Oren kwijt? Even een nieuwe oorschelp printen

FOTO TU Delft

Hoe laat je nieuwe, op maat gemaakte oren groeien voor bijvoorbeeld brandwondenpatiënten? Met die vraag startte Ernst Jan Bos twee jaar geleden zijn promotieonderzoek bij de afdeling plastische chirurgie van het VU medisch centrum (VUmc).

Hij begint met een mal, gemaakt door een 3D-printer. Het computerprogramma hiervoor liet hij schrijven door studenten industrieel ontwerpen en bouwkunde van de TU Delft. Zij baseerden zich daarbij op oren van in het VUmc overleden patiënten. De parameters in het programma zijn, afhankelijk van de patiënt, aan te passen. Ze bepalen onder meer grootte, kromming en vorm van het oor.

Sommige 3D-prints, zoals deze hiernaast, lagen deze week in Delft op de tentoonstelling Augmenting prototyping. Ze zijn van gips. Uiteindelijk wil Bos een biologisch afbreekbaar materiaal gebruiken, polycaprolacton. Daarvan is bekend dat patiënten het verdragen.

In de mal wil hij een gel injecteren met kraakbeencellen en vetstamcellen (uit het buikvet) van de patiënt. Van de gel is bekend dat hij kraakbeenvorming stimuleert. Het gevormde kraakbeen moet de mal vullen, die na verloop van tijd oplost. Het kraakbeen geeft de vorm, maar het nieuwe oor moet ook bedekt worden met huid. „Een complexe operatie”, zegt Bos. Maar zover is het nog niet. Eerst moet hij met diverse mallen, gevuld met cellen, dierproeven doen.

Bos hoopt met zijn aanpak de behandelmogelijkheden voor brandwondenpatiënten te verbeteren – hij doet zijn onderzoek in samenwerking met het Brandwondencentrum in Beverwijk. „Er zijn kunststof mallen in gebruik, maar die zijn niet afbreekbaar en kunnen zorgen voor afweerreacties.” Een ander veelgebruikt alternatief is een oor te modelleren uit ribkraakbeen van de patiënt. „Maar dat is niet altijd een optie bij brandwondenslachtoffers.” Marcel aan de Brugh