalen over bureaucratische overheden die niet in staat zijn te weten welke technologiegebieden er toe zullen doen in de toekomst.

Mazzucato vindt daarom dat het echte verhaal over innovatie en economische groei maar eens moet worden verteld. De mythes die ze bestrijdt, leiden er immers toe dat overheden hun essentiële rol bij innovatie steeds minder spelen. In plaats van te bezuinigen op die rol moet ervoor gezorgd worden dat bedrijven die ervan profiteren er ook financieel meer aan gaan bijdragen.

Dany Jacobs is hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.