Bankencrisis is meer dan falen van één man

Anniek Pheifer en Pierre Bokma in ‘De prooi’.

Tegen het eind van de derde en laatste aflevering van de miniserie De prooi (VARA), over de dreigende ondergang van ABN Amro, zien we een televisieverslaggever een stand-upper maken met een microfoon van radiozender BNR in zijn handen. Voor de handeling is dat absurde detail niet van belang, maar ik denk dat regisseur Theu Boermans er wel iets mee wil zeggen: een waarschuwing dat hij geen realisme beoogt en dat we ons in een paralleluniversum bevinden.

In de eerste twee, ook door mij zeer gewaardeerde delen van de dramatisering van Jeroen Smits non-fictie bestseller waren natuurlijk allerlei accenten aangebracht die afwijken van de historische werkelijkheid. Dat mag niet alleen, het moet, om de kijker bij de les te houden van een zo ingewikkelde en lastig in een paar woorden samen te vatten materie. Scenarioschrijver Frank Ketelaar verstaat die kunst buitengewoon goed. Directeur van De Nederlandsche Bank Nout Wellink (Victor Löw) trekt met zijn been, voorzitter van de raad van bestuur van ABN Amro Rijkman Groenink (Pierre Bokma) heeft een lamme rechterarm. Daar kun je wat mee in een character driven plot.

De meeste moeite had ik nog met de introductie van het fictieve personage van Groeninks persoonlijke assistente Julia (Anniek Pheifer), die door de raad van commissarissen naast hem is gezet om de enigszins autistische machthebber te helpen om meer empathisch te handelen. Alsof de narcistische held , die zichzelf al eens letterlijk in de voet, eh, arm schoot, zoiets ooit zou dulden.

Maar in het laatste deel ontspoort de serie in een nog andere richting. Morfinedromen van bankoprichter koning Willem I, paranoia omdat niemand Groenink begrijpt – tot uw dienst, dit is een koningsdrama. Maar dat hij om de verkoop van zijn bank aan het internationale consortium te voorkomen, op de poorten van DNB roffelt om daarna met zijn PA een Pietà uit te beelden, begeleid door Bachs Erbarme dich, dat reduceert het bankendrama wel heel erg tot de onvolkomenheden van een enkele man.

Als je niet beter wist, gaat dit drama over een drammerige psychopaat, een heethoofd tussen verstandige patriciërs als zijn voorganger Jan Kalff (Hubert Fermin), die van het begin af aan waarschuwt dat Groeninks benoeming een risico zou zijn. De interessantste figuur in deze opvatting is de Grote Poppenspeler Wellink, die de keuze had gehad om Groenink eerder af te stoppen.

Het is een neiging tot melodrama, die je vaker tegenkomt. Kwade genius Cees van der Hoeven versus de verbitterde Albert Heijn. Ik zie al columnisten en andere opinieleiders de fouten van de Rabobank ophangen aan het onvermogen van de teruggetreden topman en houten klaas Piet Moerland. Dat wij als mediaconsument behoefte hebben om gecompliceerde zaken aan overzichtelijke psychologie op te hangen, wil nog niet zeggen dat we daarin zo gemakkelijk bediend zouden moeten worden. Om die reden was ik uiteindelijk toch teleurgesteld in de televisieversie van De prooi, ook al houd ik best van vet aangezet drama.