Kamer eist opheldering van Opstelten over schikking Rabobank

Ivo Opstelten en de opgestapte bestuursvoorzitter van Rabobank, Piet Moerland, op archiefbeeld. Foto ANP / Ed Oudenaarden

De Tweede Kamer eist opheldering van minister Opstelten (Justitie, VVD) over de schikking die het Openbaar Ministerie met de Rabobank heeft getroffen. Zo’n grote schikking, 70 miljoen euro, komt altijd met medeweten van de minister van Justitie tot stand.

De schikking, die gisteren bekend werd gemaakt, is een gevolg van het handelen van Rabobank-medewerkers in het zogeheten Libor-schandaal. In totaal moet de bank 774 miljoen betalen, waarvan het grootste deel naar Amerikaanse en Britse autoriteiten gaat.

Tweede Kamerlid Eddy van Hijum (CDA) wil in een brief duidelijkheid krijgen over de afwegingen die aan de schikking ten grondslag liggen. Door de schikking ontloopt de Rabobank een mogelijke strafrechtelijke vervolging. De betrokken handelaren, die de hoogte van sommige rentes manipuleerden, kunnen nog wel vervolgd worden. Van Hijum kreeg vanmiddag een ruime meerderheid van de Kamer achter zijn verzoek, inclusief coalitiepartijen VVD en PvdA.

‘Schijn van klassejustitie snel gewekt’

Op initiatief van SP’er Arnold Merkies gaat de Tweede Kamer met minister Dijsselbloem (Financiën, PvdA) en wellicht ook Opstelten in debat. Dergelijke grote schikkingen zoals die met de Rabobank is getroffen liggen politiek altijd gevoelig: de schijn van klassejustitie is volgens sommigen snel gewekt.

Merkies wil verder achterhalen wat de rol van toezichthouder De Nederlandsche Bank is geweest.

“DNB komt nu met een hard oordeel over de Rabobank maar wat is eigenlijk hun eigen rol geweest. Ik vind het onvoldoende als zij zeggen dat ze afhankelijk waren van de Britse toezichthouders.”