Nieuwe aanklachten ingediend tegen Russische oppositieleider Navalny

Foto Reuters/ Maxim Shemetov

Tegen de Russische oppositieleider Aleksej Navalny zijn nieuwe aanklachten ingediend wegens diefstal en witwaspraktijken. Ook zijn broer Oleg is aangeklaagd.

De voornaamste Russische onderzoekscommissie zei vandaag dat Navalny en zijn broer ervan beschuldigd zijn voor meer dan dertig miljoen roebel (zo’n 685.000 euro) van een commercieel bedrijf te hebben gestolen. Navalny verwierp de aanklachten: volgens hem zijn ze wederom politiek gemotiveerd.

In juli van dit jaar werd Navalny veroordeeld tot vijf jaar cel wegens corruptie. Hij zou 400.000 euro aan hout hebben verduisterd, dat tegen een kunstmatig hoge prijs aan een staatsbedrijf werd verkocht toen hij in 2009 werkte als adviseur van de liberale gouverneur van de regio Kirov. Navalny en zijn aanhangers zeiden toen ook al dat het proces politiek gemotiveerd was. Zijn straf werd eerder deze maand omgezet in een voorwaardelijke straf.

Navalny verraste bij burgemeestersverkiezingen

Omdat hij zijn hoger beroep van deze maand in vrijheid mocht afwachten, kon Navalny meedoen aan de burgemeestersverkiezingen in hoofdstad Moskou, de eerste in tien jaar. Die werden, zoals verwacht, gewonnen door Poetin-bondgenoot Sergej Sobjanin. Maar Navalny deed het het opvallend goed en kreeg 27 procent van de stemmen. Het was een teken van de steun die er in Rusland voor hem is.

Navalny, een jurist, heeft in het land naam gemaakt met het blootleggen van corruptie. Ook heeft hij leiding gegeven aan een reeks massaprotesten na de presidentsverkiezingen van maart vorig jaar tegen de terugkeer van Vladimir Poetin als president.