Prix de Rome is tragische expositie

Christian Friedrich, A Translation of Unwritten Writings I Foto Daniel Nicolas

Gelukkig voor Koningin Máxima, dat zij geen smaak mag hebben. Niet althans in het openbaar. Daarom zal de uitreiking van de Prix de Rome op 5 november, de belangrijkste beeldende kunst-prijs van Nederland, een simpele klus worden. Máxima hoeft geen oordeel te vellen over de teleurstellende presentatie van de vier eindgenomineerden voor de prijs. Evenmin hoeft ze met haar mond vol tanden te staan als ze een bedrag van 40 duizend euro aan de winnaar van het minst slechte werk mag overhandigen.

De jury van de Prix de Rome kan nog het beste verantwoordelijk worden gehouden voor het keurig netjes ingerichte, maar tragische schouwspel dat zich in De Appel in Amsterdam voltrekt. Het is de eerste Prix de Rome die wordt georganiseerd door het Mondriaan Fonds, dat heeft gekozen voor een transparante procedure. Vijfendertig ‘scouts’ mochten kunstenaars voordragen voor de prijs, een jury koos daar de beste vier uit die 7500 euro kregen om in vijf maanden tijd een nieuw werk te produceren. Die angstvallig geheimgehouden werken zijn nu in De Appel te zien: het is een selectie van overwegend hermetische en visueel totaal oninteressante kunst.

Om met het beste te beginnen. Dat is de hybride installatie van Falke Pisano (1978). Als iemand het verdient te winnen, is zij het. Pisano slaagt er namelijk in om onderzoek naar een maatschappelijk relevant thema – hoe gevangen is het lichaam in een samenleving die alles heeft geprivatiseerd, tot en met de gevangenissen aan toe – op een visueel interessante manier te vertalen. Pisano doet dat met fijnzinnige sjablonen van doodgewone mannen en vrouwen achter tralies, afgedrukt op doorzichtige kamerschermen.

Even verderop toont Ola Vasiljeva (1981) een super esthetisch en semi-diepzinnig allegaartje van dia’s, video, abstracte sculptuurtjes, lapjes stof en kantoormeubilair. De ‘atmosferische’ opstelling die de maakster voor ogen staat, getuigt van vooral vrijblijvendheid en gebrek aan zelfkritiek.

Remco Torenbosch (1982) lijkt dan een openbaring, met zijn minimalistische ruimte vol knalblauwe doeken, in vitrines gestapeld, aan de muur gespannen. Zijn onderzoek naar het ontstaan van de Europese vlag is vanuit de beste bedoelingen gestart, maar ook bij hem geldt: als je onderzoek niet bijster veel interessants oplevert, wees dan kritisch en erken je verlies.

De grootste teleurstelling vormt het werk van de Deense Christiaan Friedrich. Friedrich maakte de afgelopen jaren op De Ateliers furore met woeste, neogotische totaaltheaterstukken. Voor de Prix de Rome heeft hij gekozen voor een hoop poeha om niets. Een uur lang word je als bezoeker ‘opgesloten’ in een donkere ruimte, waar je moet luisteren naar een onnavolgbare woordenstroom op band. Speelt de kunstenaar Game of Thrones na? Luisteren we naar iemand die te veel hallucinerende paddenstoelen heeft gegeten? Of kijken we terug naar een Tweede Wereldoorlog in de toekomst? Friedrich heeft zich op geen enkele manier verdiept in de overdracht van zijn werk naar het publiek. En dat publiek valt in slaap op zijn stoel, houdt het na tien minuten voor gezien, of is gewoon diep teleurgesteld over zoveel gebrek aan visuele zeggingskracht.

    • Lucette ter Borg