Talibaanleider in Pakistan nam graag grote risico’s

Een van de meestgezochte terroristen, de leider van de Pakistaanse Talibaan, is bij een drone-aanval gedood.

Bang voor de dood was de Pakistaanse Talibaanleider Hakimullah Mehsud niet, ook al werd zowel zijn voorganger als zijn eigen nummer twee bij Amerikaanse drone-aanvallen geliquideerd. Toen een BBC-verslaggever bij een interview vorige maand enigszins huiverig het luchtruim inspecteerde, zei hij kalm: „Wees niet bang, op een dag moeten we allemaal sterven.”

Die dag kwam vrijdag sneller dan hij zelf had kunnen vermoeden. Even was er nog onzekerheid, omdat de Amerikanen in 2010 al eens zijn dood hadden gemeld terwijl hij toch weer levend opdook. Maar de laatste twijfel vervloog toen ook Talibaancommandanten bevestigden dat Mehsud, een van de meest gezochte terroristische leiders ter wereld, was gedood. Zondag wordt hij begraven in het ruige gebied langs de Afghaanse grens.

Mehsud, die in de dertig was en de Pakistaanse tak van de Talibaan sinds 2009 aanvoerde, was verantwoordelijk voor talloze terroristische aanslagen, vooral in Pakistan. Daarbij vielen duizenden doden. Soms liet hij ook acties ondernemen in het buurland Afghanistan. Bij een daarvan kwamen bij de stad Khost in 2009 zeven Amerikanen om het leven. Ook verdachten de Amerikanen hem ervan achter de mislukte aanslag van 2010 met een autobom op Times Square te zitten. Washington had een prijs van vijf miljoen dollar op zijn hoofd gezet.

De precieze toedracht was vrijdagnacht nog onbekend. Mehsud werd volgens sommige berichten getroffen toen hij met een auto op weg was in het district Noord-Waziristan, dicht bij de Afghaanse grens. Andere berichten spraken van een aanval op een versterkte woning. Ook drie metgezellen werden gedood bij de aanval, waarbij vier raketten werden afgevuurd.

De Amerikaanse drone-aanvallen boven Pakistaans grondgebied zijn omstreden, omdat ze volgens veel Pakistanen een schending van de soevereiniteit van hun land vormen. De Pakistaanse premier Nawaz Sharif drong er vorige week tijdens een ontmoeting met president Obama nog op aan de aanvallen te staken.

De doodstijding van Mehsud kwam enkele uren nadat Sharif andermaal had aangeboden een dialoog met de Pakistaanse Talibaan te beginnen. Dat had hij een paar maanden geleden ook al gedaan, maar als antwoord volgde er toen een nieuwe reeks bloedige aanslagen, vooral in de stad Peshawar. Na beraad deze week in Londen met de Afghaanse president Karzai en de Britse premier Cameron herhaalde hij zijn aanbod.

Mehsud was, zoals de meeste Talibaanstrijders, afkomstig uit het ruige gebied langs de Afghaanse grens. Zijn opleiding bleef beperkt tot enkele jaren op een madrassah, een islamitische school waar naast kennis van de Koran vaak ook het gebruik van wapens wordt onderwezen.

Mehsud stond bekend als scherpzinnig, maar ook als een waaghals. Hij genoot ervan bij autoritten in de bergen enorme risico’s te nemen en zijn medepassagiers zo de stuipen op het lijf te jagen. Als jonge commandant onderscheidde hij zich in 2007 met een aantal gedurfde aanvallen op het Pakistaanse leger. Bij een daarvan wist hij driehonderd militairen gevangen te nemen. Hoewel hij als leider meedogenloos kon zijn, was zijn controle over de vaak tamelijk autonoom opererende groepen Talibaanstrijders beperkt.

Het wegvallen van Mehsud betekent een zware klap voor de Pakistaanse Talibaan, die vaak samenwerkten met de bekendere Afghaanse Talibaan. Het is nog niet duidelijk of het bevorderlijk is voor eventueel vredesoverleg met de Pakistaanse regering. Dat hangt ook van het machtige Pakistaanse leger af.