Column

Simone Een fier plukje spierwit

Eerst even deze vijf woorden. Omdat democratie geen goed woord is voor een eerste zin. Het is een woord om bij af te haken, hol als ‘respect’, en bovendien zonder hashtag.

Vandaag ontvangt filosoof Jürgen Habermas de Erasmusprijs, voor zijn oeuvre, maar vooral voor zijn ideeën over de toekomst van democratie in Europa. Burgers voelen zich politiek niet vertegenwoordigd, omdat de financiële markten het beleid bepalen. Daardoor grijpen kiezers, volgens Habermas, terug op vertrouwde ideeën. In dit geval is dat de natiestaat: het idee dat landgrenzen meer zijn dan een afgesproken stippellijntje op een kaart: ze staan voor wie je bent.

Dat terwijl de lijn tussen twee landen vooral een verschil in regeltjes aanduidt. Zo ontdekte Tommy Wieringa in zijn televisieserie De grens een provisorische keet van zeil en planken waar illegaal radio wordt gemaakt. De ene helft van de mannen spreekt Duits, de andere Nederlands, maar ze verstaan elkaar vooral in een dronkentongvaltaal. Ze zijn een piratenzender, maar zonder idealen: er wordt gewoon muziek gedraaid. Ze doen het ‘voor de kick’. Zelfs wanneer je niet van anderen afwijkt, hoor je toch liever je eigen geluid.

Habermas roept juist op om naar anderen te luisteren. Hij pleit voor publieke besluitvorming. Maar juist zij die namens ‘het volk’ spreken, juist zij die pretenderen slechts een versterker te zijn van een onderbuikgevoel dat maar niet in begrijpelijke bewoording naar buiten wil komen, juist zij mijden het gesprek.

Daarvan getuigt de Twitteraccount van Wilders. Toen hij onlangs voor het eerst plots en per ongeluk iemand volgde – een student journalistiek die zijn geluk niet opkon –, schrok hij vlug terug. Want zodra je met ‘het volk’ in gesprek gaat, wordt het concreet. En op concrete eisen is minder makkelijk je eigen zin door te drijven dan op een vage en on(in)gevulde onderbuik.

De 21-jarige student deelde met Wilders niet meer dan een voorliefde voor Donald Duck, maar hij voelt zich desondanks vereerd. Zijn Twitterbio luidt nu: ‘Werd als eerste Nederlander kortstondig gevolgd door @geertwilderspvv’.

Gisterochtend hield de 84-jarige Habermas een lezing. De ouderdomskraak in zijn stem maakte hem vrijwel onverstaanbaar, maar zijn haar zat overtuigend: een fier plukje spierwit stak bij zijn linkeroor omhoog, als de pluim van een wijze uil.

Waar de meesten van ons harder gaan gillen wanneer we ons onbegrepen voelen, leek Habermas steeds zachter te praten. Ik leunde verder naar voren.

Voor mij zat een man die op zijn iPad naar elders swipete. Af en toe krabde hij met de afgekloven achterkant van een pen in zijn oor. Aan het eind van de lezing jeukte het blijkbaar opnieuw. Hij peuterde, ditmaal onoplettend met de pen verkeerd om, de balpunt naar binnen. Slim: hij schreef de woorden die hij wilde horen gewoon eigenhandig in zijn oor.