Ik vergeet bijna

dat dit in de krant komt

Interview

In haar nieuwe film Sletvrees onderzoekt Sunny Bergman of westerse vrouwen wel zo seksueel vrijgevochten zijn als wordt gedacht. „Ik heb seks gehad met 35 mannen. Ben ik nu een slet?”

tekst Rinskje Koelewijn

foto’s Merlijn Doomernik

Sunny Bergman toont in Beperkt Houdbaar met een foto van zichzelf hoe Photoshop wordt gebruikt om vrouwen ‘mooier’ te maken.

Z e slaat haar armen om me heen om me te zoenen. Maar na één wangkus realiseert ze zich geschrokken dat we elkaar niet kennen. Zij mij niet althans. Ik denk Sunny Bergman wel te kennen. Ik zag haar in Beperkt Houdbaar, haar documentaire uit 2007. Ze filmt cosmetisch arts Matlock. Zij ligt wijdbeens op de onderzoekstafel, hij onderzoekt haar inwendig. Dan kijkt hij recht in haar camera en feliciteert haar: ze is „absoluut een kandidaat” voor een vaginaverjongende operatie. In haar documentaireserie Sunny Side of Sex uit 2011 zit ze op een hemelbed met een Oegandese sekstante. De vrouw trekt aan Sunny’s binnenste schaamlippen om die op te rekken tot Oegandese schoonheidsmaatstaven.

Ik weet dat Sunny bang is om ouder te worden, dat ze haar wipneus stom vindt, haar borsten (cup A) te klein. Sunny Bergman (41) maakt documentaires die beginnen bij haarzelf. Haar neuroses, haar onzekerheden en haar twijfels zijn de nulhypothese. Met draaiende camera gaat ze op pad om die hypothese te toetsen. Is zij de enige vrouw die zich druk maakt om uiterlijkheden? Nee, concludeert ze met haar nasale, iets zeurderige voice-overstem: achter vrouwelijk schoon zit een miljoenenindustrie. Wat een particulier probleem lijkt, maakt Sunny tot een maatschappelijke kwestie.

Haar nieuwe film Sletvrees (14 november op televisie) en haar boek met dezelfde titel (deze week verschenen) gaan ook over vrouwen en over seks. Nu onderzoekt ze of westerse vrouwen eigenlijk wel zo seksueel vrijgevochten zijn als wordt gedacht. In haar boek schrijft ze over haar moeder, een aristocratische Engelse met een Oxford-diploma en haar vader: een langharige provo. Ze werden de hippieouders van Sunny en haar broertje op een woonboot in Amsterdam. De vrije liefde leidde tot een scheiding en een nieuwe (stief)vader met snor en dwarsfluit. Sunny herinnert zich haar moeder die ’s avonds met een vriendin en een spuitbus de stad in ging om verfstrepen te zetten op seksistische plaatjes van blote vrouwen. En hoe haar moeder bloot door het huis liep, ook toen het populairste meisje uit de klas bij haar logeerde. Sunny is „frank en vrij” opgevoed: geëmancipeerd, sekseneutraal, vrijdenkend. Maar waarom voelt ze zich dan niet frank en vrij? Omdat er, denkt ze, onuitgesproken voorschriften gelden voor vrouwen. Een dubbele moraal: mannen met veel ervaring zijn stoer, vrouwen oversekst. In haar boek geeft ze voorbeelden uit Oeganda, China en Amerika. In haar film doet ze het op z’n Sunny’s: „Ik heb seks gehad met 35 >> >> mannen. Ben ik nu een slet?”

Ze ziet er anders uit dan in de documentaires. Jeugdiger, blonder, slanker, in een gladde, glanzende catsuit. Beetje vrijpostig om dat te zeggen tegen iemand die je voor het eerst ontmoet. Maar hé, zij is begonnen de grenzen van wat privé en betamelijk is op te rekken. Ze reageert verlegen. „Ik ben vijf kilo afgevallen. Is dat misschien wat je ziet?” Haar antwoord op de vraag hoe en waarom ze is afgevallen eindigt in gemompel. Ze rommelt ondertussen in haar legergroene rugzak, pakt haar ouderwetse Nokia-telefoon met kralensnoer, bekijkt de reeks ongeopende sms’jes. Sorry hoor, zegt ze. „Ik ben een beetje hyper.”

