Slechte managers hebben grote impact

Wat vinden medewerkers het meest irritante, ondermijnende gedrag van hun directe manager? De fameuze hoogleraar David S. Brown van de George Washington Universiteit onderzocht het. Hij vroeg mensen zich de slechtste baas uit hun carrière voor de geest te halen en diens eigenschappen te beschrijven.

Brown kwam tot de volgende irritatie-top-7.

1. Niet delegeren; geen ideeën van medewerkers accepteren

2. Geen respect voor en vertrouwen in anderen; slecht in menselijke relaties

3. Emotionele onvolwassenheid; overdreven met zichzelf bezig

4. Niet in staat om te communiceren met anderen

5. Vaak van mening wisselen; besluiteloosheid

6. Positie en dreigementen gebruiken om dingen gedaan te krijgen

7. Onjuiste inschattingen en beslissingen

Ik heb de afgelopen week de uitkomsten van dit onderzoek aan allerlei mensen voorgelegd. Zonder uitzondering herkende men de eigenschappen die Brown opsomt. Opmerkelijk is alleen dat dit onderzoek al vijftig jaar oud is. Het werd in 1964 gepubliceerd in het Academy of Management Journal. Blijkbaar vonden medewerkers dit soort managementgedrag ook toen al vervelend.

Slechte managementgewoontes hebben een grote impact. De cijfers per onderzoek kunnen wat verschillen, maar negatieve ervaringen op het werk hebben in de regel vier tot vijf keer meer impact op de stemming en de motivatie van medewerkers dan vergelijkbare positieve ervaringen. Bovendien blijken slechte gewoontes ‘besmettelijk’ en belemmeren ze de ontwikkeling van goede.

Over mogelijke oplossingen verschillen de meningen. Sommige experts menen dat bewustwording al heel wat helpt. Anderen bepleiten het een-op-een begeleiden van managers bij het oplossen van hun gedragsproblemen. En managementhoogleraar Bob Sutton – altijd goed voor een stevige mening – is voorstander van het actief weren van ‘jerks’ in het bedrijfs- en hr-beleid.

Wat natuurlijk ook kan is actief, bedrijfsbreed werken aan de ontwikkeling van goede gewoontes. Wie daar meer over wil weten kan terecht bij Google. Niet de zoekmachine, maar het bedrijf. Google stelde zich zo’n tien jaar geleden de fundamentele vraag: ‘Doen managers ertoe?’ Het bedrijf begon een uitgebreid, langlopend onderzoek. In 2011 werden de bevindingen gepubliceerd. Conclusie: de kwaliteit van de manager is de ‘belangrijkste, beheersbare factor’ in het realiseren van resultaten. En de volgende acht managementgewoontes (zo ongeveer het spiegelbeeld van de zeven hierboven) werpen de meeste vruchten af.

1. Wees een goede coach

2. Geef je team de ruimte, vermijd ‘micromanagement’

3. Laat je team merken dat je hun succes en welbevinden belangrijk vindt

4. Niet aanstellen: wees productief en resultaatgericht

5. Communiceer duidelijk en luister naar je team

6. Help je medewerkers met de ontwikkeling van hun loopbaan

7. Zorg voor een heldere visie en strategie voor je team

8. Ontwikkel technische kernvaardigheden om je team te kunnen helpen

Tja. Bij het hippe Google vond men dit zelf ook niet echt vernieuwend. Waarschijnlijk had men op iets spectaculairdere zoekresultaten gehoopt. Maar blijkbaar is dit all there is en draait management gewoon meer om basale, tijdloze waarheden dan om de laatste hype. Ook dat had David S. Brown ons in 1964 waarschijnlijk al kunnen vertellen.

Ben Tiggelaar is gedragsonderzoeker, trainer en publicist en schrijft elke week over management en leiderschap.