Ook VVD-senatoren willen nu rol Eerste Kamer bespreken

Na maanden in het hart van de politieke strijd twijfelde de senaat gisteren in debat met premier Rutte aan zichzelf.

De senatoren die tijdens het pensioendebat begin deze maand nog blaften, gromden en zelfs beten, waren gisteren tijdens de algemene politieke beschouwingen met premier Mark Rutte terug in hun hok geduwd. Het begrotingsakkoord dat het kabinet tussendoor in de Tweede Kamer sloot met D66, ChristenUnie en SGP, maakte de bespreking van het aanstaande kabinetsbeleid in de Eerste Kamer een tamme bedoening. Een echte confrontatie met het kabinet bleef uit en ook naar elkaar kwispelden de senatoren vooral.

Het enige onderwerp uit de Troonrede dat tot inhoudelijk debat leidde, was de ‘participatiesamenleving’ die Rutte als vervanger van de verzorgingsstaat had voorgespiegeld. Maar de senaat sprak gisteren eigenlijk voornamelijk over zichzelf.

Loek Hermans, fractievoorzitter van de VVD, zei het na „talloze columns, analyses en beschouwingen” buiten de Eerste Kamer de hoogste tijd te vinden dat de gedachtewisseling daar plaatsvindt. „Er staat een olifant in de zaal.” De oud-minister sloot zich daarmee aan bij een rij VVD’ers die sinds het aantreden van dit minderheidskabinet de rol van de senaat ter discussie stellen. De VVD was met het CDA altijd de trouwste verdediger van de Eerste Kamer als laatste toets voor wetgeving. Partijen die de Eerste Kamer liever afschaffen of veranderen – PVV, SP, D66, GroenLinks – verwelkomden de draai van de VVD, maar verweten Hermans ook opportunisme.

Tijdens de politieke beschouwingen in de Tweede Kamer had Rutte al toegezegd dat Binnenlandse Zaken onderzoek gaat doen naar de rol van de senaat. Het Nederlandse stelsel wordt daarin internationaal vergeleken. Verschillende deskundigen hebben gepleit voor het Britse systeem, waarin de senaat wetsvoorstellen niet afschiet, maar met kritiek terugstuurt naar de rechtstreeks gekozen Kamer. Die heeft dan het laatste woord.

Rutte wilde gisteren geen voorkeur uitspreken. Her onderzoek verwacht hij niet voor het eind van dit parlementaire jaar, tegen de zomer van 2014. Hij weet ook dat hij een wijziging van de Grondwet niet mee zal maken, dat proces vergt jaren.

Maar in de Eerste Kamer tekent zich intussen een meerderheid af die voor die tijd uitvoerig over de eigen rol wil debatteren. Daar „gaan de kalkoenen meepraten over wat er met Kerst op tafel komt”, zoals Hermans het formuleerde.