Hoe het zwartepieten eindigde

omen we de naam Zwarte Piet ook tegen voordat de knecht of helper van Sinterklaas zo werd genoemd? Zeker, in verschillende betekenissen zelfs.

De eerste Zwarte Piet die ik kon vinden werd voor moord gezocht. We komen hem tegen in 1787, in een signalement dat indertijd in verschillende kranten stond (zie ewoudsanders.nl/blog voor het volledige signalement en de originele afbeelding). Kort samengevat: zwart krulhaar, zware zwarte wenkbrauwen, vlug van gang. Hij werd Zwarte Piet genoemd maar we kennen ook zijn echte naam: Jean Pierre Murguet. Hij was timmermansknecht, 48 jaar oud, en hij was „mager en bleek van aangezigt”. Het ging hier dus om een bijnaam, vanwege zijn zwarte haar. Bij mijn weten is Murguet, die in Groningen iemand had vermoord, nooit gepakt.

Zwarte Piet was ook een van de vele bijnamen voor de duivel. Lang gebruikte men het woord duivel liever niet – uit angst hem op te roepen – en daarom stond hij onder een hele reeks andere namen bekend, waaronder Pieterman en Joost. De duivel werd vaak afgebeeld als een zwarte figuur, vandaar bijnamen als Zwarte Piet en nikker (de oudste betekenis van nikker is ‘waterdemon’; nikker voor ‘neger’ leenden wij uit het Engels).

In de betekenis ‘duivel’ komen we Zwarte Piet onder meer tegen in het tijdschrift Vaderlandsche Letteroefeningen van 1833, in een bespreking van een kinderboek: „Wij zwijgen van platte uitdrukkingen, zoo als de woorden Joost, zwarte Piet, oude leepert enz. Zoo men behoedzaam schrijven moet, het is vooral, wanneer men voor de jeugd schrijft.”

Zwarte Piet was ook de naam van een populair kaartspel dat nog altijd wordt gespeeld. Vroeger eindigde dit spel voor de verliezers als volgt: met roet, houtskool of een gebrande kurk werd zijn of haar gezicht zwart gemaakt. Dat kaartspel kwam uit Duitsland en dankt zijn naam waarschijnlijk aan een roversbende die werd geleid door Johann Peter Petri (1752-1812), bijgenaamd Schwarzer Peter, die dit spel in de gevangenis zou hebben gespeeld.

Een vroege beschrijving van dit kaartspel vinden we in de Rotterdamsche Courant van 1855: „Later leerde de jeugdige en luchthartige Hertogin hare Keizerlijke Vrienden een kaartspel, dat te Saint Cloud nog lang in herinnering blijven zal, namelijk dat hetwelk in Duitschland en Holland onder den naam van Zwarte Piet bekend is, en waarbij de aangezigten der verliezers met een stuk houtskool worden zwart gemaakt, zoodat, naardien ieder zijne beurt krijgt, het eindelijk, onder groot gelach, eene soort van maskerade wordt.”

Dit kaartspel is de oorsprong van de uitdrukking iemand de Zwarte Piet toespelen (vroegste vindplaats 1876) en het werkwoord zwartepieten („het zwartepieten is begonnen”).

De oudste vindplaats voor Zwarte Piet als knecht van Sinterklaas, door Frits Booy gepubliceerd in zijn boek Op zoek naar Zwarte Piet, staat op 1868. Volgens John Helsloot, de sinterklaasdeskundige van het Meertens Instituut, is Zwarte Piet als naam voor de knecht van Sinterklaas pas in de eerste helft van de twintigste eeuw in brede kring aanvaard en ingeburgerd geraakt. Dat is ook mijn indruk.

Een van de oudere namen, door Helsloot gevonden in 1850, is Pieter-me-knecht.

Taalhistoricus Ewoud Sanders schrijft wekelijks op deze plek over taal.