In luxe en goed begeleid verdwijnen in de mist

Heb je er een ton voor over als je moeder de laatste paar jaar nog goed kan leven? Martha Flora opent het eerste ‘droomhuis’.

Het Haagse Martha Flora-huis biedt verzorging van dementerenden die de gebruikelijke AWBZ-zorg overstijgt. Foto Rien Zilvold

Het zal je gebeuren. Vader die hoogleraar is geweest, verzot op klassieke muziek, die in het verpleeghuis moet bingoën met Frans Bauer uit de speakers.

Toen de eigenzinnige moeder van Marco Ouwehand de ziekte van Alzheimer kreeg, was het eindstation in een verpleeghuis haar grootste nachtmerrie. Dat nooit. Zoon Ouwehand besloot een droomhuis te ontwikkelen waar zijn moeder haar laatste dagen van haar leven kon doorbrengen.

Voor zijn moeder kwam het te laat, maar dat ‘droomhuis’ is er bijna. Komende vrijdag opent de eerste vestiging van Martha Flora haar deuren, een nieuwe particuliere zorginstelling die zich concentreert op dementiezorg. Marco Ouwehand ontwikkelde met bijzonder hoogleraar Anne-Mei The (langdurige zorg en dementie) van de Universiteit van Amsterdam het concept: mensen met dementie moeten zoveel mogelijk hun oorspronkelijke leven kunnen voortzetten. Met aandacht voor hun eigen gewoontes, hun familie, hun karakters.

Oprichter Ouwehand spreekt van hoogwaardige dementiezorg. Cruciaal is dat het zorgpersoneel een „relatie weet aan te gaan” met de bewoner en zijn of haar familie. „En dat is heel moeilijk, daar selecteren we het personeel ook op.” Dat vergt heel wat extra bezetting: die is straks bijna het dubbele van een gewoon verpleeghuis.

„Als een mens geboren wordt, is er enorm veel zorg en aandacht – een groter contrast met de laatste fase van ons leven is nauwelijks denkbaar”, zegt Ouwehand. „Zorgpersoneel heeft structureel te weinig tijd om een relatie aan te gaan met een dementiepatiënt, om het ziekteproces te begeleiden waarin mensen in de mist van dementie verdwijnen.”

Bij Martha Flora krijgen de verpleeghuizen gemiddeld 24 bewoners. Er is een bibliotheek, een tuin, een atelier, een tuinkamer. Familie van patiënten kan blijven slapen, er is een „riante eetkeuken” met een kok. Mensen mogen ook zelf koken. In Den Haag biedt een landhuis aan de Badhuisweg onderdak aan 28 luxe-appartementen.

Zulke hoogwaardige dementiezorg is niet voor iedereen betaalbaar. Kosten: circa 8 tot 9 mille per maand. Een deel komt uit de collectieve AWBZ, maar het grootste deel moeten bewoners zelf betalen; gemiddeld 5.000 euro per maand, is de inschatting.

Bij de Haagse vestiging is Bronovo-Nebo (ziekenhuis en verpleeghuis) financier en partner van Ouwehand. Bronovo-bestuursvoorzitter Joop Hendriks: „Dit is meer dan chique zorg, dit wordt top of the bill. Ik heb wel in mijn vriendenkring rondgevraagd: heb je er een ton voor over als je moeder de laatste twee tot drie jaar van haar leven zo kan leven? Want dat is eigenlijk wat het aanbod van Martha Flora is.”

Hendriks besloot mee te doen omdat hij perspectief ziet in dementiezorg die hij met Bronovo niet kan bieden. „In de langdurige zorg moet iedereen vanuit hetzelfde budget dezelfde zorg krijgen, terwijl er ook patiënten en families zijn die meer willen en daarvoor bereid zijn meer te betalen. De overheid bezuinigt en treedt terug. Dan wordt die spanning alleen maar groter. Als je van een verzekerd recht een voorziening maakt, dan speculeer je als overheid op ondernemerschap.”

Martha Flora werkt ook elders in het land samen met gevestigde verpleeginstellingen. Juist om van elkaar te leren, zegt Ouwehand. De Limburgse zorginstelling Vivre is partner en aandeelhouder van een toekomstige vestiging in Maastricht. „Wij hebben onderzoek gedaan en volgens ons is er ruimte voor drie Martha Flora-huizen in Limburg”, zegt bestuursvoorzitter Dik Mol van Vivre. „We moeten leren dat er meer is dan die typische AWBZ-cultuur waarin iedereen hetzelfde moet zijn. Als iemand van Vivaldi, thee en NRC houdt, waarom zou hij dat dan niet kunnen krijgen? Juist mensen uit de zakelijke wereld, zoals Marco, zitten niet zo vast aan dat denken.”

Dat is ook een van de redenen waarom een zorgverzekeraar bij het project is betrokken. CZ heeft een apart fonds dat innovaties in de zorg stimuleert. Daartoe verleent het financiële steun aan projecten. Op die manier is de verzekeraar ook betrokken bij Martha Flora, via CbusineZ. „Wij vinden dat we innovatie in de zorg moeten stimuleren”, zegt bestuurslid Joep de Groot.

Een verzekeraar zelf in zorgzaken? Nee, dat is niet het doel, zegt De Groot. „Als zo’n project vervolgens omvang krijgt, is het voor ons het moment om uit te stappen.” Want CZ wil als verzekeraar niet de markt verstoren. Zo koopt de verzekeraar als ‘zorgkantoor’ zelf zorg in bij verpleeghuizen. Dat verhoudt zich moeilijk met het bezit van een verpleeghuisketen.

„Wij steunen dit soort initiatieven omdat wij denken dat de zorg hierdoor beter en goedkoper wordt”, licht De Groot toe. „Wij doen mee als investeerder in Martha Flora omdat we innovatie willen stimuleren. Wij willen zelf geen marktpartij worden.”

    • Jeroen Wester