Alle gegevens op één hoop bij de gemeente

Het College Bescherming Persoonsgegevens stuurt vandaag een waarschuwingsbrief aan minister Plasterk Gemeenten krijgen meer persoonsgegevens te verwerken Dat is „reden tot zorg

In het stadhuis van Den Haag liggen straks meer persoonsgegevens. Foto ANP

Politiek redacteur

Laten we het eens klein maken, zegt Wilbert Tomesen van het College bescherming persoonsgegevens. „Bij een enkele vraag van een burger kan straks een gemeenteambtenaar álle informatie over hem of haar inzien. Dat risico dreigt.”

Het kabinet hevelt allerlei taken naar de gemeenten over. Logisch gevolg daarvan is dat die gemeenten ook méér persoonsgegevens te verwerken krijgen. Medische informatie. Strafrechtelijke gegevens. Informatie over het werkverleden, want gemeenten worden ook verantwoordelijk voor werk en inkomen voor de ‘onderkant’ van de arbeidsmarkt.

Wilbert Tomesen stuurt vandaag namens het CBP een waarschuwingsbrief aan minister Ronald Plasterk (Binnenlandse Zaken, PvdA). Het CBP geeft het kabinet advies over wetten waar het om privacybescherming gaat. En de manier waarop het kabinet nu de bescherming van persoonsgegevens regelt bij de drie grote decentralisaties naar gemeenten – jeugdzorg, langdurige zorg en arbeidsmarkt – ‘geeft reden tot grote zorg’, staat in die brief.

Wat is uw kritiek?

„Er is te weinig aandacht voor de bescherming van persoonsgegevens bij deze nieuwe wetten. Er dreigt een grote, onoverzichtelijke berg met gegevens van burgers bij gemeenten te ontstaan. Over zorg, over arbeid, medische informatie over kinderen. Die informatie ligt nu centraal en apart opgeslagen, maar komt in één klap bij de lokale overheid in het systeem.

„En de mensen wier informatie het betreft, zijn niet de minst kwetsbaren van de samenleving. Mensen die gehandicapt zijn, langdurige zorg nodig hebben of kinderen hebben die onder toezicht van Jeugdzorg vallen.”

Welke risico’s levert dat concreet op voor burgers?

„Wij willen vooral een principieel punt maken. Ik ben geen onheilsprofeet die kan voorspellen wat zal gebeuren. Alleen wijzen we het kabinet erop dat als wij die drie grote decentralisaties in het licht van de privacy bekijken, een schending van die principes vrijwel onvermijdelijk is. De overheid mag persoonlijke gegevens alleen voor een specifiek doel opslaan en gebruiken. Bovendien is bovenmatige verzameling van gegevens verboden: je mag niet méér informatie van mensen opslaan dan nodig.

„Het risico bestaat dat gegevens die voor het éne doel zijn opgeslagen, voor het ándere gebruikt worden. Het gaat vooral om de samenhang van die nieuwe gegevens. Kijk, als gemeenten alleen informatie over jeugdzorg erbij krijgen, oké. Maar daar komt ook de informatie bij die nodig is om burgers aan werk te helpen, en als die gegevens ineens met elkaar worden gecombineerd wordt het al gevaarlijk.”

Als burger krijg je hier een unheimisch gevoel bij.

„Zeker, het ís ook unheimisch. Het gebrek aan een overkoepelende visie geeft alle reden tot zorg. Wij sturen deze brief niet voor niets. Ik moet als burger weten welke gegevens van mij wáár liggen opgeslagen. Het klinkt wat zwartgallig, maar het risico is dat de overheid eenmaal verzamelde info op een hoop gooit en daar naar hartelust uit put.

Hoe moet die informatie volgens u dan worden beschermd?

„Ambtenaren moeten niet overal bij kunnen. De ambtenaar moet vooraf duidelijk maken waarom hij iets van een burger te weten wil komen. Nu kan de minister nog grenzen stellen.”

Vandaag debatteert de Tweede Kamer met minister Plasterk (PvdA) over de decentralisaties. Wat moet hij doen?

„Het kabinet moet op centraal niveau die drie grote wetten opnieuw bezien, maar dan met de nadruk op de bescherming van de persoonsgegevens. Want zoals het er nu voorligt, komt óók de uitvoering van het beleid door de gemeenten in gevaar. Zo’n ontoegankelijke, onoverzichtelijke berg met informatie levert risico’s op voor de gewone man. Maar op effectief beleid zal het ook niet uitdraaien. Het is voor de overheid ook niet meer inzichtelijk waar welke gegevens zich bevinden. Voorkomen moet worden dat burgers noch de overheid in een woud van persoonsgegevens nog iets kunnen vinden.”

    • Annemarie Kas