Tien gevallen van polio in Syrië, vrees voor verspreiding ziekte

Er is polio uitgebroken onder jonge kinderen in Syrië. De besmettelijke ziekte vormt een bedreiging voor de regio.

Bij tien jonge kinderen in het oosten van Syrië is polio geconstateerd. De besmettelijke ziekte komt waarschijnlijk uit Pakistan en kan een bedreiging vormen voor miljoenen kinderen in het Midden-Oosten. Dat heeft de Wereldgezondheidsorganisatie (WHO) gisteren bekendgemaakt.

In totaal 22 kinderen in de Syrische provincie Deir es-Zor, die grenst aan Irak, raakten op 17 oktober verlamd. Bij tien van hen is inmiddels bevestigd dat het om polio gaat, de testresultaten van de andere twaalf worden over enkele dagen verwacht. Dan zal ook duidelijk zijn wat de oorsprong van het virus is. Het is voor het eerst in veertien jaar dat er in Syrië polio is geconstateerd. De ziekte is endemisch in drie landen: Afghanistan, Pakistan en Nigeria. Het vermoeden is dat de ziekte is meegebracht door buitenlandse jihadstrijders, die vechten tegen het Syrische regime.

Polio infecteert het immuunsysteem en kan binnen enkele uren verlamming veroorzaken. De ziekte wordt veroorzaakt door een virus dat wordt overgedragen via besmet voedsel en water. Vooral kinderen onder de vijf zijn kwetsbaar. Door de burgeroorlog zijn naar schatting een half miljoen kinderen niet ingeënt tegen polio.

De ziekte kan zich snel verspreiden in Syrië en naar buurlanden, doordat 7 miljoen Syriërs op de vlucht zijn vanwege de burgeroorlog. Overvolle vluchtelingenkampen met slechte sanitaire voorzieningen in Syrië en de regio vormen een risico.

Het virus is over land naar Syrië gebracht. Dat betekent dat de besmetting waarschijnlijk niet verspreid is over een groter gebied, zei Bruce Aylward van de WHO. „We weten dat een poliovirus uit Pakistan in december is gevonden in een riool in de Egyptische hoofdstad Kairo. Hetzelfde virus werd in april gevonden in Israël, de Westelijke Jordaanoever en de Gazastrook. Dit vormt eerlijk gezegd een risico voor het hele Midden-Oosten.”

Duizenden Syrische burgers mochten gisteren een belegerde voorstad van Damascus verlaten, die sinds maart door regeringstroepen is afgesloten. In de voorstad, in handen van rebellen, is groot gebrek aan voedsel en water. De situatie is zo nijpend dat geestelijken een fatwa hebben uitgevaardigd dat mensen in de voorstad honden en katten mogen eten. Het leger stelde eerder de mensen in de voorstad voor de keuze: zich overgeven of uithongeren. (Reuters, AP)