Column

Simone Het begin

‘Hoe heb je dat voor elkaar gekregen?’ Het Jazz- stickertje laat lijmdraden achter op de schil die ik probeer weg te wrijven. We zitten in een café en ik had zin in deze appel, die nog in mijn tas zat en nu – als zelf meegebrachte consumptie – een beetje verboden voelt.

Sinds bekend is dat ik voor nrc.next als columnist aan de slag mag, is die vraag er vaker: hoe heb je dat voor elkaar gekregen? Ik probeer steevast te negeren dat het klinkt alsof ik er iemand voor heb bevredigd, op onzediger wijze dan gewoon met mijn geschreven tekst.

De jongen die tegenover me zit, mailde om een afspraak en vooral om advies. Ik heb immers ook filosofie gestudeerd en ik ben niet werkloos. Dat stemt hoopvol, schreef hij. Nu zegt hij met een geknepen stem alsof er een kurk in zijn keel zit waar alle lucht langs moet: „Het is crisis.”

Hij heeft een strategie nodig. Hoe is het bij mij begonnen? Ik denk terug, aan columns en blogs en essays die ik eerder schreef, maar raas daar algauw voorbij, tot ik mezelf in een luier zie staan, verscholen achter de bank in de woonkamer, terwijl de vrienden van mijn ouders met wijnglazen klinken en lachen omdat ik pas durf te poepen wanneer ze mijn knalrode persgezicht niet kunnen zien. Ik denk nu dat ik toen dacht: als ik mijn gêne met jullie delen kon, zouden jullie die herkennen. Misschien lag daar die eerste column wel.

Onzin, natuurlijk.

Wanneer je geen antwoord weet, moet je vragen stapelen. Een filosofenvraag, veilig abstract: tsja, zeg ik, hoever kun je überhaupt terugredeneren?

Oud-neuroloog Ernst Jansen bekende vorige week in een interview dat zijn megalomanie in 1994 al zichtbaar werd. Hij veranderde zijn naam van enkel Jansen naar Jansen Steur. Een eerste teken, volgens hem. Inderdaad gek dat het tuchtcollege toen niet heeft ingegrepen.

Het is alweer twee weken geleden dat schrijver Thomas Blondeau overleed. Een paar dagen voor zijn plotse dood sms’te hij dat-ie met een fikse hernia thuiszat. Achteraf waarschijnlijk een symptoom van de hartslagaderbreuk die binnenin hem broeide, maar hij dacht de pijn te herkennen omdat hij al eens eerder een hernia had. Het verleden biedt niet altijd de juiste houvast voor het heden.

In die stemming las ik het verslag van een nabestaande. Twee keer werd ze weduwe. Crisis. Maar ze houdt vast aan een boeddhistisch gezegde: ‘Het leven dient voorwaarts geleefd en achterwaarts begrepen te worden.’

Ik hap de appel – met intervallen omdat de bediening steeds langs loopt – tot klokhuis. De pitten vallen op tafel. Wie de dingen al te vroeg probeert te begrijpen, maakt van het leven te vlug een achterwaartse beweging.

Ik zeg dat ik op koffie trakteer. Hij bestelt bier.