Gedrag top Rabo toont dat er bij banken weinig is veranderd

Dit zijn wij niet, dit doen wij niet. Dat was gisteren, kort samengevat, de reactie van de top van de Rabobank op de schikking van in totaal 774 miljoen euro die is getroffen in verband met de Libor-zaak. Laat hier eerst een misverstand over dit zelfbeeld worden rechtgezet: dit bent u wel, en dit heeft u gedaan.

Rabo-handelaren met de mentaliteit van een verslaafde inbreker maakten jarenlang misbruik van het privilege dat de bank had als een van de achttien banken die samen het uiterst belangrijke Libor-rentetarief op dollar, yen, ponden en euro’s bepaalden. Dat is een zaak van eer en vertrouwen – hoe schokkend naïef de procedure voor zo’n belangrijke maatstaf als Libor ook is.

De eer is geschonden en het vertrouwen ook. Uit de publicaties van de verschillende toezichthouders uit de VS, het Verenigd Koninkrijk, Japan en Nederland komt naar voren dat de top van de Rabo het probleem zeer laat onderkende, vervolgens treuzelde met het onderzoek en daarna draalde met ingrijpen. Alsof de rekening werd genegeerd tot dan echt de brief van de deurwaarder op de mat viel.

De schade voor de Rabo is enorm. Het schikkingsbedrag van 774 miljoen euro mag niet worden gebagatelliseerd in een tijd dat vermogensversterking en de voortgaande kredietverlening door banken zo belangrijk zijn voor het vertrouwen in de financiële sector en de gezondheid van de economie. En hoewel reputatieschade moeilijk in cijfers te vatten valt, is de affaire de zoveelste smet op het blazoen van het bankwezen. Rabo heeft zich lang laten voorstaan op zijn onkreukbaarheid en zijn hoge kredietwaardigheid. In werkelijkheid deed de bank aan veel van de praktijken mee die de sector tijdens de kredietcrisis zo’n slechte naam bezorgden.

Wie zich begeeft in de haute finance, in de wereld van de Londense dealingrooms, de bonuscultuur en complexe producten, moet zijn interne toezicht onberispelijk op orde hebben. De indruk bestaat dat de Rabo-top op zijn best geen idee had. Te groot om te falen, zo zijn de enorme banken al genoemd. Wellicht zijn zij ook te groot geworden om te besturen. Rabo’s balanstotaal is groter dan de omvang van de Nederlandse economie.

De Liborfraude suggereert dat er, ondanks alle mooie woorden, sinds de kredietcrisis weinig is veranderd. Het aftreden van bestuursvoorzitter Piet Moerland in verband met de affaire lijkt hoffelijk, maar is in wezen het allerminste dat de top van de Rabo kon doen. Dat de direct verantwoordelijke bestuurder Sipko Schat aanblijft, is slechts te verdedigen als de toezichthouders hem daarom uitdrukkelijk hebben verzocht, in verband met de continuïteit. Het zou goed zijn als hij, na deze ondankbare taak, op een later tijdstip alsnog zijn conclusies trekt.