Vanochtend was ze op de rechtbank. Met twintig anderen heeft ze bezwaar aangetekend tegen de intocht van Sinterklaas in Amsterdam. „Zwarte Piet is een karikatuur van een zwart persoon. Zo racistisch.” Eerder deze week moest ze op de foto voor Volkskrant Magazine (wijdbeens) en had ze een fotoshoot met zanger Gordon voor Linda. Ze komt nu net bij de NRC-fotograaf vandaan. „De eerste keer dat ik als mezelf op de foto mocht.” Hardop denkt ze verder. „Hoe zet je jezelf neer? Welk beeld laat je zien. Dat houdt me bezig. Hoeveel vertel je over jezelf? Is een interview als dit pas goed als ik genoeg intimiteiten over mezelf heb verteld? Ook al is het niet relevant voor mijn werk?”

De camera draait altijd mee

Afwezig bestudeert ze de menukaart. Ze bestelt een omelet met gorgonzola en ham. Vraagt of ze er sla bij kan krijgen in plaats van brood. Aha, een broodmijder? Ze lacht: „Sinds ik geen brood eet, ben ik veel minder moe.” En ja, knikt ze, ze is er ook door afgevallen. „Maar daar was het me niet om te doen.” Ze probeert bewuster te leven, zegt ze. „Ik mediteer ook.” Ze heeft een mindfulnesscursus gedaan. „Ik ben drie keer in retraite geweest. Vijf dagen niet praten.”

Haar persoonlijk leven is moeilijk te scheiden van haar beroepsmatige, zegt ze. In haar hoofd draait de camera altijd mee? Ze knikt. „Ik heb ook een burn-out gehad.” O ja? „In 2008. En toen een terugval. En nog één.” Alles bij elkaar kon ze twee jaar niet werken. Hoe kwam dat? Ze denkt na. „Gek hè, dat je lijden zo snel vergeet?”

Ze was niet depressief, zegt ze. Alleen maar heel erg moe. „Ik wilde te veel. Mijn geest was op hol geslagen. Mijn gedachtes woekerden als onkruid.” Even stopt ze, als om de laatste minuten van zichzelf terug te kijken: ze at, ze praatte, ze zocht in haar tas naar sigaretten ook al rookt ze bijna nooit. „Eigenlijk was ik een beetje zoals ik nu ben. Te hyper.”

Na Beperkt Houdbaar was ze ineens bekend. Er kwam een website tegen de mooimaakindustrie, een stickeractie tegen gefotoshopte vrouwenbeelden in tijdschriften, en intussen was ze al bezig met een nieuwe film en het boek dat nu net klaar is. „Ik kreeg twintig aanvragen per dag voor interviews, optredens, debatten. En wat had ik aan die roem? Ik verdien er niks mee. Maar ik ben wel kostwinner.” Haar man David zorgt doordeweeks voor hun twee zoons, in het weekeind speelt hij in een band.

Ze bestelt een koffie verkeerd, met sojamelk. „Ik zou in mijn dagboek moeten kijken om te zien hoe die burn-out is overgegaan.” Ze is gewoon weer gaan filmen, dat hielp. Ze heeft nu een „laagje” opgebouwd tegen kritiek (reactie op haar website: „Sunny is gewoon zielig, gefrustreerd en nog lelijk ook”).

De eerste tweet over Sletvrees was: ‘Gatver, ze deed het met 35 mannen. Walgelijk’. Dat was een inkoppertje. Die zag ze aankomen. Maar het blijft eng, persoonlijke thema’s publiek maken. „Bij Beperkt Houdbaar wist ik vrij zeker dat de angst om ouder te worden universeel is. Maar met seksualiteit wist ik dat niet.” Waar was ze bang voor? „Een voorbeeld: ik heb eens met een jongen seks gehad, niet echt tegen mijn zin, ik ben niet verkracht ofzo... Het was meer dat nee zeggen meer gedoe was.” Ja, dus? „Nou ja, misschien is dat mijn particuliere hang-up, en laten andere vrouwen nooit matige seks toe.”

