Een ongeluk lag nooit aan de orka

Trainer Samantha Berg werkte twintig jaar geleden met veel plezier in Seaworld. Nu kijkt ze daar anders tegenaan en voert ze actie tegen amusementsparken met wilde dieren.

Tilikum, met de omgeslagen rugvin die je vaak bij gevangen orka's ziet, doet een kunstje

Geweldig werk vond ik het”, zegt Samantha Berg (45) over de drie jaar dat zij in Seaworld in Florida trainer was bij de dolfijnen, zeeleeuwen en orka’s van dit amusementspark. Toen ze er in 1993, kort voordat de beruchte orka Tillikum in Seaworld arriveerde, vertrok om diergeneeskunde te gaan studeren, was ze vastbesloten later naar deze baan terug te keren. Het liep anders: ze woont nu in Alaska en is acupuncturist.

Het duurde tot 2010 voordat zij anders ging denken over die mooie tijd dat ze kunstjes met dieren deed. „Op CNN hoorde ik de directeur van Seaworld zeggen dat Dawn Brancheau haar dood aan zichzelf te wijten had. Dat klopt niet, dacht ik. Ik realiseerde me dat het in mijn tijd net zo ging: bij ongelukken gaf de directie altijd de trainers de schuld en eigenlijk geloofden we dat zelf ook. Over de reële gevaren van de omgang met wilde dieren werden we niet voorgelicht. Net zo min als we wisten waar de dieren vandaan kwamen en wat hun geschiedenis was.”

Opeens ging Berg de episode uit haar jeugd – ze was 20 toen ze bij Seaworld ging werken – kritisch bekijken. Ze vond aansluiting bij andere ex-trainers die ook waren gaan twijfelen en liet zich interviewen voor de film Blackfish. Nu is ze in Amsterdam in het kader van de pr-campagne voor deze documentaire, die een schokkend beeld geeft van de omstandigheden in deze sector van de amusementsindustrie.

„Ik zag er destijds niets verkeerds in, hoewel ik wel in de gaten kreeg dat er dingen niet klopten: de kleine ruimte voor de dieren, de gebrekkige medische verzorging. Het publiek wil graag geloven dat de dolfijnen, de zeeleeuwen en de orka’s de kunstjes en de omgang met de trainer leuk vinden. Dat is begrijpelijk: orka’s en dolfijnen lijken te lachen, als je ze aanraakt, en kunnen menselijk gedrag imiteren. Ik sluit ook niet uit dat sommige dieren plezier hebben. Het punt is echter: ze hebben geen keus. Ze kunnen niet ontsnappen. Neem zo’n dolfijn die zich elke dag laat welgevallen dat kinderen hem aanraken of op zijn rug meerijden – aan dat soort programma’s wordt enorm veel geld verdiend. Mensen hebben het idee dat ze zo met de natuur in aanraking komen. Maar er is niet zoveel natuurlijks aan. In de natuur zijn dieren vaak vrij saai: ze lopen of zwemmen een beetje rond, eten een hapje en slapen veel. In parken als Seaworld wordt niet een authentieke natuurbeleving, maar een droom verkocht.”

Als het aan Berg ligt, worden zulke pretparken ontmanteld en de 45 orka’s die nu nog wereldwijd in gevangenschap verkeren vrijgelaten of tenminste niet langer gedwongen tot optredens. In sommige landen is het al verboden om grote zeedieren in gevangenschap te houden: Groot-Brittannië, India. In China, Japan en Dubai bestaan juist plannen voor nieuwe parken en in Rusland zijn vijf bedrijven gespecialiseerd in het vangen van deze wilde dieren voor amusementsdoeleinden. Berg: „Ik schaam me soms heel erg dat ik vroeger met zoveel plezier bij Seaworld gewerkt heb. Maar ik kan nu wel met kennis van zaken actie voeren.”