De veelskiër wil spontaan een weekend backflippen

Het leek zo’n goed idee. In de zomer een sneeuwweekend boeken naar de Braunlage in het Duitse Harz. Voor in januari, de meest sneeuwzekere maand. Maar sta je bovenaan de babypiste, ziet de helling groen van het gras. Grote vlokken dwarrelen naar beneden, maar het helpt niet. Voor een mooie piste is een onderlaag van minimaal twintig centimeter nodig. Elke vlok die neerkomt, wordt gretig weg geskied. Je zet door. Tien, vijftien, twintig keer in het sleepliftje omhoog, met bevroren vingertoppen. De eenentwintigste keer is het klaar. De rest van het weekend breng je wandelend en bier drinkend door. Zeven dagen later zal er een meter sneeuw op de Braunlage liggen.

Dikke vette pech, want zo hoeft een skiweekend niet te zijn. Het kan een fijne training zijn voor de grote wintervakantie in februari. Waarom zou je je beperken tot een week wintersport per jaar? Tijdens een weekend snowboarden kun je je backflip perfectioneren en even weg zijn uit de bedompte kantoorlucht, voor niet al te veel geld en nauwelijks vrije dagen. En met een kleine voorbereiding kom je een heel eind.

Blokkeer al vroeg een aantal weekenden tussen december en maart in je agenda. Anders zit je planning straks vol met verplichte surpriseavonden, breicursussen of kookclubjes. Hou vanuit Nederland de sites van de interessante gebieden in de gaten. De sneeuwhoogte wordt vaak nauwkeurig bijgehouden, net als welke liften geopend zijn. Ook hangen bij veel pistes webcams waardoor je zelf de sneeuwcondities kunt beoordelen. Laat daarvan afhangen of je gaat.

Maar waar ga je naar toe? Voor drie dagen skiën zit je liever niet een dag in de auto. Je kunt naar Sauerland, ruim 300 kilometer van Utrecht. Enig nadeel: dit gebied is allang ontdekt door de grote meute, dus reken op lange wachttijden bij de lift en brallende Hollanders bij de après-ski. Een stukje verder, op 470 kilometer van Utrecht ligt het middelgebergte Harz. Een stuk rustiger, maar door een tekort aan sneeuwkanonnen is het onzeker gebied. Ben je bereid wat verder te rijden, dan kun je naar het Zwarte Woud of de Franse Vogezen. Beide op ruim 600 kilometer van Utrecht met meer pisten en – in Frankrijk – fonduemogelijkheden.

Meestal kun je een week van tevoren de sneeuwkansen wel inschatten. Vervolgens slijm je bij de baas, dreigt met ontslag of veinst een ziekte om vrijdag niet te werken. Je pakt de auto tijdig en tankt van tevoren, om meteen na kantoortijd te kunnen vertrekken. Donderdagavond rijd je op de Autobahn en vrijdagochtend sta je op de ski’s, met drie dagen in het vooruitzicht. Maandagochtend zit je weer keurig op kantoor.

Wie geen lang weekend vrij kan krijgen, kan voor een dag op en neer met de Skitrein. Vrijdagavond vertrek je vanuit Utrecht met de slaaptrein naar Oostenrijk. Rond negen uur ’s ochtends arriveert de trein in Kirchberg. ’s Avonds acht uur rijdt hij weer terug. Vliegen kan ook altijd nog. Het dichtstbijzijnde skigebied van Innsbruck ligt op 10 minuten rijden. Vanaf Salzburg is het een kwartier.

Soms hoef je helemaal niet zo ver van huis. Valt er genoeg sneeuw op Hollandse bodem, dan kun je op een paar plekken in Nederland snowkiten. Een weiland – wel even vragen aan de eigenaar – een breed stuk strand of een zweefvliegbasis volstaat. ’s Avonds dineer je met Bratwurst. Gewoon in je eigen keuken.

Emmelien Stavast