James Franco geeft zichzelf een jubelende recensie

Niemand houdt van hipsters. Dat is misschien de reden waarom acteur James Franco vaak zoveel weerzin oproept, want hij is zo ongeveer het gezicht van de hedendaagse hipster met zijn gecoiffeerde gezichtsbeharing, ironische brilmonturen en biologische koffie met sojamelk.

Wat ook niet helpt, is dat er zoveel James Franco is. Recentelijk was hij als acteur actief in de stonerkomedie This is The End, als het lijdend voorwerp van een ‘roast’ van Comedy Central – waarin de ene beroemdheid wordt afgezeken door andere beroemdheden – en ook nog als regisseur van de ene na de andere film. Vrij uniek is dat Franco in het afgelopen jaar nieuwe films had op drie achtereenvolgende filmfestivals: Interior. Leather Bar in Berlijn, As I lay Dying (naar de roman van William Faulkner) in Cannes, en Child of God in Venetië, over de lotgevallen van een necrofiel. Zijn beroemde naam zal zeker deuren voor Franco hebben geopend, maar toch een opmerkelijke prestatie.

De achteloze, gespeelde nonchalance waarmee Franco in hoog tempo films aflevert, maakt het wel lastiger voor hem om serieus genomen te worden; sommige filmjournalisten lieten zijn meest recente werk in Venetië ongezien schieten, onder het motto: „Eén film van James Franco per jaar is meer dan genoeg.”

De ergerniswekkende James Franco-actie van de week: Franco schreef een jubelrecensie voor website Vice van de film Spring Breakers, waarin hij zelf een grote rol speelt, als de rapper en drugsdealer Alien. In zijn stuk haalt Franco een telefoontje aan dat hij ontving van de legendarische Werner Herzog, al vele jaren een vriend en steunpilaar van de regisseur van de film, Harmony Korine. Herzog prijst Franco’s optreden in Spring Breakers regelrecht de hemel in. „Robert De Niro in Taxi Driver is kinderspel vergeleken met mijn optreden en Spring Breakers is de beste film van het decennium.” Zijn ranzige personage Alien belichaamt, alweer volgens Herzog „the spirit of the age”. Pseudo-bescheiden voegt Franco eraan toe dat alle lof niet hem toekomt, maar de regisseur van Spring Breakers, maar Herzogs loftuitingen stralen toch mooi op hem af.

Onuitstaanbaar in zijn ironische narcisme? Absoluut. Maar zoals wel vaker bij Franco: helemaal uit de lucht gegrepen zijn die mooie woorden niet. Zijn optreden als Alien is inderdaad een onvergetelijke rol, en Spring Breakers wás een van de opmerkelijkste films van het afgelopen jaar; een film die het ranzigste van de hedendaagse popcultuur blootlegt en uitvergroot, een vernieuwende film ook, die zichzelf als in een soort loop steeds herhaalt (als ‘trancemuziek’ volgens Franco) en die allesbehalve een conventioneel verhaal wil vertellen. („Verhaal? Niemand wil meer een verhaal tegenwoordig, mensen willen een ervaring.”)

Ondanks de eigendunk is de recensie in eigen zaak van Franco een vrij scherpe analyse van een belangwekkende film. Dat maakt James Franco helemaal ergerlijk: hij kan onuitstaanbaar pretentieus uit de hoek komen, maar hij heeft wel talent, die verschrikkelijke hipster.

Peter de Bruijn is filmredacteur