Schoonheid die de discussie over ‘echt’ doet verstommen

De ZaterdagMatinee moet toe met een omroeporkest minder, maar de serie blijft een van de – zo niet dé – mooiste van Nederland. Vorige week stond William Christie er, nu Marc Minkowski.

De oude muziekspecialist Minkowski heeft, zoals veel collega’s, zijn actieradius allengs verbreed richting heden. Maar met Bachs Hohe Messe keert hij terug naar zijn (nooit verlaten) bron.

Hij nam de mis op op cd en hanteerde nu dezelfde opzet: tien zangers, klein ensemble. Minkowski’s microbezetting volgt de inzichten van Joshua Rifkin en Andrew Parrott (The Essential Bach Choir, 2000), ook beleden door Paul McCreesh en de Bachvereniging. Idee: Bachs ‘koor’ was nooit meer dan vier solisten, soms aangevuld met vulstemmen (ripienisten). Of het resultaat bevalt, is smaak. Zeker klinkt de korische Bach romiger met meer stemmen, maar op contrast tussen slank en monumentaal zette Minkowski wel zwaar in; tussen het Confiteor en het extatische Et expecto lag, dankzij uitstekende zangers, een wereld van verschil.

De tempi? Hoog. Jammer dat de nuances in de vioolsolo in het Laudamus te daarom verloren gingen. Anderzijds: wat een weelde de dat de grandeur van deze ‘Musiciens’ je steeds de oren deed spitsten. Het Agnus dei van alt Wiebke Lehmkuhl en het Sanctus smoorden elke discussie over authenticiteit in schoonheid.

Mischa Spel