In de stemming

In Sletvrees interviewt ze willekeurige voorbijgangers in Londen, Berlijn, Las Vegas en Amsterdam in een tentje op het gras. Zij liggen op een bed en praten tegen de camera, Sunny zit buiten en stelt vragen over hun seksleven. Een iets te dik meisje zegt dat mannen eigenlijk vinden dat ze dankbaar moet zijn dat ze met zo’n dikzak naar bed willen. Een ouder echtpaar ligt naast elkaar. Gelaten hoort de man zijn vrouw zeggen dat ze hem soms zijn gang maar laat gaan, ook al is zij niet in de stemming. En een paar jonge jongens scheppen op over hun veroveringen, maar vinden het disgusting als een vrouw met meer dan tien mannen heeft geslapen.

Haar telefoon gaat. Haar vader. „Ik ben bijna jarig”, zegt ze als ze weer ophangt. Droog: „Hij wil weten of ik een verlanglijstje heb.” Van de weeromstuit bestelt ze een stuk appeltaart en vraagt, ineens bezorgd: „Was ik erg ontoeschietelijk tegen hem?” Ze vraagt het met die kinderlijke, quasi-onnozele intonatie die ze ook heeft als ze interviewt. „Veel journalisten zijn betweterig. Ze zetten hun geïnterviewde klem. Ik speel dat ik ongevaarlijk ben. Ik val niet aan, ik ga helemaal mee in iemands gedachtengang.” Zoals met de vaginadokter in Los Angeles. „Natuurlijk wou ik hem ter plekke toeschreeuwen: ik heb helemaal geen te wijde kut. Maar dan is het interview verpest.”

Ken je Gordon?, vraagt ze ineens. Ze bedoelt Thomas Gordon. „Zijn boek Luisteren naar kinderen is het beste boek ooit. Ik gebruik zijn methode in al mijn interviews.” Echt luisteren is: niet bagatelliseren wat iemand zegt en niet meteen met oplossingen komen, want dan luister je niet echt.„Als een kind zegt: ik wil niet naar school. Dan kun je zeggen: het moet. Einde gesprek. Maar als je zegt: ‘je hebt zeker zin om lekker een dagje thuis te blijven’, hoor je misschien wat het onderliggende probleem is.”

In Sletvrees past ze de Gordon-methode toe op schrijver John Gray van Mannen komen van Mars, vrouwen van Venus. Hij zegt: „Mannen van werkende vrouwen hebben minder testosteron en dus minder seks.” O jee, zegt Sunny dan: „Ik werk, mijn man zorgt voor de kinderen. Heb ik nu een probleem?” John Gray kijkt bedenkelijk. Zij: „Maar hij heeft nog wel een ochtenderectie.” Opgeluchte John Gray. „Dát is gunstig. Dan valt jouw probleem misschien nog mee.”

In de montage scherpt ze zo’n dialoog nog wat aan. „Iemand die zwijgend in de camera kijkt, alsof hij diep nadenkt, dat werkt heel goed. Alleen zijn mensen nooit zo lang stil. Ik ga dan, met opzet, een vraag verhaspelen. Maar, maar, maar... In de montage knip ik de vraag weg, waardoor het een lange pauze lijkt.”

„Als je lang genoeg doorgaat met vragen, maken mensen zich vanzelf belachelijk.” Belachelijk maken? „Nee”, verbetert ze zichzelf. „Ik bedoel: ontmaskeren. Als mensen voor een systeem staan, waar ik het niet mee eens ben... Ik wil hun echte gezicht laten zien.” En laat zij haar echte gezicht zien? Zie ik Sunny of de Sunny die zij wil laten zien? Ze aarzelt. „Geïnterviewd worden is best verneukeratief. Ik praat, ik vertel van alles over mezelf. Misschien stel ik me wel té kwetsbaar op. Ik vergeet bijna dat het in de krant komt ”

Ze slaat verschrikt twee handen voor haar mond. „Wat komt er boven het interview? ‘Ik neukte 35 mannen.’ En dat gaat dan over mij.” <<