Wilders en Le Pen: tegengestelde wegen

Over twee weken komt Marine Le Pen, de leider van de Franse nationaal-populistische partij Front National, naar Den Haag. Een bezoek om naar uit te kijken voor Geert Wilders: even geen gedoe over geld, partijdemocratie en weer een PVV-Kamerlid met een eigen wil en afwegingen. Wilders kondigde via Twitter aan dat hij op 13 november samen met Le Pen „op campagne” gaat „voor herstel nationale soevereiniteit ten koste vd EU en tegen massaimmigratie!” Zo heeft hij het graag: niet praten over het functioneren van zijn eenmanszaak, maar over zijn beloftes.

De anti-Europese partijen beginnen een voorbeeld te worden van Europese partijpolitieke samenwerking. In de aanloop naar de verkiezingen voor het Europees parlement volgend jaar trekken ze nadrukkelijker samen op, ook met Vlaams Belang, de Oostenrijkse FPÖ en de Italiaanse Lega Nord. De nationaal-populistische boodschap is in elke taal simpel te begrijpen: weg met Europese integratie, weg met migranten, eigen natie eerst. Andere politieke families, conservatieven, sociaal-democraten en liberalen, kunnen jaloers zijn op zo’n helder en grensoverschrijdend verhaal.

Wilders en Le Pen zijn bovendien internationaal bekende promotors van hun ideeën, gewilde gastsprekers van Oostenrijk tot Amerika (Wilders) en Rusland (Le Pen). Wat helpt is dat ze over de grens soms nog een tikkeltje controversiëler zijn dan thuis. Internationale optredens van Le Pen worden vaak begeleid door protestcollectiefjes die haar racist noemen, of antisemiet en fascist – zoals begin dit jaar in Cambridge, waar zij optrad bij een debating group van studenten. Maar goed, Le Pen kwam in elk geval het Verenigd Koninkrijk in – Wilders werd eerder op het vliegveld al teruggestuurd om zijn ideeën over de islam. Te radicaal.

Tegen Europa, tegen migratie: inhoudelijk vinden Wilders en Le Pen elkaar. Maar er zijn natuurlijk ook verschillen. Zoals in hun ontwikkeling. Geert Wilders (50) trekt zich steeds minder aan van het politieke midden waar hij als VVD’er ooit zelf toe behoorde. Stap voor stap verwijdert de ex-liberaal zich van de Nederlandse politieke mainstreamcultuur, die gekenmerkt wordt door een voorkeur voor samenwerking – internationaal (Europa, Verenigde Naties) en nationaal (coalitievorming, compromisbereidheid). Een Haagse veteraan die zich ontplooit als een outsider tussen de veertigers die het land nu leiden.

Marine Le Pen (45) zou maar wat graag opereren in een systeem van evenredige vertegenwoordiging zoals in Nederland. Door het Franse districtenstelsel heeft haar partij nu maar 2 van de 577 zetels in de Assemblée nationale. Samenwerking is voor haar geen optie. Om invloed te hebben, moet Le Pen de uitvoerende macht veroveren, zelf president worden – dus acceptabel worden voor kiezers in het midden. Ze wil zich niet uit het midden weg provoceren zoals Wilders, maar dédiaboliser, ontdemoniseren. Dat is een lange weg voor haar. Het FN heeft een lang verleden van antisemitisme en extreemrechts activisme. De aanvoerder daarvan, haar vader en partijoprichter Jean-Marie Le Pen (85) is nog altijd actief. Toch is Marine Le Pen intussen de populairste politicus van haar generatie. Op de vraag of ze president wil worden, antwoordde ze onlangs met nonchalante vanzelfsprekendheid: „Natuurlijk.”

Marine Le Pen als de eerste vrouwelijke Franse president: ook dat is nog een lange weg, maar niet meer ondenkbaar. Geen Franse veertiger heeft al een partij achter zich zoals zij om het presidentschap na te streven. Het FN is de laatste vijftien jaar ook een brede partij geworden, met leden in alle delen van de bevolking. Zij is in 2010 door die leden gekozen, en haar rivaal is niet de partij uitgejaagd, zoals haar vader met dissidenten deed. Ze trekt intellectuelen aan (en dus debat) en geeft (enkele) partijgenoten ruimte om zich te profileren. Ze is op de omgekeerde weg van Wilders.

René Moerland is chef van de politieke redactie in Den Haag.

    • René Moerland