Nu zit tussen bewegingen die zijn geweest, en bewegingen die komen

Er is een makkelijke uitleg van het begrip nu (‘Ergens tussen zojuist en straks’, NRC Handelsblad, 26 oktober), maar die staat natuurlijk niet los van een uitleg van tijd. Eigenlijk bestaat tijd niet. Tijd is de relativiteit van twee bewegingen. Als maatstaf is tijd een eigen leven gaan leiden, en daar komen veel misverstanden uit voort.

Tijd is feitelijk niets anders dan een meeteenheid die een beweging meet in verhouding tot een andere beweging: de zon die op en onder gaat, maakte plaats voor het wegtikken van de tijd door een klok, en het trillen van een atoom, zetten we af tegen onze dagelijkse routine, en zo helpt ‘tijd’ onze dag in te delen. Ritmische bewegingen, voorspelbaar en regelmatig, zijn uitermate geschikt voor plannen en voorspellen. Kortom, tijd is een nuttig meetinstrument, zoals geld (schelpen, edelmetalen, cijfers op een bankrekening, Bitcoins) een nuttig meetinstrument is van de waarde van materie in relatie tot andere materie.

Vanuit dat perspectief verklaart alles zich helder, van Einstein’s relativiteitstheorie tot het begrip ‘nu’, van de onmogelijkheid van tijdreizen naar het verleden tot de mogelijkheid van het tijdreizen naar de toekomst. Als tijd niet bestaat, maar alleen relatieve beweging, betekent terugreizen in de tijd dat jij exact stil moet staan, en de rest van het universum zijn beweging omgekeerd moet afdraaien. Exact stilstaan als mens is je gemakkelijk voor te stellen: bevries jezelf. Reizen naar de toekomst wordt dan makkelijk, want laat de wereld vijftig jaar zijn gang gaan (en hoop dat er bij het ontdooien en bewaren geen fouten worden gemaakt), en voilà: je bent nu vijftig jaar de toekomst in gereisd. Het omgekeerde vereist dat het hele universum exact omgekeerd beweegt, alle bewegingen van de afgelopen vijftig jaar dienen ongedaan gemaakt te worden. Je hoeft er niet lang over na te denken: fysiek reizen naar het verleden, dat is onmogelijk, en naar de toekomst dus ook alleen met enkele reis.

Maar er is hoop: wij ervaren de wereld vanuit het menselijk perspectief van ons eigen zelfbewustzijn, en hoezeer we ook door het verleden en anticipatie op de toekomst gevormd worden, door het bewustzijn uit te schakelen leven we absoluut in het Nu. Vanuit dat perspectief is het absolute Nu haalbaar: het volledig automatisch handelen, zoals sporters dat vaak nastreven vanuit het idee dat automatisering tot betere prestaties leidt als het bewustzijn zich er niet mee bezighoudt.

Arwin van Arum