Het wintersportgebied

Bedenk bij het kiezen van een wintersportgebied goed wat je wilt. Let op sneeuwgarantie, reisafstand, grootte en accommodatiemogelijkheden. Een ervaren skiër zal niet veel uitdaging meer beleven aan de beperkte gebieden in Tsjechië, maar het is er wel goedkoop. En wie nog wil leren hoe je op een snowboard blijft staan, kan het daar een week prima naar zijn zin hebben. De lessen zijn er goedkoper, net als de materiaalhuur, de accommodatie en het eten. Alleen de Tsjechische keuken is een afknapper.

Ook in de Alpen zijn de verschillen groot. Een skipas in het niet zo bekende Franse gebied Saint-Gervais (363 km aan pistes) kost €136 voor een week, terwijl je er in het populaire Tignes (298 km) zo €235 voor betaalt.

In Zwitserland net zo: een weekpas kost in Sankt Moritz (360 km pistes) €302. In Savognin (80 km), veertig kilometer verderop, €198. Daar zijn minder pistes, maar ze zijn ruim.

Het CBS berekende dat in Italië, mede vanwege de relatief lange wintersportvakanties die men daar houdt, een vakantie €990 per persoon kost. In Oostenrijk (het populairst) en Frankrijk is dat respectievelijk €645 en €607 per persoon, en in Duitsland €311 per persoon, natuurlijk geholpen door de lagere reiskosten.

Wintersporten kan ook voor een habbekrats in Bulgarije, Slovenië of Polen. En in Andorra (niet goedkoop) ski je wél belastingvrij! Avontuurlijker? Ga skiën in Iran. In het Elburz-gebergte zijn prima pistes waar hippe Iraniërs van de lange afdalingen genieten - en de zedenpolitie is er minder streng. De vlucht erheen is prijzig, maar ter plekke is het een flinke besparing.