Schieten met je smartphone

De telefoon verdringt de aloude compact-camera Maar fotograferen die smartphones echt zo goed als ze beloven? nrc.next vergelijkt zes recente modellen in een test

Redacteur technologie

Een overdosis megapixels, zoomlenzen en echte flitslampen: de jongste generatie smartphones vervangt met gemak de instapcamera. Tenminste, als je de slogans mag geloven. Nokia heeft het „zoomen opnieuw uitgevonden”, LG „schiet scherp in elke situatie” en Sony biedt „de kwaliteit van een compactcamera”. En de voorbeeldfoto’s zijn zonder uitzondering oogverblindend mooi.

Via de smartphone uploaden we 300 miljoen foto’s per dag naar Facebook en nog eens 55 miljoen naar Instagram. Al sharend en likend drukt de telefoon de compactcamera uit de schappen: Japanse cameramakers schroefden de productie van gewone goedkope camaatjes in 2012 al met de helft terug.

Telefoons transformeren tot camera’s. De Galaxy S4 Zoom heeft een optische zoomlens, Sony bezweert dat zijn Xperia Z1 net zulke goede cameraonderdelen heeft als een fototoestel. Natuurlijk levert een spiegelreflexcamera met losse lenzen het beste resultaat, maar die heb je niet altijd in je broekzak.

Om te kijken of de foto’s echt zo goed zijn, laat nrc.next zes high-end smartphones testen door het onafhankelijk testlab Hardware.Info. Zij vergelijken de toestellen met een van de meest verkochte instapcamera’s van dit jaar, de Nikon S 3500. Die kost minder dan 120 euro.

Meer licht

Voor de test worden onder meer lensvervorming, ruiswaarde, lichtgevoeligheid en beeldscherpte gemeten. Vrijwel alle telefoons maken goede foto’s bij daglicht, maar het struikelblok is fotograferen in de schemering en in het donker. Daar wreken zich de piepkleine lensjes: door een nauwe opening past weinig licht. Omdat de lensjes zo klein zijn geeft een minuscuul krasje al snel een grote afwijking in het beeld.

Een grote beeldsensor vangt meer licht – dat is belangrijker dan het aantal megapixels. De Nokia Lumia 1020 heeft een sensor van 8.80 x 6.60 millimeter; de grootste oppervlakte onder de telefoons, ook groter dan de Nikon-camera.

Enkele telefoons hebben beeldstabilisatie die de trillingen tijdens het fotograferen vermindert. Daardoor kun je met langere sluitertijden werken – dat levert meer licht op. Ook maak je er minder schokkende videobeelden mee.

Apple voegde in de iPhone 5S een amberkleurig ledlampje toe om huidtinten beter weer te geven. Maar het beste resultaat komt van xenon-lampjes, die je bijvoorbeeld in de Nokia Lumia 1020 en de Galaxy S4 Zoom vindt. Dat zijn ‘echte’ flitsbuisjes, die meer ruimte in beslag nemen. Het toestel wordt er dus dikker van.

Het begon met 0,1 megapixel, maar Sony en Nokia maken nu telefoons met 21 en zelfs 41 megapixel. Dat getal geeft weer hoeveel pixels er op een beeldsensor passen, maar dat zegt niet alles. Te veel pixels op een te klein oppervlakte kunnen juist extra ruis in beeld veroorzaken.

Grotere pixels vangen meer licht. De HTC One heeft daarom geen megapixels maar ‘ultrapixels’ van 2 micrometer (duizendste millimeter) groot. Nokia, Samsung en LG hebben pixels van 1,14 micrometer, Apple gebruikt pixels van 1,5 micrometer.

Minder ruis, meer scherpte

Backside illumination (BSI) is een technologie die ervoor zorgt dat schakelingen op de sensor de lichtinval minder verstoren. Een andere truc is oversampling; elke pixel in de afbeelding is berekend op een gemiddelde van verschillende bronpixels. Het resultaat: minder ruis, meer scherpte als je digitaal gaat inzoomen. Daarvan profiteert met name de Nokia Lumia 1020.

Dankzij de Instagram-rage bieden alle telefoons kleurfilters om plaatjes een retro-uiterlijk te geven. Of je kunt beeldelementen, effecten en kaders toevoegen. Handmatig instellen is ook mogelijk; bij veel telefoons kun je ISO-waarde (lichtgevoeligheid), witbalans of sluitertijd aanpassen. Behalve bij de iPhone; bij Apple kun je alleen op de knop drukken.

Om de toestellen te kunnen vergelijken is tijdens de test gekozen voor de automatische instelling. De Lumia 1020 blijkt de beste cameratelefoon. Die telefoon klopt zelfs in het donker de referentiecamera, de Coolpix S3500 van Nikon. Hier klopt de claim dat een smartphone de compactcamera kan vervangen.

Eén kanttekening: een goede camera past nog altijd niet in de dunne verpakking als die van de iPhone 5S, HTC One of de LG G2. De twee beste cameratelefoons uit deze test hebben een zichtbare uitstulping om hun lens in op te bergen – dat geldt voor de Nokia en zeker de Samsung S4 Zoom. De laatste heeft voor een moderne telefoon wel erg prehistorische proporties.

Met medewerking van Hardware.Info

    • Marc Hijink