Eerste Kamer nam kabinet in bescherming

Zonder akkoord in de Eerste Kamer was de nabije toekomst van Rutte ongewis, meent Hans Wiegel.

Dankzij de Eerste Kamer is het kabinet in rustiger vaarwater gekomen. Ik doel op het akkoord dat het kabinet en de fracties van VVD en PvdA gesloten hebben met de Tweede Kamerfracties van D66, ChristenUnie en SGP.

‘Hoezo, dankzij de Eerste Kamer?’ zal worden gezegd. Was het niet zo dat de oppositie in de senaat dreigde een aantal plannen van de regering te verwerpen?

Ja, dat was het geval. Maar als de Eerste Kamer niet haar tanden had laten zien, zou het kabinet nooit zijn gaan buurten bij de oppositie in de Tweede Kamer. Dan was er dus geen akkoord op tal van punten gekomen en was de nabije toekomst van het kabinet-Rutte ongewis geworden.

De Eerste Kamer heeft, door op de haar in de grondwet gegeven strepen te gaan staan, het kabinet dus in bescherming genomen.

Het rare is dat de reacties, in en buiten het parlement, kritisch zijn over de opstelling van de senaat. VVD-fractievoorzitter Hermans zei dinsdag tijdens de Algemene Politieke Beschouwingen in de Eerste Kamer, dat deze zich op haar eigen rol moet bezinnen.

Bezinning is altijd goed, zeker voor het deel van het parlement dat zich graag chambre de reflexion laat noemen. Senator Hermans noemt zo’n bezinning urgent, nu dit kabinet van VVD en PvdA in de Eerste Kamer geen meerderheid heeft. Dat is typisch.

Het waren toch juist die twee partijen, die met open ogen en bewust zo’n kabinet gemaakt hebben.

Hadden zìj zich niet van te voren op de mogelijke gevolgen moeten bezinnen?

Ook zei senator Hermans dat de Eerste Kamer zich overbodig maakt als ze alleen maar met politieke ogen naar kabinetsvoorstellen kijkt. Maar dat doet de Eerste Kamer niet. Die kijkt in de eerste plaats naar de kwaliteit van de wetgeving.

De Eerste Kamer is wèl een politiek instituut. Dus kijkt ze ook naar de politiek inhoudelijke kant van de wetsvoorstellen die haar bereiken.

Ze doet dus niet aan ‘politiek met een kleine p’, maar bekijkt de voorstellen wel vanuit de eigen politieke visie. Zo werd de stemming over het wetsvoorstel tot invoering van het referendum ook door een deel van de VVD-fractie in de Eerste Kamer bepaald. In het program van die partij en in debatten in de volksvertegenwoordiging is steeds het referendum afgewezen.

Een vroegere fractievoorzitter in de Tweede Kamer voor de VVD, Mr. W. Geertsema, noemde het referendum zelfs „de bijl aan de wortel van de parlementaire democratie”.

Kortom: dankzij de Eerste Kamer is veel goeds tot stand gebracht. Ook nu.