Rijkentaks ja, behalve voor AS Monaco

Clubs in Frankrijk zijn woest De regering heeft besloten 75 procent belasting te heffen over inkomens boven een miljoen euro Dat raakt veel clubs hard, behalve Monaco: daar zijn salarissen belastingvrij

Correspondent Frankrijk

In de Franse voetbalcompetitie heb je twee clubs – en daarna een heleboel andere. Was het door Qatar betaalde sterrenteam van Paris Saint-Germain vorig seizoen nog de enige oppermachtige in de ‘Ligue 1’, dit jaar is daar, naar overeenkomstig model, AS Monaco bijgekomen.

Beide teams zijn na elf speelrondes ongeslagen, maar dankzij een net iets beter doelsaldo staat PSG bovenaan. Monaco, in 2011 nog roemloos gedegradeerd, is tweede.

Geld speelt geen rol. Niet voor de Qatari in Parijs en niet voor de Russische kunstmestmagnaat Dmitri Rybolovlev, die Monaco twee jaar terug overnam van Huis Grimaldi, het vorstenhuis dat Monaco regeert. Maar Monaco heeft een voordeel dat Parijs, of enige andere Franse club, niet heeft: in het vorstendom zijn de spelerssalarissen belastingvrij.

Oneerlijke concurrentie

Dat maakt de Colombiaanse topspits Radamel Falcao, deze zomer voor zestig miljoen euro overgekomen van Atlético Madrid, een stuk minder duur. Zijn salaris van een miljoen euro netto per maand had iedere andere topclub in Frankrijk minstens de helft méér gekost.

Oneerlijke concurrentie, vinden de andere teams. Volgens schattingen van de Ligue de Football Professionnel, de Franse eredivisieorganisatie, heeft Monaco jaarlijks een belastingvoordeel van vijftig miljoen euro. Met het besluit van de Franse regering om 75 procent belasting te heffen over inkomens boven een miljoen euro, wordt de financiële voorsprong van de club uit het belastingparadijs aan de Franse Rivièra alleen maar groter.

Vorige week kondigden de clubs aan in het laatste weekend van november niet te zullen voetballen uit protest tegen de nieuwe belasting. AS Monaco doet noodgedwongen en uit solidariteit mee met de ‘staking’.

Maatregel belofte Hollande

Vandaag doen voetbalbestuurders bij president François Hollande nog een laatste poging om een uitzonderingspositie te bedingen omdat „niet de rijke, maar de arme man” (de voetbalfans) volgens Lille-voorzitter Michel Seydoux getroffen zou worden. Hij vreest dat zijn club omvalt.

De rijkentaks was vorig jaar een verkiezingsbelofte van Hollande als tijdelijke nivelleringsmaatregel in crisistijd. Nadat de Franse Constitutionele Raad de plannen als ongrondwettelijk afserveerde, is de symbolische heffing flink afgezwakt. Niet de gefortuneerde werknemers zelf, maar de bedrijven waarvoor zij werken zullen moeten betalen.

Het zijn vooral voormalige topclubs als Lyon, Bordeaux en Lille die de extra belasting niet zouden kunnen opbrengen. Zij hebben de laatste jaren spelers moeten verkopen om hun begroting sluitend te krijgen, zegt sporteconoom Bastien Drut, die vreest voor een „kampioenschap op twee snelheden”.

Voor PSG komt de nieuwe taks neer op een extra kostenpost van twintig miljoen euro. De club heeft 21 spelers met een miljoenensalaris. Als Monaco in Frankrijk belastingplichtig was geweest, dan had het een vergelijkbare belastingaanslag tegemoet kunnen zien.

Club verplaatsen?

Monaco moet geld stoppen in een fonds voor amateurvoetbal, zei de socialist Régis Juanico, rapporteur in het Franse parlement voor sportfinanciering, onlangs. De Franse eredivisie heeft verdergaande plannen. Die eist dat de club uit het vorstendom uiterlijk aan het eind van het huidige speelseizoen, in juni 2014, zijn hoofdkwartier naar Frans territorium verplaatst.

„Het Franse voetbal heeft altijd van Monaco gehouden, maar het is niet de bedoeling dat ze winnen”, zei Michel Platini, voorzitter van de Europese voetbalbond UEFA, in reactie op de plotselinge ijver om Monaco belasting te laten betalen. Monaco werd in het verleden zeven keer kampioen van Frankrijk en haalde in 2004 nog de finale van de Champions League.

Rybolovlev, volgens zakenblad Forbes goed voor zo’n zes miljard euro, heeft sinds hij de club in 2011 overnam naar schatting 170 miljoen euro geïnvesteerd om de ploeg uit de Ligue 2 te trekken en via de hoogste competitie na dit seizoen terug te brengen naar de Europese top. Anders dan bij PSG zijn de inkomsten uit kaartverkoop en merchandising verwaarloosbaar: het Stade Louis II in Monaco heeft 18.000 stoeltjes en die zijn zelden allemaal bezet.

Toen Rybolovlev met prins Albert II tot overeenstemming kwam, stonden de oude afspraken over deelname aan de Franse competitie niet ter discussie, zeggen mensen rond de club. De miljardair is naar de rechter gestapt en eist dat de clubzetel in het belastingparadijs blijft. Uitspraak in het conflict wordt begin 2014 verwacht. Zondag staan de ‘twee snelheden’ van de Franse competitie alvast tegenover elkaar: Monaco tegen de in financiële nood verkerende nummer drie, Lille.