Huizenmarkt herstelt. Maar nu écht

Al jaren wordt gezegd dat de woningmarkt zich gaat herstellen Nu is het ook onderzocht: de bodem is echt bereikt Daarom: koop gauw je huis voordat straks de prijzen weer stijgen

verslaggevers

Veel goedkoper wordt het niet meer, denkt Babske Smits (27). Ze verwacht niet dat de huizenprijzen nog veel zullen dalen. En zij en haar vriend vonden nu eenmaal hét huis. Dus namen ze afgelopen zomer een grote beslissing: ze kochten hun eerste woning, in Voorburg.

Het zou weleens een goede keuze kunnen zijn. Want na vijf jaar crisis op de woningmarkt gaat het langzaam beter, zo blijkt uit de gistermiddag gepresenteerde Monitor Koopwoningmarkt van onderzoeksinstituut OTB van de TU Delft. Peter Boelhouwer, hoogleraar volkshuisvesting bij het OTB, verzamelde en analyseerde met zijn medewerkers „vrijwel alle gegevens die er over de Nederlandse woningmarkt bestaan”.

De cijfers werden geleverd door onder meer makelaarsvereniging NVM, het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), het Kadaster en het Hypotheken Data Netwerk. Boelhouwer: „We zitten nu op de bodem, dat zie je aan alle cijfers. De woningmarkt normaliseert langzaam.” Hij spreekt over een „broos herstel” – mits de politieke en economische omstandigheden niet te sterk veranderen.

De betaalbaarheid van koopwoningen is de afgelopen tijd gegroeid, constateert Boelhouwer in de monitor. Dat klinkt tegenstrijdig nu huizenkopers minder mogen lenen, de hypotheekrenteaftrek vanaf volgend jaar voor iedereen wordt beperkt en starters verplicht moeten aflossen om nog voor de aftrek in aanmerking te komen. Maar dat wordt gecompenseerd door de dalende hypotheekrente en licht gestegen inkomens. Samen met de verder gedaalde huizenprijzen is de koopsector dit jaar juist aantrekkelijker geworden.

Ook Ellen de Haan (45) is ervan overtuigd dat de woningmarkt zich herstelt. En dus durft ook zij weer. Ze kocht deze zomer een appartement aan het IJ in Amsterdam-Noord, met een hypotheek van ruim drie ton. „Ik denk dat we de bodem nu wel hebben bereikt. De rente is laag, ik heb geen restschuld en ik vind het geen probleem dat ik nu verplicht moet aflossen. Ik wil het moment niet missen. Straks stijgen de prijzen weer en ben ik niet op tijd ingestapt.”

De politieke rust draagt bij aan het toenemende vertrouwen van kopers. Sinds in februari het Woonakkoord gesloten werd, heeft het kabinet geen nieuwe ingrepen in de koopsector meer aangekondigd. In het akkoord spraken VVD en PvdA en oppositiepartijen D66, ChristenUnie en SGP onder meer af om vijftig miljoen euro uit te trekken voor gunstige startersleningen en de btw-verlaging op verbouwingen van 21 naar 6 procent te verlengen.

Ook de hoge prijzen in de huursector spelen mee. De Haan zag dat aantrekkelijke huurwoningen in de stad al snel 1.500 euro per maand kosten. „Dus toen mijn bank me voor vergelijkbare maandlasten een hypotheek wilde verstrekken, was ik om.”

Het bleek, tegen De Haans eigen verwachting in, niet moeilijk een hypotheek te krijgen. Ze is zzp’er en heeft een eigen communicatieadviesbureau. Haar stabiele omzet was voor de bank voldoende om haar een hypotheek te willen verstrekken.

Bovendien stak De Haan eigen geld in haar nieuwe huis, hoewel ze daar wel over twijfelde. „Het is fijn om een buffer te hebben op mijn spaarrekening. Daar kan ik uit putten als ik zonder werk kom te zitten. Maar een spaarrekening levert nauwelijks rente op. Dan steek ik mijn geld liever in een huis waar ik alle dagen woonplezier van heb.”

Het vertrouwen van consumenten in de koopwoningmarkt nam de eerste negen maanden van dit jaar sterk toe, blijkt uit de monitor. Veel starters en bijvoorbeeld mensen die in scheiding zijn, hebben gewacht met het kopen van een nieuwe woning. Dat zal nu langzaam veranderen, verwacht het OTB.

De komende maanden zal het aantal verkochte huizen „een licht stijgende tendens” laten zien. De huizenprijzen gaan in 2014 zo’n 1 à 2 procent omhoog. De gemiddelde woningprijs is sinds het record van 259.000 euro (derde kwartaal 2008) gedaald tot 211.000 euro nu. Dat is een daling van 19 procent.

Toch is het vertrouwen bij de kopers nog niet helemaal hersteld. Want wie durft te voorspellen hoe de markt er over een paar jaar uitziet? Het is voor Ellen de Haan daarom een geruststellende gedachte dat ze nu eigenaar is van een „een splinternieuw appartement, op een centrale plek in Amsterdam die steeds populairder wordt”. Een huis „waar iedereen in kan”, van starters tot ouderen.

Ook Babske Smits, manager bij een netwerkorganisatie, dacht vooruit. Ver vooruit, zelfs: zij kocht een huis waarin ze „oud kan worden”. „We wilden geen huis kopen waar we over vijf jaar weer uit moeten, bijvoorbeeld omdat er kinderen komen en we dan op zoek moeten naar een huis met meer ruimte. Want we durven er niet op te vertrouwen dat er tegen die tijd interesse voor is.”

    • Anne Dohmen
    • Oscar Vermeer