Zorgen over aardbeving bij tunnel onder Bosporus

In Istanbul werd gisteren een onderzeese spoortunnel geopend die Europa met Azië verbindt. Maar is het haastig afgebouwde prestigeproject van de Turkse regering veilig?

De spoortunnel moest open en wel op deze op een na laatste dag van oktober, de dag van de Turkse republiek, nu precies 90 jaar oud. Er hingen vlaggen van de grondlegger, Mustafa Kemal Atatürk, en de man die zichzelf meet aan zijn erfenis: Recep Tayyip Erdogan. De premier kon zichzelf op deze warme herfstdag presenteren als de leider die de 150 jaar oude droom van de Ottomaanse sultan Abdulmejid verwezenlijkte. Een tunnel op de bodem van de Bosporus, 62 meter diep, 13,5 kilometer lang, die Europa met Azië verbindt met een reis van minder dan vier minuten.

Op zo’n dag passen enkel grote woorden. „Dit project Marmaray is niet alleen voor Istanbul, maar voor de mensheid. Een verbinding van Londen tot aan Tokio”, sprak de premier. „Ik ben de dienaar van dit land.” Deze stad van 17 miljoen, waar het verkeer wordt verdrukt tussen de stadsmuren van keizer Theodosius en de Bosporus, kan in de filosofie van Erdogan alleen gered worden door groot te denken. Een derde brug, een derde vliegveld, hoge snelheidslijnen, een kanaal parallel aan de Bosporus: de reeks volgende projecten is eindeloos, de agenda tot aan de honderdste verjaardag van de republiek is overvol. De hevige protesten tegen die onstuitbare groeizucht in juni, hebben deze regering geenszins ontmoedigd.

De haast waarmee de spoortunnel open moest, is onderdeel van een emotioneel debat in Turkije. 1,5 miljoen mensen worden verwacht nu dagelijks de trein naar de overkant te nemen. Maar de talk of the town is: eerst zes maanden wachten om te zien of die tunnel wel zo veilig is als wordt beweerd, dan pas instappen. In de talkshows buitelen deskundigen over elkaar heen met verontrustende waarschuwingen. De kamer voor Architecten en Ingenieurs, geen fan van deze regering, sprak dreigend: „het zou moord zijn om onder deze omstandigheden de tunnel te openen.”

Er zijn constructiefouten. Deze spoortunnel ligt niet in maar op de bodem van de zee. De tunnel werd in delen afgezonken. Bij het zevende deel bleken de berekeningen fout en kwam het beton uit het lood te liggen. Maar tijd om te aarzelen was er niet. De tunnel had al vijf jaar vertraging opgelopen omdat bij het vertrekpunt in Yenikapi een puntgave Byzantijnse haven uit de vierde eeuw na Christus opdook. Zo is de frustratie van de projectontwikkelaars in deze stad. Iedere schop die je in de grond zet, stuit onherroepelijk op de restanten van een vergeten wereldrijk.

Nu is de metro onder de Bosporus al geopend, maar de rest van het traject nog niet klaar. „Het gaat de regering vooral om de show”, zegt bouwkundige Zeyrrin Bayraktar, hoogleraar aan de Yildiz Universiteit. „Je moet dit soort projecten lange tijd proefdraaien, maar ze hebben het al geopend zonder goed te testen.” De grootste angst in deze stad is een aardbeving zoals in 1999, die grote delen van de stad Izmit ten zuiden van Istanbul in puin legde. De Japanse techneuten, die met de Turken samenwerkten aan de tunnel, garanderen dat de tunnel een beving van 9 op de schaal van Richter kan verdragen. Volgens de minister van Transport is de tunnel „de veiligste plek van Istanbul”.

Maar de Japanse ingenieurs hebben regelmatig geprobeerd op de rem te trappen. De veiligheid van de gehele tunnel kan alleen worden gegarandeerd als de gehele tunnel in gebruik is en niet slechts een onderdeel, zoals nu alleen de 1,4 kilometer lange tunnel onder de Bosporus werd geopend. Een elektronisch veiligheidssysteem werkt nu niet. Maar de stemming op de eerste rit onder de zeestraat rekent af met die scepsis. „Turkije is groot” scanderen mannen in de voorste wagon. „Het ziet er allemaal geweldig uit”, zegt Dong-Ik Woo, van de Japanse investeerder Hyandai Rotem. De stad moet vooruit. Vandaag nog.