En weer heeft Limburg problemen met integriteit

Opnieuw is er ophef rondom de zuiverheid van Limburgse politici. Hoe komt dat toch?

Integriteitskwesties zijn geen exclusief Limburgse aangelegenheid. Maar de slechte reputatie van de provincie wordt de laatste jaren geregeld bevestigd. Alleen al deze week: een onderzoek naar een Statenlid van GroenLinks en een politielek in de zaak-Van Rey.

Wat maakt de regio relatief gevoelig voor misstanden? Neem de ligging. Zuid-Limburg bijvoorbeeld heeft ruim tweehonderd kilometer buitengrens en slechts zes kilometer contact met de rest van Nederland. Die ‘vissenkom’ leidt tot politiek botulisme. Wie er toe doen, ‘zwemmen’ elkaar steeds tegemoet. En dan heb je nog de van oudsher cliëntelistische bestuurscultuur en de lossere omgangsvormen.

Een reeks corruptieaffaires in de eerste helft van de jaren 90 schudde Limburg wakker. Op provinciaal en gemeentelijk niveau kwamen er strenge regels. En het denken ging verder. Léon Frissen (CDA), tot 2011 commissaris van de koningin in Limburg, wilde net als Amsterdam een eigen Bureau Integriteit. Dat is er nooit gekomen. Zijn opvolger en partijgenoot Theo Bovens noemde integriteit bij zijn aantreden een speerpunt.

Inmiddels wordt een uniforme integriteitstoets ontwikkeld voor de wethouders die in Limburg aantreden na de gemeenteraadsverkiezingen van maart volgend jaar. Alle raadsleden in de provincie moeten naar een en dezelfde cursus over integriteit.

Op zichzelf garanderen de maatregelen geen transparant bestuur. Zo wees Jos van Rey (VVD) er als wethouder van Roermond meermalen op dat zijn gemeente vooropliep met haar in tegriteitscode. Ook meldde hij zijn vakanties in de Franse villa van de bevriende projectontwikkelaar Piet van Pol in het college van B en W. Maar de oud-wethouder wordt wel van corruptie verdacht.

Integriteit bewaken vergt van politici dat ze voortdurend zichzelf en anderen bevragen. De huidige kwestie rondom Margriet van Tulder, fractievoorzitter van GroenLinks in Provinciale Staten, is een goed voorbeeld. Ze kwam vorige week in opspraak wegens mogelijke belangenverstrengeling. Toen het Ithaka Science Center in Tegelen, waarvan ze met haar partner directeur was, in problemen verkeerde, lobbyde ze bij collega-volksvertegenwoordigers om financiële steun.

Commissaris van de koning Bovens zou de zaak moeten onderzoeken, maar sommige partijen stellen zijn rol nu ook ter discussie. Hij zou al eerder zijn bijgepraat over de handelwijze van Van Tulder. Die signalen leidden toen niet tot een onderzoek.

De lobbymails van Van Tulder, daterend uit juni, kwamen vorige week in de pers. In een brief aan de fractievoorzitters in Provinciale Staten bekritiseert Bovens de manier waarop fracties elkaar daarna bejegenden. „Het onderlinge vertrouwen is beschadigd.” Met het lekken van de mail is het briefgeheim geschonden. Dit kan betekenen dat ook het mailverkeer in het lopende onderzoek wordt betrokken.

Wat begon als een affaire rond één Statenlid, dijt op die manier uit. Het onderzoek wordt geleid door Cees Versteden en Rob Persoon, beiden afkomstig uit de Limburgse vissenkom. Bestuurskundige Versteden stond onder meer de Maastrichtse burgemeester Gerd Leers bij tijdens de affaire over diens Bulgaarse vakantievilla. Ook de provincie schakelde hem meermaals in als adviseur. Persoon was burgemeester in vier Limburgse gemeenten.

Is dat handig? Een woordvoerder van de provincie: „Iemand met bestuurlijke ervaring vinden die geen enkele politieke kleur heeft noch heeft gehad, is praktisch onmogelijk.”