Ook in Duitsland de beste band van Nederland

In de huidige bloedvorm is De Staat de beste band van Nederland Toch zou je ze eens over de grens moeten zien optreden Zo kenden we ze nog niet: bij de Oosterburen klinken ze losser dan ooit

De Staat treed op in Lingen, Duitsland, voor vijftig bezoekers. Foto Eric Brinkhorst

Medewerker Muziek

Zoals in Nederland oude melkfabrieken en weeshuizen werden omgebouwd tot popzalen, zo kent het Duitse Lingen een voormalig abattoir waar nu elke week rockmuziek klinkt. De Alter Schlachthof in de kleine Duitse stad vlak over de grens, is in meer dan één opzicht een jongerencentrum. Het gebouw herbergt ook een crèche voor de kleintjes. Kleuters keken nieuwsgierig toe hoe rockband De Staat, aus Holland, ’s middags de apparatuur uitlaadde.

Tot de dood van stadhouder Willem III in 1702 behoorde het graafschap Lingen tot de Nederlanden. Toch voelt het hier echt als een ver buitenland, zegt zanger Torre Florim voorafgaand aan het eerste optreden van een Duitse tournee, die ook grotere steden als Berlijn en München aandoet.

Zes weken geleden presenteerde De Staat de muziek van het nieuwe album I_Con op twee uitverkochte avonden in hun thuisstad Nijmegen. Een drukbezochte Nederlandse tour volgde. In grote delen van Duitsland zijn ze nog praktisch onbekend. Hoewel ze hier al op grote zomerfestivals speelden, zien ze het als een uitdaging om de vijftig man in de Alter Schlachthof voor zich te winnen.

In het donker achterin de zaal wachten twee meisjes verlegen op wat komen gaat. De Staat? Tot vanavond nog nooit van gehoord. Nauwelijks een kwartier later staan ze uitzinnig te dansen op een band die hier losser klinkt dan ze in Nederland ooit geklonken hebben.

Kommen Sie maar ein bisschen bei mich”, noodt Florim het publiek naar voren in aandoenlijk steenkolenduits. „Sind sie klar um zu tanzen?

Swingend, informeel en los uit de pols: zo kenden we De Staat nog niet. Tot voor kort stond de band vooral bekend om de strenge industriële ritmes en de machinale precisie waarmee ze hun publiek bestookten op de albums Wait For Evolution en Machinery. Tot op het Alphapodium van Lowlands sleepten ze een Tinguely-achtig raderwerk mee dat zich aan het einde van hun optredens knarsend en schurend in beweging zette. Soms nam de machine hun muziek helemaal over en werden ze willoze onderdelen van het bonkende raderwerk.

Niets van dat alles op de huidige tournee. Met naadloos in elkaar passend samenspel ontpopt De Staat zich als een onweerstaanbaar discomonster.

Robuust pompten ze hun nieuwe nummers de zaal in. Er is een souplesse over hun ritmes en arrangementen neergedaald, alsof er plotseling ook luchtige dansritmes en vrolijke zangmelodieën tot de oefenruimte zijn doorgedrongen. De eerder zo verstikkende invloed van Queens Of The Stone Age is naar de achtergrond gedrongen. De Staat is een geoliede band die met duidelijk plezier aan een nieuwe fase begint. De verbeten spreekzang van Torre Florim maakt gaandeweg plaats voor soepeler zangpartijen, soms aanstekelijk gezongen door de hele band en altijd voorzien van een inventieve, ritmische songstructuur. Een groot verschil met de rigide artrockband van toen is dat het nu ook uitbundig feest mag zijn. Bij de raprock van ‘Old MacDonald Don’t Have No Farm No More’ springt Florim de zaal in, om als een sjamaan zijn hypnotiserende spreekkoor over de hoofden uit te storten. Hij is een nerveuze David Byrne en een knorrige Cornelis Vreeswijk in één: de meest oorspronkelijke rockzanger die ons land ooit heeft voortgebracht.

In de huidige bloedvorm is De Staat zonder reserve de beste rockband van Nederland, zo eentje waar je in het buitenland mee aan kunt komen. „Eins zwei drei vier”, klinkt het alsof dat altijd al de nummers inleidde. Florims „Danke schön!” klinkt welgemeend, elke keer als de aanwezigen hun dansbewegingen even staken voor een daverend applaus. Was er ooit een zaal met maar vijftig man waar het publiek zoveel lawaai maakte? Twee uur na aanvang staan de twee meisjes nog even fanatiek te dansen als aan het begin. Pas als de band bezweet van het podium stapt, hebben ze tijd voor een biertje.